Recensie

Recensie

De Renault Captur is balsem voor de nesteldrang

Autotest De Renault Captur is niet revolutionair, niet eens de benchmark in zijn genre, maar hij heeft wat weinig auto’s hebben: hij behaagt, schrijft .
De Renault Captur
De Renault Captur Foto Merlijn Doomernik

De Renault Captur kreeg een drastische facelift die hem boven wonder goed deed. Vaak mismaakt zo’n restyling een in zijn oergedaante consistent ontwerp en is het resultaat een overgeplamuurde Hollywoodmevrouw. Vreemd genoeg gaan zelfs de stijlbewuste Fransen vaak de fout in. Van de Citroën GSA tot de herziene Renault Vel Satis van 2006 trekt een reeks van mislukte make-overs een spoor van ontluistering door de eregalerij van Franse meesterwerken.

De Captur won juist aan glans. De kneuterig geblokte achterlichtjes maakten plaats voor joyeus gekalligrafeerde C-vormige lichtbalken in de zwierige schetsstijl van oude mode-illustraties. Het front werd in lijn gebracht met de kordate gezichtsuitdrukking van jongere Scénics en Espaces. De zijruiten worden voortaan gedragen door een chroomlijst die zich na een klim via de C-stijl kittig aan de aflopende daklijn hecht. Hij is er groter en stoerder door gaan lijken. En met de sterkste nieuwe viercilindermotor is die indruk voor het eerst geen optische misleiding meer.

Honderdvijfenvijftig pk uit maar 1.330 cc levert het alleen met automaat leverbare, Initiale Paris gedoopte topmodel. Hoe geestig, zo’n bedaard mpv’tje met een topsnelheid van ruim 200 en de acceleratie van een tweedehands GTI. Je vraagt je af wat Renault ertoe bewoog een autootje voor zachtmoedige huisvaders en -moeders zo toxisch te masculiniseren, terwijl de meeste Captur-rijders waarschijnlijk niet eens beseften dat er überhaupt auto’s met meer dan 90 pk bestaan. De dubbele gevoelens zijn snel van de baan. Het surplus aan vermogen maakt de auto minder dan verwacht nerveus. De gevreesde overkill brengt juist rust. Het turbodoosje is geen oproerkraaiend onderbuikvervoer geworden. Het schudt zijn royale energiereserves kalm uit de mouw met de souplesse die een zegen is in druk verkeer, zet zonder kelige akoestische protesten grote stappen. Je rijdt op halve kracht een kleintje met de soevereiniteit van een grote. Hij blijft er met zo’n 1 op 15 bovendien redelijk zuinig bij voor een hoogbouwproduct met een leeggewicht van 1.250 kilo. En je valt nergens op, omdat de ganse nette middenstand Captur rijdt. Dat heeft iets mateloos aantrekkelijks. Hij biedt het privilege van de anonimiteit die de essentie van beschaving is; alleen zichtbaar zijn waar het nodig is. Er passen vier aardige mensen in, die zich in hun coconnetje met veel sfeer en jammerlijk weinig uitzicht blindelings geborgen zullen voelen. Hij is balsem voor de nesteldrang.

Die twee factoren funderen zijn meerwaarde. Daar komt het comfort nog bij. Voor een auto in zijn klasse is de Captur ontzettend stil, hij zit goed, en de uitrusting laat niets te wensen over.

Overdadig gooi- en smijtwerk

Dit is natuurlijk wel een Heel Speciale. Het Initiale-logo is gereserveerd voor de meest luxe Renaults van elke modelreeks. Het staat symbool voor de excessiviteit van overdadig gooi- en smijtwerk met chroom, leer en hout. Sympathiek is dat Renault van oudsher ook de kleine modellen als Twingo en Clio die koninklijke route gunde. Die werden voor bescheiden bedragen een soort ironisch commentaar op hun plaats in de pikorde. De opper-Captur past in die traditie. Hoewel 35 mille geen fooi is, moet je voor een vergelijkbaar pretpakket met een marktconforme dot vermogen bij Mini stukken dieper in de buidel tasten, terwijl het afwerkingsniveau van de Renault niet wezenlijk achterblijft bij de voor premium versleten Duits-Britse tegenhanger. Een iets minder riant uitgevoerde Captur met dezelfde motor plus automaat is er trouwens al voor vijf mille minder. De Initiale wettigt zijn prijstoeslag met koket gestikt wit leer, als ‘noir amethyste’ betitelde maar in zonlicht donkerpaars opgloeiende lak met crèmewit dakje, verwarmbaar stuur en elektrisch verstelbare bestuurdersstoel, 18 inch wielen en een elektronische parkeerhulp voor strategisch mindervaliden. Meer hout was mooi geweest en de koele hightech van het grote staande multimediascherm schuurt een beetje met de wuft-saloneske intenties, maar je leeft niet ongestraft in 2020. Ach, de nieuwe zakelijkheid heeft ook voordelen, zoals Apple CarPlay of een bluetoothverbinding voor de telefoon en muziekstreaming naar de fijne Bose-geluidsinstallatie met acht speakers en nog wat. Die Initiales zijn de laatste decadente Fransozen. Curieus. Dit wagentje is niet revolutionair, niet eens de benchmark in zijn genre, maar het heeft wat weinig auto’s hebben; het behaagt.