Iets goed doen door friet te eten

Wat eten we? Door de coronacrisis zitten de telers van frietaardappelen met enorme overschotten. Trakteer elkaar de komende tijd op ‘benefrietjes’.

Foto Getty Images

En iedereen maar thuiszitten en maar denken: wat zullen we eens eten? En hoe zullen we eens koken? Het moet goed, beter, best! We moeten er gezond van blijven. We moeten de wereld er geen schade mee doen. We moeten er liefst iemand mee helpen. We moeten het lekker vinden. De kinderen moeten het ook lekker vinden. Het moet leuk zijn om klaar te maken. Het moet niet steeds hetzelfde zijn. Het mag bewerkelijk zijn. Maar niet te, met jengelende kinderen en werk dat gewoon gedaan moet worden. We moeten er een goed humeur van krijgen. We moeten niet elke dag naar de winkel hoeven. Het moet bewaarbaar eten zijn. Het moet vers eten zijn.

Enzovoort. De eisenlijst is er heus niet ineens minder op geworden.

Sommige etenswaren blijken nu minder bewaarbaar dan gedacht – champignons bijvoorbeeld. Wat gaan die snel stinken! En wat stinken ze dan meteen vies!

Overigens is er met champignons wel meer aan de hand. De niet-biologische champignonkweek is niet bepaald iets om toe te juichen, er wordt veen voor afgegraven en uit veen komen wolken CO2.

Zucht. Maar de wereld helpen kan op allerlei manieren, ook onverwachte. Zo is er nu bijvoorbeeld ‘benefriet’.

De aardappelketen steunen

Door de coronacrisis en de sluiting van de horeca blijven de telers van frietaardappelen met reusachtige overschotten zitten. De Branche Organisatie Akkerbouw deelt nu op woensdagen friet uit aan mensen in de ‘vitale sectoren’ en moedigt verder iedereen aan om elkaar in de maand april te trakteren op een portie ‘benefrietjes’ om zo de hele aardappelketen te steunen.

Lees ook Een miljard kilo frietaardappelen: niemand wil ze meer hebben

Kijk, zoiets is mooi. Zo kun je friet eten en tegelijkertijd goed zijn voor de economie. Zelf mayonaise erbij maken, voor de nodige handenarbeid, of eens een ander soort sausje verzinnen. Of de frieten ook zelf maken, als de aardappelbranche dat goed vindt. Gewoon nepfrieten uit de pan, heb je niet het hele huis, waar je toch al in opgesloten zit, ook nog vol frituurwalm staan. Dunne koekenpanfriet met paprikapoeder en cayennepeper en een snuifje komijn, dopen in de dikste Griekse yoghurt, met citroensap en fijngesneden munt, dille en peterselie – dat is niet vies. Dat lusten de kinderen ook. Dat is goed voor humeur en wereld en ook niet al te tijdrovend, leuk om te maken, bewaarbaar en vers tegelijk, hulpvaardig en heerlijk. Dat voldoet, kortom, aan alle criteria.

Denk er eens aan. Benefriet.