Opinie

De knuffelmachine

Ellen Deckwitz

Dus gistermiddag werd ik gefacetimed door de neefjes (11 en 13). „Ja hoi!”, schreeuwde de oudste uitgelaten, „sorry maar we hebben een uitvinding gedaan, dit moet je zien!” Het beeld kantelde en ik zag twee luchtbedden die aan een zijde aan elkaar waren geducttapet, waardoor er op de woonkamervloer een soort scharnier lag. De jongste nam plaats op de linkerkant, de oudste vouwde de rechterzijde over hem heen en tapete de twee helften vervolgens aan elkaar vast. Het hoofd van de jongste stak eruit als een worst uit een broodje.

„Tadaaa!”, zeiden ze.

„Knap zeg, wat is het?”

„Het is een apparaat tegen isolement!”, glunderde de jongste.

„Wij lazen dat de mensen die alleen thuis zitten vanwege de corona last krijgen van huidhonger, dat is dat je lichaam het mist om te worden aangeraakt.”

„Op een fijne manier dan hè”, riep de jongste vanuit de opblaassandwich, „dus in elkaar geslagen worden telt niet!”

„Lichamelijk contact is dus superbelangrijk, als je dat niet vaak genoeg doet loop je allemaal belangrijke hersenstoffen mis en word je depri.”

„En daarom vonden we deze machine uit, dan kan je worden geknuffeld wanneer je alleen bent!”

„Maar”, zei ik, „je hebt toch iemand nodig om je apparaat dicht te tapen?”

„Ja, daar werken we nog aan”, peinsde de oudste, „we willen proberen om dat te automatiseren, iets met een katrol, een drone of anders gewoon plakband met afstandsbediening.”

Ik verpestte de sfeer maar even niet door erop te wijzen dat de Amerikaanse hoogleraar Temple Grandin al in 1965 een knuffelmachine ontwierp. Speciaal voor mensen met autisme die een omhelzing te heftig vinden, maar wel rustig worden wanneer er druk op hun lijf wordt uitgeoefend, net zoals baby’s die van inbakeren kalmeren. Grandins knuffelmachine bestaat uit houten platen met zachte voering, het is een soort XL-tosti-ijzer voor mensen.

„Ik denk echt dat dit de uitvinding van de eeuw is”, straalde de oudste.

„Het is hygiënisch, duurzaam en efficiënt!”, jubelde de jongste, „en er is een markt voor, want zo veel mensen zijn alleen!”

„Huidhonger kan je dus bestrijden zonder iemand anders ervoor aan te spreken”, mompelde ik.

„Precies!”, glunderde de oudste, „knuffels zijn supermakkelijk na te maken, het enige dat je ervoor nodig hebt zijn tape en luchtbedden!”

„En eenzame mensen”, zei ik.

„Ja, fantastisch toch”, riep de oudste, „zijn die ook nog eens ergens goed voor!”

Ellen Deckwitz schrijft op deze plek een wisselcolumn met Marcel van Roosmalen.