Analyse

Onmin in de coalitie over harde houding van Hoekstra en Rutte

Coronacrisis Coalitiepartijen D66 en CU zijn boos op de zuinige toon van het kabinet ten opzichte van noodlijdende Europese landen. „De schade is niet mals.”

Vooral minister Wopke Hoekstra (Financiën, CDA) krijgt veel kritiek van coalitiepartijen D66 en CU.
Vooral minister Wopke Hoekstra (Financiën, CDA) krijgt veel kritiek van coalitiepartijen D66 en CU. Foto Remko de Waal/ANP

Een oude tegenstelling over Europa in de coalitie is door de coronacrisis opnieuw zichtbaar geworden. Regeringspartijen D66 en ChristenUnie verzetten zich tegen de houding van het kabinet over eventuele steun aan Zuid-Europese landen die zwaar getroffen zijn door het coronavirus.

D66-leider Rob Jetten ergert zich aan de „harde toon” van minister Wopke Hoekstra (Financiën, CDA), die volgens hem grote schade aan de Nederlandse diplomatie berokkent. „De schade is niet mals. Regeringsleiders en parlementariërs uit Zuid-Europa keren zich openlijk tegen Nederland.”

Gert-Jan Segers, leider van de ChristenUnie, heeft „met frustratie” gezien hoe „het kabinet zichzelf in de vingers sneed”. „We hebben onszelf in Europa op grote achterstand gezet. Een op zich legitieme discussie over de manier waarop we hulp geven is de boventoon gaan voeren, terwijl nu een signaal van Europese solidariteit nodig was. Het beeld in de rest van Europa was: Nederland blokkeert hulp die hard nodig is.”

Minister Hoekstra krabbelde dinsdagmiddag in een gesprek met RTL enigszins terug van zijn uitspraken. Het ging hem vooral over de manier waarop hij communiceerde. „Als je zoveel storm oogst als wij nu hebben gedaan, dan heb je het kennelijk niet goed gedaan. Wat we niet willen is heel goed overgekomen, maar wat we wel willen, niet. Dat had ik beter moeten doen.”

Lees ook: Golf van woede in Italië over ‘egoïstisch, benepen Nederland

Afgelopen maandag, tijdens het coalitieoverleg, hebben VVD, CDA, D66 en ChristenUnie de houding van Hoekstra uitvoerig besproken. De minister van Financiën reageerde de afgelopen dagen zuinig op noodkreten van Zuid-Europese landen. Zo stelde hij voorwaarden aan Europese noodhulp voor de economisch zwakkere landen, en sprak hij zijn verbazing uit dat die landen geen „buffers” hadden klaarliggen voor het geval het mis zou gaan, in tegenstelling tot Nederland.

‘Benepen nationaal egoïsme’

In navolging van de Italiaanse president Sergio Mattarella riepen dinsdag prominente Italianen de Duitsers op tot een soepeler houding dan Nederland. In een paginagrote advertentie in de Frankfurter Allgemeine Zeitung schreven zij: „De Nederlandse houding is in ieder opzicht een voorbeeld van het gebrek aan ethiek en solidariteit. Jullie plaats is aan de kant van de Europese instellingen, met de waarden van vrijheid en solidariteit. Niet als volger van benepen nationaal egoïsme.”

Gert-Jan Segers bepleit een ‘marshallplan’ voor de Zuid-Europese landen. „Het is onze morele opdracht onze naasten te steunen. We moeten de zorg en het onderwijs daar blijven garanderen. Maar het is ook economisch verstandig om Europese landen overeind te houden. Europa is onze grootste afzetmarkt.” Een gedetailleerd plan heeft de ChristenUnie nog niet, maar Segers denkt aan een Europees noodfonds voor zwaar getroffen landen. Het Europees Stabiliteitsmechanisme (ESM), het bestaande Europese noodfonds, heeft bijvoorbeeld nog honderden miljarden euro’s beschikbaar. Hoekstra noemde het ESM vorige week „een laatste redmiddel”.

‘Zuid-Europese dramatiek’

D66-leider Rob Jetten: „Het gesprek met Zuid-Europa had moeten beginnen met de erkenning dat die landen in een zware situatie zitten. Er is een andere toon nodig. Het is zonde dat we zo veel tijd hebben verloren.” Dat premier Mark Rutte (VVD) vorige week economische hervormingen koppelde aan eventuele noodhulp, noemt Jetten „de verkeerde inzet”. „Het huis staat in brand. We moeten eerst helpen, daarna komt de verantwoording.”

VVD-fractievoorzitter Klaas Dijkhoff zegt dat D66 en ChristenUnie zich door „de dramatiek” van Zuid-Europese landen „van de wijs hebben laten brengen”. „Wij hebben hier nu eenmaal een nuchtere politieke cultuur. Geert Wilders, onze meest uitgesproken politicus, zou in Italië een beginneling zijn. Er worden in Europa snel grote woorden gebruikt, daar moeten wij niet zo van in de stress schieten.”

Dijkhoff vindt het „logisch” dat het kabinet om verantwoording vraagt van eventuele noodhulp. „We moeten er wel zicht en greep op houden, het moet goed besteed worden. Dat is geen gek verzoek van het kabinet.”