Opinie

Hoekstra en Rutte, geen excuses nodig

Menno Tamminga

Het is maar een tip... Als ik de Italiaanse minister van Financiën was, zou ik pronto naar een sober optrekje verhuizen. Met wat doorleefde meubels uit de jaren vijftig. Zodat minister Wopke Hoekstra (Financiën, CDA) in zijn volgende videotelefoontje over corona-obligaties en Nederlandse steun aan Italië denkt: mmm, als hij zo gewoontjes is gebleven...

Soberheid werkt, vooral als het van nature gaat. Toen de twee topuitvoerders van de Amerikaanse Marshallhulp in 1949 het Haagse rijtjeshuis van premier Willem Drees (PvdA) verlieten, zei de een tegen de ander: „In a country where the Prime Minister lives like this, our money is very well spent.” Waar een premier zo woont, is ons geld goed besteed.

De anekdote staat in het boek Hoed af voor Marshall van Pien van der Hoeven. Politici die nu pleiten voor een Marshallplan voor Zuid-Europa (ChristenUnie-leider Segers), of Hoekstra op de korrel nemen vanwege zijn harde toon (zoals D66-chef Jetten) zouden dit moeten lezen. Historicus en premier Mark Rutte (VVD) is vanzelfsprekend bekend met de geschiedenis van het Marshallplan. Toch?

Lees ook deze achtergrond over steun aan Zuid-Europa:Italië redden, dat betekent Nederland redden

Wat valt er op als je de Amerikaanse Marshallhulp (1948-1952) afzet tegen het debat over coronabestrijding en Europese solidariteit?

Om te beginnen was de naamgever, George C. Marshall, geen geldman. Hij was minister van Buitenlandse Zaken. De oorlogsgeneraal die diplomaat was geworden.

Twee: de Marshallhulp was deels schenking, deels lening. Nederland kreeg in totaal 1.127 miljoen dollar en moest 13 procent ervan later terugbetalen.

Drie: de hulp had meerdere doelen. Europese integratie. Economisch herstel stimuleren. Vrijhandel bevorderen. Én de gevaarlijk grote communistische partijen (30 procent van de kiezers) in Frankrijk en Italië de wind uit de zeilen nemen.

Europa was verwoest in de oorlog. De winter van 1947/48 was streng, het brandstoftekort was nijpend. Door een tekort aan dollars en door een nationalistische economische politiek bleef Europa verarmd en verdeeld. De Koude Oorlog woedde. Griekenland was in burgeroorlog. De Pax Britannica werd abrupt vervangen door de Pax Americana. De toestand in Europa verslechterde zo snel dat Marshalls aankondiging naar voren werd gehaald. Hij liet Harvard University weten dat hij het eredoctoraat, dat hij in de oorlog nog had geweigerd, nu kwam ophalen. Daar lanceerde hij op 5 juni 1947 zijn plan.

Vier: het Amerikaanse Congres stelde de nodige eisen. Het beoogde bedrag werd niet in één keer goedgekeurd. Er moest jaarlijks een begroting worden ingediend. De Senaat eiste ook Amerikaanse toegang tot strategische grondstoffen (bauxiet, nikkel) van de Europese landen én hun koloniën.

Vijf: het plan wérkte. Met de Amerikaanse dollars kon Europa Amerikaanse machines en graan bestellen. De Amerikaanse regering hield toezicht op de besteding van het geld. Het moest de industrialisatie en de economische kracht ten goede komen. Nederland besteedde de hulp aan inpolderingen van het IJsselmeer, landbouw, innovatie voor Hoogovens, onderzoek (TU Delft) en de Deltawerken, schrijft Van der Hoeven.

Nederland moet dankbaar zijn voor de gulheid van de VS. Maar het Marshallplan was óók bikkelharde economische en veiligheidspolitiek. Daar hoeven Rutte en Hoekstra zich bij de hulp aan Italië niet voor te schamen.

Menno Tamminga schrijft over economie en ondernemingsbeleid.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.