Recensie

Recensie Boeken

Gegrepen door Jonathan Safran Foer? Ook dit boek van zijn moeder ontroert

Esther Safran Foer Haar zoon zocht vergeefs, maar zijn moeder speurt wereldwijd verder naar haar door de nazi’s vermoorde vader. Een reis terug in de tijd.

Esther Safran Foer (1946) is al in de veertig als ze haar moeder vraagt naar de oorlogservaringen van haar vader – die is overleden toen ze acht was. Ze wil zich voorbereiden op een lezing in de plaatselijke synagoge in Washington, waar de familie na de Tweede Wereldoorlog neerstreek.

‘Mijn moeder nam een slokje van haar geliefde oploskoffie en vertelde nonchalant dat mijn vader in het getto had gewoond met zijn vrouw en dochter’, schrijft ze. ‘Ze waren allebei door de nazi’s vermoord terwijl hij dwangarbeid verrichtte. Ik was verbijsterd en riep uit: „Wat? Hij had een vrouw en een dochter?”’

Jaren later spoorde ze haar zoon Jonathan aan af te reizen naar Oekraïne, om de geschiedenis van de familie te achterhalen. Hoe heette haar zus? Wie hielp haar vader onderduiken, zodat hij de oorlog overleefde en kon hertrouwen?

Jonathan vond geen antwoorden maar schreef wel een internationale bestseller, Alles is verlicht. Daarin gaat een jonge Amerikaan in Oekraïne op zoek naar de geschiedenis van zijn grootvader.

Wie gegrepen werd door de roman van de zoon zal ook nieuwsgierig zijn naar het boek van zijn moeder. In Ik wil je laten weten dat we er nog zijn beschrijft Esther Safran Foer hoe ze de zoektocht voortzet. Ze speurt in archieven, stuurt speekselmonsters naar DNA-banken en huurt een voormalige FBI-agent in. Zo vindt ze op verschillende continenten steeds meer mensen die banden hebben met de sjetls waar haar familie vandaan komt. Maar voor echte antwoorden op haar vragen moet ze zelf naar Oekraïne. En dat doet ze, met die ene foto van haar vader en de Oekraïner die hem vermoedelijk hielp onderduiken.

Het wordt een reis terug in de tijd. Trochenbrod, het dorp waarvan ze lange tijd dacht dat haar vader er vandaan kwam, bestaat niet meer. Wegen ernaartoe ook niet.

Chique restaurants

Esther Safran Foer beschrijft hoe ze de reis met een groep ‘Trochenbroders’ uit Israël, Zuid-Amerika en de VS maakt op met hooi beladen paard-en-wagens. Er staat alleen nog een boom uit de tijd dat Trochenbrod een dorp was.

Lees ook: Jonathan Safran Foer: ‘Het gaat om wat je doet’

Een groot schrijver is Esther Safran Foer niet. Maar haar verhaal ontroert bij vlagen en haar beschrijvingen zijn levendig. Vooral die van haar oude moeder: je ziet haar voor je, een vrouw die ontberingen moest doorstaan om uit handen van de nazi’s te blijven en jaren later in de VS nog bonnetjes spaart om voedselvoorraden aan te leggen. Die in chique restaurants ‘schaamteloos’ broodjes jat en die tot ‘enorme gêne’ van haar dochter in haar handtas laat glijden.

‘Maar wie kon het haar kwalijk nemen, deze vrouw die ooit om zich het vege lijf te redden aardappelen had moeten stelen en die in haar broekzakken had verborgen’, schrijft ze. ‘Toen ze op hoge leeftijd bij ons was ingetrokken, vond ik wel eens stukjes chocolade die ze stiekem had verstopt in haar rollator of op haar slaapkamer. Gewoon voor het geval dat.’