Ook katachtigen kunnen het nieuwe coronavirus krijgen

Covid-19 Katten en andere dieren kunnen met het nieuwe coronavirus besmet raken – dat gebeurde onder andere bij een tijger in de Bronx Zoo. Overdracht van huisdier op mens is nog niet vastgesteld.

Katten kunnen het coronavirus ook op elkaar overdragen, blijkt uit onderzoek in het lab.
Katten kunnen het coronavirus ook op elkaar overdragen, blijkt uit onderzoek in het lab. Foto EPA/PATRICK PLEUL

Zondag werd bekend dat Maleise tijger Nadia in de Bronx Zoo in New York positief is getest op het nieuwe coronavirus. Ook haar zus Azul, twee Siberische tijgers en drie Afrikaanse leeuwen hebben last van Covid-19-achtige ziekteverschijnselen zoals een droge hoest, maar zij zijn nog niet getest. De dieren zijn mogelijk geïnfecteerd door een dierverzorger die zonder dat hij of zij het had gemerkt besmet was. De dierentuin is al sinds 16 maart gesloten voor publiek.

Dierenartsen en het RIVM waarschuwden al eerder in het algemeen dat mensen die klachten hebben die lijken op Covid-19, beter even geen intensief contact met dieren kunnen hebben. Katten, vooral jonge katten, zijn gevoelig voor besmetting met het nieuwe coronavirus, SARS-CoV-2. Geïnfecteerde katten kunnen ook soortgenoten besmetten. Honden zijn veel minder bevattelijk voor het virus, en varkens, kippen en eenden zijn dat helemaal niet. Behalve katten blijken ook fretten gevoelig.

Dat komt naar voren uit een serie besmettingsproeven door wetenschappers van het veterinair onderzoeksinstituut in Harbin, China. Hun resultaten zijn als preprint verschenen op de publieke server bioRxiv, en zullen later in een wetenschappelijk tijdschrift verschijnen.

„Interessante bevindingen”, vindt Els Broens, veterinair microbioloog aan de Universiteit Utrecht. „Ja, het virus kan zich in katten vermeerderen, er is geen reden voor paniek of zorg bij katteneigenaren. Er zijn geen aanwijzingen dat het van kat naar mens zou kunnen gaan. Het risico daarvan zou denk ik ook verwaarloosbaar zijn in vergelijking tot de grote overdracht die in deze epidemie van mens op mens plaatsvindt.”

Virus in neus en bek

Het Chinese laboratoriumonderzoek bevestigt waarnemingen dat huisdieren het virus kregen van een eigenaar met Covid-19. In Hongkong gebeurde dat twee keer bij honden, maar die werden er zelf niet ziek van. Het virus werd aangetroffen in hun neus en bek. „Een hond had ook antistoffen tegen het virus in het bloed, wat erop wijst dat het dier een infectie moet hebben doorgemaakt”, zegt Broens.

Eind maart kwam er een melding van een besmette kat uit België, evenals een melding uit Hongkong. Broens: „De Belgische kat had klinische verschijnselen – hoesten, braken en diarree, maar het is niet zeker of deze door het coronavirus zijn veroorzaakt. Het virus werd vervolgens aangetroffen in poep en braaksel van de kat, maar het is niet duidelijk of het virus zich in het dier had vermeerderd of dat ze het gewoon had opgelikt uit de omgeving. De Belgische kat is inmiddels weer beter. De kat in Hongkong had geen verschijnselen, maar wel virus in bek en neus.”

Op basis van die zeldzame meldingen denkt Broens dat besmetting van huisdieren door hun baasjes „zeer incidenteel” kan voorkomen. „Maar nu we dit weten, is het wel van belang om dit soort meldingen te blijven volgen.”

Geen vaccin

Dat in de Chinese besmettingsproeven katten toch wel bevattelijk bleken, en dat ze het virus in twee van de zes gevallen ook konden overdragen aan katten in naburige hokken, komt doordat ze een zeer hoge dosis virusdeeltjes in hun neusholte kregen. Zo’n extreme blootstelling komt in de praktijk niet voor. Dat in het Chinese onderzoek jonge katten bevattelijker bleken voor het virus, terwijl dat bij mensen juist ouderen zijn, kan Broens niet verklaren.

Katten kunnen ook ziek worden van een ander coronavirus, waartegen een vaccin is. Maar dat zal niet werken tegen het nieuwe coronavirus, zegt Broens: „De familie van coronavirussen is heel erg groot, en dit nieuwe virus staat zo ver af van het kattenvirus waartegen een vaccin is, dat we ervan uitgaan dat het vaccin hier niets tegen doet.”