Optimisme over coronakrediet ebt weg bij mkb

Banken Noodkrediet met overheidsgarantie is te duur en moeilijk toegankelijk, klagen mkb’ers. Banken wijzen op hun zorgplicht én naar de overheid.

Het is rustig in de Utrechtse binnenstad sinds horeca in Nederland op 15 maart moest sluiten om verspreiding van het coronavirus tegen te gaan.
Het is rustig in de Utrechtse binnenstad sinds horeca in Nederland op 15 maart moest sluiten om verspreiding van het coronavirus tegen te gaan. Foto Aziz Kawak

MKB-Nederland deelde twee weken geleden een ‘dikke pluim’ uit aan de banken voor hun inspanningen voor ondernemers tijdens de coronacrisis. Inmiddels lijkt het enthousiasme over de banken weggeëbd bij het midden- en kleinbedrijf. Voornaamste klachten: de steun is te duur en banken wijzen veel kredietaanvragen af. Hebben ze gelijk?

Voorzitter Jacco Vonhof van werkgeversclub MKB-Nederland wil geen „banken bashen” en is nog steeds „heel blij” met het steunpakket van de overheid, zegt hij dinsdagmiddag in een telefoongesprek. Maar over de uitvoering van een van de belangrijkste noodmaatregelen voor mkb’ers heerst twee weken na aankondiging veel onvrede in zijn achterban.

Lees ook: Een miljardensubsidie tegen massaontslag - maar voor wie precies?

Het gaat om de verruimde garantieregeling voor leningen aan mkb-bedrijven die in geldnood zijn gekomen door de coronacrisis. Denk aan ondernemingen in detailhandel, horeca en de reisbranche. De overheid staat voor maximaal 90 procent borg voor deze ‘BMKB-kredieten’, waar die garantstelling voorheen maximaal de helft van het geleende bedrag was. Zo wordt het voor banken aantrekkelijk om noodleningen te verstrekken, is de gedachte.

Een uitstekende regeling, vindt Vonhof, waar ondernemers „en masse” gebruik van willen maken. Maar in de uitvoering gaat veel mis, zegt hij. Zo rekent de overheid voor haar borgstelling een eenmalige vergoeding van 3,9 procent van de kredietsom. Dat maakt de leningen voor ondernemers onnodig duur, stelt Vonhof – kritiek die zondag in Buitenhof werd onderschreven door Rabobank-topman Wiebe Draijer. Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat onderzoekt of de provisie omlaag kan, maar wijst op haar beurt ook naar de banken. Die zouden moeten nagaan of de kosten die zíj in rekening brengen wel „reëel” zijn.

Hoge rentes

Ook Vonhof vindt dat banken zich „coulanter” moeten opstellen. Hij krijgt naar eigen zeggen iedere dag tientallen mailtjes van mkb-bedrijven die hun aanvraag zien afgewezen of bij bijzonder beheer worden ondergebracht, wat ertoe leidt dat ondernemers allerlei zekerheden moeten geven. Daarnaast zouden banken hoge rentes vragen voor kredieten waarvoor de overheid grotendeels garant staat. Vonhof: „Wij horen percentages van 8 à 9 procent. Terwijl: banken lenen toch bijna gratis?”

Banken wijzen de kritiek van de hand. Zij kunnen niet zomaar leningen verstrekken zonder kritisch te beoordelen of bedrijven die kunnen terugbetalen wanneer de crisis voorbij is. Anders verzaken zij hun zorgplicht. Bovendien is het een voorwaarde die de overheid stelt.

Het is logisch dat er discussie komt over verdeling kosten

ING Nederland

Ook ontkennen banken dat zij te veel rente vragen. Wat de gevraagde rente gemiddeld is, wil alleen ABN Amro zeggen: tussen de 2,5 en 4 procent op de tot nu toe verstrekte noodkredieten. Op het deel dat door de overheid wordt gegarandeerd, zegt de bank een lage rente te rekenen. Voor het deel dat in de boeken van de bank komt, geldt de „normale rente” volgens de bank.

Banken zeggen er begrip voor te hebben dat er discussie is over wat zij overhouden aan de steunacties. ING: „Dat er vragen komen over rendementen en verdeling van kosten is logisch en dat gesprek gaan we ook voeren. Maar daar zijn we nu nog niet mee bezig. We zijn nu vooral telefoontjes aan het beantwoorden en mensen op korte termijn aan het helpen.”

‘Concurrentie stimuleren’

Maarten Pieter Schinkel, hoogleraar economie aan de UvA, voert die discussie liever nu. Hij vindt het vreemd dat ondernemers die van de garantieregeling gebruik willen maken, zijn „overgeleverd” aan hun huisbank, zoals informatie op de websites van de banken suggereert. Dat geeft banken te veel macht tegenover hun klanten, vreest hij. Schinkel: „Dit is een moment om concurrentie te stimuleren. Laat de mkb’er bij een andere bank kunnen aankloppen voor een noodlening: door de borgstelling is hij vrijwel vrij van risico en dus een interessante klant.”

Ondernemers kunnen in theorie terecht bij alle deelnemende banken voor een BMKB-krediet. De praktijk is anders: banken behandelen vrijwel alleen aanvragen van klanten die ze al kennen. Dat zijn klanten die al een krediet hebben of op zijn minst een zakelijke bankrekening. „We raden klanten echt aan om bij hun huisbank aan te kloppen”, zegt een zegsman van ABN Amro. „Het duurt anders gewoon te lang om alle stappen te doorlopen die verplicht zijn bij het aannemen van een nieuwe klant.”

Deels heeft dat te maken met de beschikbare capaciteit bij banken. „Wij willen alle ondernemers verder helpen, maar door de impact van corona moeten wij ook keuzes maken”, laat ING Nederland weten. „Kredietaanvragen van bestaande klanten bij ING krijgen daarom voorrang. Nieuwe kredietverzoeken pakken we daarna op.”

Lees ook: Nu moeten banken de redders zijn

Vonhof van MKB-Nederland gaat ervan uit dat deze verklaring klopt. „Ik denk niet dat banken deze crisis gebruiken om hun klanten verder op kosten te jagen.”

Wat is uw ervaring met de BMKB-regeling?

Bent u een ondernemer die aanspraak probeert te maken op de BMKB-regeling? Dan zijn we benieuwd naar uw ervaringen.

  1. Deel hier uw ervaring: welke kosten maakt u, hoe gaan banken hiermee om, hoe verloopt uw contact met de bank en welke rente krijgt u voorgespiegeld?