Opinie

Ouderen en jongeren, toch een splijtzwam?

Menno Tamminga

Als de twee belangrijkste economische adviseurs van het kabinet radicaal verschillende taxaties geven van de toekomst van de pensioenen, wordt het wel verwarrend. En de omstandigheden zijn al zo extreem. Pensioen en AOW zijn onderwerpen waar de maatschappelijke cohesie op de proef wordt gesteld. De spanning zal toenemen als de economie krimpt. Dan is er geen extra welvaart te verdelen, maar nationale verarming.

Simpel gezegd gaat het om de vraag: wie betaalt de kosten én de te verwachten méérkosten van de vergrijzing? Wie betaalt de altijd stijgende uitgaven in de gezondheidszorg, de alle-hens-aan-dekkosten vanwege Covid-19, de AOW en de pensioenen en de sociale regelingen, zodat ouderen adequaat thuis kunnen blijven wonen of toch beter op een andere manier verzorgd worden?

De afgelopen weken zag je al zo’n test van de cohesie in de samenleving langs de scheidslijn van jong en oud. Premier Mark Rutte deed in steeds schriller bewoordingen een beroep op jongeren om de bedreiging van het Covid-19-virus serieus te nemen. Sociale onthouding! Als je zelf denkt dat het wel meevalt, omdat je jong bent en het virus jouw lijf voorbijgaat, doe dan mee om je opa en oma niet te besmetten.

Lees ook: Wat is het gevolg van de crisis voor pensioenen en 24 andere vragen over de coronarecessie

De bestrijding van het virus heeft grote delen van de economie lamgelegd, terwijl andere juist een piekbelasting hebben. Het Centraal Planbureau publiceerde afgelopen week vier scenario’s voor de economie op korte termijn. De schetsen liepen uiteen van een overkomelijke economische terugslag tot massawerkloosheid.

In alle scenario’s hield het CPB vast aan één, tamelijk twijfelachtige veronderstelling: geen verlaging van de pensioenen in 2021. De pensioenwereld lijdt onder de beurspaniek én onder de ultralage rente die voortduurt zolang centrale banken in hun strijd tegen economisch onheil (bijna) onbeperkt staatsobligaties blijven kopen. Het gat tussen wat de pensioenfondsen aan vermogen (beleggingen) hébben en wat ze móéten hebben (voor de pensioentoezeggingen) is de afgelopen weken verder gegroeid.

Het stelsel is bankroet. Toch gaat het CPB in alle vier scenario’s ervan uit dat de pensioenen volgend jaar niet verlaagd worden, zoals je nu zou kunnen verwachten. De reden? De „bijzondere omstandigheden”. Preludeert het CPB op een reddingsactie voor gepensioneerden en werkende pensioenspaarders, zoals het kabinet nu een financieel vangnet spant voor ondernemers en zelfstandigen?

De tegenstem komt van president Klaas Knot van De Nederlandsche Bank. Zaterdag in NRC: „Voordat het virus toesloeg, was het pensioenstelsel al onhoudbaar, nu helemaal. We moeten zo snel mogelijk naar een nieuw stelsel waarin we geen toezeggingen meer doen over de hoogte van pensioenuitkeringen in de toekomst.”

Knot preludeert wél op een verlaging. Zijn oproep voor een nieuw pensioenstelsel is een beetje gratuit. Want werkgevers, vakbonden en kabinet proberen sinds vorig jaar tot nieuwe afspraken over pensioenen te komen. De Nederlandsche Bank kijkt, zoals altijd, over hun schouders mee.

Men begon vol hoop en goede moed. Er viel na jarenlange bevriezing van pensioenen in een toekomstig stelsel weer wat te verdelen. Covid-19, de beurspaniek en de ingreep van de centrale bankiers (inclusief Knot) hebben dat optimisme getorpedeerd. Dit is de laatste pensioencrisis.

De onderhandelaars zijn curatoren in een faillissement geworden die een ‘doorstart’ zoeken. De hamvraag: welke generatie neemt het verlies? Ouderen, hun kinderen of jongeren?

Menno Tamminga schrijft op deze plaats elke dinsdag over ondernemingsbeleid en economie.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.