Opinie

Corona sterkt IS in de mening dat God op zijn hand is

Volgens Islamitische Staat is corona Gods straf voor de heidenen, leest Carolien Roelants. Maar zijn strijders moeten wél hun handen wassen.

Dwars

Wat we weleens vergeten is dat ook een extreem-extremistische organisatie als Islamitische Staat zich net zoals wij gewoon bezighoudt met aardse zaken. Jaren geleden heb ik bijvoorbeeld geschreven over het afvalmanagement van IS – in zijn kalifaat mochten de vuilniszakken pas na het avondgebed worden buitengezet op straffe van een pittige boete. Het kalifaat is niet meer, dat kwam precies een jaar geleden aan zijn eind door de verenigde inspanningen van zijn tegenstanders. Maar de groep bestaat nog, en niet alleen in de vorm van doorgaande aanslagen in Irak en Syrië. In een hoofdartikel in zijn weekbericht Al-Naba (‘de boodschap’) besteedde IS kort geleden aandacht aan de corona-pandemie.

IS-expert Aymenn al-Tamimi is een onvermoeibare vertaler en uitlegger van berichten van Islamitische Staat, en vandaag leun ik op zijn publicatie Pundicity (aymennjawad.org). Het zal u niet verbazen dat de pandemie een uiting is van Gods woede, die tot dusverre, God zij geprezen, voornamelijk de heidense landen heeft getroffen (niet helemaal waar, maar ja). Ik parafraseer: deze kruisvaarder-staten (= wij) hopen nu dat de islamitische strijders onder de huidige omstandigheden medelijden met hen hebben en zich rustig houden. Maar dat moet absoluut niet! Aan de ene kant moeten de strijders elke kans grijpen om gevangenen te bevrijden uit de kampen waar zij nu vastzitten (naar schatting alleen al 10.000 in kampen in Syrië!). Aan de andere kant moeten zij de druk op de kruisvaarders verzwaren waar zij maar kunnen. Aanslagen dus. Want de jihad, de heilige oorlog, is de beste manier om God te dienen, en zo aan zijn woede – en corona – te ontsnappen.

Tegelijk put Al-Naba uit de hadith, de verzamelde handelingen en uitspraken van de profeet Mohammed, praktische richtlijnen hoe met corona om te gaan. „Vlucht weg van lepralijders zoals u wegvlucht van de leeuw” – ga zieken uit de weg (immers geen corona in de tijd van de profeet Mohammed). En handen wassen! Want de profeet zei: „Wanneer een van u wakker wordt, moet hij zijn hand niet in een pan water doen tot hij die drie keer heeft gewassen, want hij weet niet waar zijn hand de nacht heeft doorgebracht”.

Hoe is Islamitische Staat er intussen aan toe, even afgezien van corona en zijn bestuurlijke vaardigheden? Hiervoor leun ik voor u op een andere expert die ik al een tijd volg, Aaron Zelin van jihadology.net. Die zette vorige week in een analyse voor het Washington Institute for Near East Studies de IS-aanslagen in Irak en Syrië op een rij. Hij telde sinds de val van het laatste IS-bolwerk, het Syrische Baghuz, een jaar geleden meer dan 2.000 aanslagen in die twee landen samen en dat is wel veel op het eerste gezicht, maar niet op het tweede. Gemeten naar aantal doden viel Irak in 2019 erg mee – 2.392 tegen 29.526 in het piekjaar 2014. Daaruit concludeert Zelin dat het aantal IS-strijders in Irak veel lager is dan de 11.000 die er volgens schattingen van VN en VS nog zouden zijn (plus 14.000 in Syrië). Zelin vat samen: IS is zeker niet aan het terugkomen, de groep overleeft.

Maar de verwaarlozing van de gebieden waar IS het sterkst is en slecht en/of repressief bestuur werken op termijn natuurlijk de terugkeer van de groep in de hand. Om nog maar te zwijgen van de huidige terugtrekking, wegens corona, van buitenlandse troepen uit Irak die er lokale militairen trainden voor de strijd tegen IS. IS weet des te zekerder, zou ik zeggen, dat God op zijn hand is.

Carolien Roelants is Midden-Oostenexpert en scheidt op deze plaats elke week de feiten van de hypes.