Opinie

Hongaarse noodwet is onverhulde greep naar de macht

Viktor Orbán

Commentaar

Om een crisis als de coronapandemie het hoofd te bieden grijpen overheden naar bevoegdheden die ze onder normale omstandigheden niet hebben. Regeren per noodwet en noodverordening is gangbaar, vrijheidsbeperking is een overlevingsstrategie geworden. Voor die uitzonderlijke bevoegdheden is begrip en het recht laat er ook ruimte voor – zolang de vrijheidsbeperkingen tijdelijk zijn, proportioneel en verband houden met de crisis die bestreden moet worden.

De Hongaarse premier Viktor Orbán heeft ook nieuwe bevoegdheden gekregen. Hij kan in principe voor onbepaalde tijd per decreet, dus buiten het parlement om, regeren. Het parlement is weliswaar niet ontbonden, maar de regering kan feitelijk op eigen houtje wetten maken en afschaffen.

De noodwet gaat in theorie over de periode waarin het virus wordt bestreden én over de economische wederopbouw die erop moet volgen. Wanneer de noodsituatie ophoudt te bestaan, bepaalt de regering Orbán.

Iedereen die intussen onjuiste informatie verspreidt kan tot vijf jaar cel krijgen. Wat onjuiste informatie is, bepaalt de regering Orbán.

De ingreep, die maandag door het parlement in Boedapest werd goedgekeurd, leidde prompt tot internationale protesten. De Raad van Europa, de mensenrechtenorganisatie Helsinki Comité en de OVSE waarschuwden dat de gezondheidscrisis geen democratische crisis mag worden.

Het verbaast niet dat het uitgerekend het Hongarije van Orbán is dat in de noodsituatie geen maat kan houden. Hongarije staat al jaren onder verscherpt toezicht van de Europese Unie voor schending van de democratische uitgangspunten waar elke lidstaat zich aan committeert. De EU heeft Hongarije jaren achtervolgd met inbreukprocedures. In 2018 is het Europees Parlement een artikel 7-procedure gestart die zou kunnen uitmonden in het einde van medezeggenschap van Hongarije in Europese besluitvorming. In januari dit jaar riep het parlement lidstaten nog op de druk op Hongarije te verhogen.

Eurocommissaris Didier Reynders (Justitie, België) liet nu per tweet weten dat hij de nieuwe noodwet zal toetsen. De voormalige Italiaanse premier Matteo Renzi zei dat „de Europese Unie moet handelen en [Orbán] dwingen van mening te veranderen. Of, simpelweg, Hongarije uit de Unie zetten.”

De Hongaarse regering vindt de kritiek ongegrond en smadelijk. Ze belooft immers dat het noodrecht zal worden ingetrokken als de coronacrisis voorbij is. Bovendien stelt ze dat ook het parlement er een einde aan kan maken. Maar Orbáns partij Fidesz heeft een tweederde meerderheid en dus kan de regering de facto nu doen waar ze zin in heeft.

De vraag is waarom Orbán de omstreden noodwet überhaupt nodig had. Hij had immers al een meerderheid die groot genoeg is om de grondwet bij te stellen en algemene verkiezingen zijn er bovendien pas over twee jaar.

De maatregelen maken het voor de toch al verzwakte oppositie en pers nóg moeilijker om kritiek uit te oefenen. Orbán kan sneller maatregelen nemen en het parlement kan niks amenderen. De oppositie heeft in het parlement bovendien geen podium meer en trekt daardoor minder media-aandacht. Orbán heeft, kortom, de al zwaar gehavende democratie in zijn land nog verder verzwakt. Zijn noodmaatregelen zijn een onverhulde greep naar absolute macht. Een dergelijk regime hoort in de EU niet thuis.

Correctie 1 april 2020: In een eerdere versie werd Viktor Orbán gespeld als Victor. Dit is aangepast.