Opinie

Een bonus in crisistijd? Beetje wereldvreemd

Menno Tamminga

Niks te verdelen? Dan ook niks uitdelen. Waar de winst verdampt, vergaat het ‘recht’ op bonus. De oproep van beleggersvereniging VEB aan de top van beursgenoteerde bedrijven om af te zien van variabele beloningen over 2020, heeft een onverbiddelijke logica. Economen mogen debatteren over de vraag of deze economische crisis zwaarder is dan die van 2009-2012, voor wie er middenin zit, maakt dat niks uit. De overheid intervenieert in elk geval met ongehoorde maatregelen en onvoorstelbare bedragen in de economie. Het sociale vangnet wordt uitgebreid, voor de zelfstandige ondernemer die er in z’n eentje voorstaat tot en met een multinational als KLM, een van de grootste particuliere werkgevers van Nederland.

Loonkostensteun, inkomenssteun, de blanco cheque voor de gezondheidszorg. Allemaal: rekening Den Haag.

Koning Willem-Alexander belt persoonlijk de Duitse leverancier van beademingsapparatuur Dräger om de Nederlandse bestelling te bespoedigen. Het land zit, al is het tijdelijk, ten dele in een oorlogseconomie, waarin alles is gericht op overleven. Onder leiding van een ‘oorlogskabinet’, met PvdA’er Martin van Rijn als minister voor Medische Zorg in een centrum-rechts kabinet.

Lees ook dit achtergrondverhaal over beloningen en de crisis:Wil de toplaag offers brengen? Misschien later

Onder deze omstandigheden komt de reactie van de top van grote ondernemingen op de VEB-oproep wereldvreemd over. Afwerend. Afwachtend. Lou loene. Misschien morgen. Of later.

De economische crisis kan grote delen van het bedrijfsleven dusdanig lamleggen, dat topmanagers en hoger kader hun variabele beloningen helemaal niet ontvangen. Gewoon omdat de doelstellingen voor omzet, winst en rendement niet gehaald worden. Maar zeker is dat nu allerminst.

Steeds meer bedrijven formuleren ook niet-financiële doelstellingen, die gekoppeld zijn aan milieu, digitalisering of klant- en personeelstevredenheid. Het zou best kunnen dat sommige daarvan nu wél soepel gehaald worden omdat productieproces en dienstverlening radicaal zijn veranderd. Worden er dan tóch straks bonussen uitbetaald? Of zetten de commissarissen, die over het beloningsbeleid gaan, er een streep door omdat het in de maatschappelijke omstandigheden niet passend zou zijn?

Het slimme van de oproep van de VEB is dat het bedrijfsleven niet áchteraf hoeft te constateren dat er niks te verdelen viel. Het economisch en maatschappelijk onheil is nu al voor iedereen zichtbaar. Wie vandaag de bonus laat vallen, onderneemt zelf actie en zet de schouders eronder. Iets met leiderschap?

Je kunt het onderwerp ook anders benaderen, maar dan wordt het zo politiek. De economie en het bedrijfsleven krijgen nu ongekende staatssteun. En staatssteun gaat steevast gepaard met voorwaarden. Zoals: matiging van topbeloningen. Of wil het bedrijfsleven liever dat de Tweede Kamer de oproep van de VEB in wetgeving vastlegt? Dan hoeft men niet zelf te kiezen. Voorstemmers zijn er genoeg in de Kamer, denk ik. Misschien zelfs wel voor radicaler voorstellen.

En de bedrijven voor wie de crisis extra omzet én lastige werkomstandigheden geeft, zoals supermarkten? Albert Heijn. Jumbo. Zij profiteren ook van de acties van het kabinet om de koopkracht van de burgers op peil te houden. Moet de top daar ook inleveren? Ook als de winst wel standhoudt?

Ja, lever maar in. Maar wees ook royaal. Doe het eens anders. Geef iedereen hetzelfde bedrag als winstdeling. Van de jongste vakkenvuller tot en met Ahold-Delhaize-chief Frans Muller. Is er wat te verdelen? Dan eerlijk uitdelen.

Menno Tamminga schrijft op deze plaats elke dinsdag over ondernemingsbeleid en economie.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.