Meubels aan de kant! Hoe dansers hun lichaam in beweging houden

Dansers in coronatijd Voor dansers is het stilvallen van alle activiteit in de theatersector extra ingewikkeld. Hoe onderhouden zij hun lichaam?

Danser Adi Amit alleen in de studio tijdens haar eerste werkdag voor het project ‘Monuments in solitude’ van Conny Janssen Danst.
Danser Adi Amit alleen in de studio tijdens haar eerste werkdag voor het project ‘Monuments in solitude’ van Conny Janssen Danst. Conny Janssen Danst

Dansers willen bewegen. Niet alleen omdat het voor hen een innerlijke drang is – in de zomervakantie houden ze het vaak maar twee, maximaal drie weken vol zónder – maar ook omdat ze wel moeten bewegen om hun lichaam en verfijnde techniek te onderhouden. Dat is hun werkkapitaal, hun instrument. En dat heeft ruimte nodig, met idealiter een goede (zwevende) balletvloer ter bescherming van gewrichten. Anders dan musici of acteurs kunnen dansers (en dansstudenten) niet goed thuis studeren. Zonder theater of dansstudio zijn de mogelijkheden zeer beperkt.

De verlenging van de ‘intelligente lockdown’ tot 1 juni komt in de dans dus extra hard aan. Maar met hun kenmerkende discipline gaan de dansers in Nederland, geholpen door online coaching en begeleiding vanuit de gezelschappen de uitdaging aan. Meubels aan de kant!

Pilatesles

Alle gezelschappen in Nederland bieden hun dansers wel enige vorm van begeleiding en ondersteuning aan. Het minimum bestaat uit schema’s voor conditie- en krachttraining of een appgroep. Maar er wordt ook groepsgewijs getraind, via apps als Google Hangout, Zoom of Team: docent met pianist in een lege studio, deelnemers thuis met de hand aan aanrecht, stoelleuning of boekenkast, ter vervanging van een balletbarre. Bij Het Nationale Ballet krijgen de dansers bijvoorbeeld dagelijks les vanuit de studio, aangevuld met drie maal per week een Pilatesles. Ook bij een kleine groep als LeineRoebana wordt via Zoom getraind. „Wie dat prettig vindt, kan ook samen mediteren”, vult Andrea Leine aan.

Er zijn ook creatieve oplossingen. Voordat vorige week maandag de nieuwe, strengere richtlijnen van kracht werden, hebben leden van Introdans op gepaste afstand van elkaar en het publiek in een winkelstraat een openbare training aan de barre gedaan. Dat is intussen ondenkbaar. Scapino Ballet Rotterdam houdt de dansers bezig met opdrachten voor thuis, én het verzoek die te filmen, voor op de Scapino Facebookpagina – al dan niet met peuter of huisdier als charmante stoorzender.

Het roer kwijt

De meeste studio’s staan nu leeg, maar Conny Janssen geeft haar dansers met een of twee tegelijk de beschikking over haar studio, „omdat dat lijf de ruimte in moet”, aldus Janssen. Zij houdt haar dansers verder ‘geprikkeld en verbonden’ met opdrachten en peptalks. „Je hebt de verantwoordelijkheid voor jonge mensen die het roer kwijt zijn. Dat mag je niet veronachtzamen.”

Goede mentale bijstand is in de hele sector een punt van aandacht. Met online ‘company meetings’ en individuele gesprekken op afstand probeert men de moed erin te houden en ‘de boel bij elkaar te houden’. Voor dansacademies is de crisis al even ingrijpend. Dansers in opleiding missen hun dagelijkse correcties en audities zijn gecanceld; per video hengelen honderden danslustige studenten nu naar de schaarse plaatsen.

Lees ook: Dans online: wat beweegt er nog?

Naast de relatief jonge leeftijd is het internationale karakter van de danssector (net als in de muzieksector) een complicerende factor. Dansers komen van over de hele wereld en zijn de Nederlandse taal vaak niet machtig. Er worden dus druk nieuwsbrieven in het Engels rondgestuurd met de laatste ontwikkelingen en richtlijnen van de Nederlandse overheid. Ook de vele buitenlandse zzp’ers die in de Nederlandse danssector werkzaam zijn, worden op de hoogte gehouden van de uitkeringsmogelijkheden voor de stilzittende danszzp’ers, die vooral op projectbasis werken met choreografen of kleinere gezelschappen.

Alternatieven ontwikkelen

Met het oog op de jongste ontwikkelingen wordt het seizoen door de meesten wel als verloren beschouwd. Danserslichamen hebben tijd nodig om weer in vorm te raken, en een nieuwe choreografie vergt ook weken van instuderen en/of creëren. Mochten op 2 juni de deuren van theaters en studio’s weer opengaan, dan zal dat voor de meesten vooral betekenen dat er weer goede trainingsvoorzieningen beschikbaar komen.

Ondanks de grote verslagenheid is er een enorme drive en gretigheid om alternatieven te ontwikkelen. Het internet is één groot corona-doe-dansboek geworden voor dansers en publiek. En wie weet kunnen er zelfs nieuwe genres ontstaan. In Groningen wordt bij Club Guy & Roni gewerkt aan een manier om sociale media niet alleen als promotie- en contactplatform te benutten, maar als presentatiemogelijkheid voor een specifiek, artistiek product: een choreografie met afstand als vorm én thema.