Terug naar de boer, ook na corona

Wat eten we? Het loopt storm bij aanbieders van voedseldozen die rechtstreeks van de boer of de maker komen. Wat blijft er over van de solidariteit met lokale producenten als de crisis voorbij is?

Dingen die we nu zien: dat zelfs de logistieke krachtpatsers vastlopen als consumenten in paniek raken. Dat boeren en makers hun spullen niet meer kwijt kunnen als één kanaal – de horeca, de export – droogvalt. Maar ook dat er ineens, alsof je een steentje op een paadje van een mierenkolonie legt, allemaal nieuwe wegen worden gevonden om dat eten toch bij de consument te krijgen.

In amper een week werden in Amsterdam 3.400 boxen rondgebracht, met zuivel, kaas, vlees, brood, groenten en fruit via supportlocals.nl. Op hun site met vergelijkbare initiatieven staan inmiddels zo’n negentig lokale voedselaanbieders. Slow Food heeft ook zo’n lijst, Kies Lokaal. Daar stonden donderdagmiddag zo’n tweehonderd producenten op, verdeeld over alle provincies. Elke dag komen er circa vijftig bij.

De ironie is, zonder corona was het nooit zo snel gegaan. De Slow Food-beweging probeert al dertig jaar om producent en consument dichter bij elkaar te krijgen. Een Taskforce Korte Keten hadden we ook al. Maar er moest kennelijk een stok tussen de wielen komen om zo veel mensen een andere kant op te krijgen. „Deze crisis kan het begin zijn van een verschuiving in het voedselsysteem”, hoopt Saskia Littooij, van Slow Food Nederland. Van lange anonieme ketens, die ervoor zorgen dat er altijd avocado’s en bananen te koop zijn, naar korte lijntjes van boer, bakker, worstenmaker, met misschien één tussenstop, naar de klant.

In Noord-Nederland bracht De Streekboer afgelopen week met vrijwilligers duizend voedseldozen rond met producten die rechtstreeks van de boer komen. In één week kreeg het platform er tweehonderd leden bij. „Mensen hebben nu tijd om te koken én om na te denken”, zegt medeoprichter Janco Heida. „Het voelt als een kantelpunt.”

Maar is het dat? Of is de korte keten zo sterk als de crisis lang is en de portemonnee diep?

Je ziet nu, zegt Heida, waar de zwaktes in het systeem zitten. Hij wil wel opschalen, bestendigen. Maar – en dat klinkt bizar vanuit Groningen – zijn er genoeg boeren? „Er is van alles, maar veel boeren produceren voor de industrie. Pootaardappelen of rauwe melk kun je niet in een voedseldoos doen. We zoeken nu uit hoeveel voedsel er echt beschikbaar is.”

Niet heel weerbaar

Dat is geen Groningse kwestie, overal op de wereld blijft een heel eenzijdig dieet over als de lange ketens breken, als import en distributie lastig worden. Heida vraagt zich af: „Wie neemt er eigenlijk verantwoordelijkheid voor onze voedselzekerheid? Wat eten we als er echt crisis komt?”

Samuel Levie van supportlocals.nl zegt: „Het systeem zoals het nu is, is niet heel weerbaar.”

Lees ook: Kneden, rijzen, bakken, zo bak je je eigen brood

De nieuwe voedselverdelers worden overstelpt door producenten en leveranciers, door webbouwers en transporteurs – maar wie blijft er plakken als de wereld weer gaat draaien? Hoe lang duurt solidariteit? Op een dag wil iedereen weer geld verdienen. „Dat móét ook kunnen”, zegt Levie, „want je haalt er ook veel schakels tussenuit, die nu allemaal hun marge vragen.” Als er al een bottleneck is, zegt Levie, zit die bij de consument, die gemakzuchtig, haastig en zuinig is. „Wij leveren geen wc-papier en schoonmaakmiddelen, zoals de supermarkt. Maar als mensen niet álles willen, moet het lukken.”