‘Het kabinet moet veel duidelijker maken wat die maatregelen praktisch betekenen’

Crisiscommunicatie Qua crisiscommunicatie heeft het kabinet de juiste route gekozen, zeggen experts. Maar er schort nog wel wat aan de uitvoering.

Communicatie-experts zijn kritisch over de grote hoeveelheid bewindslieden die de maatregelen van het kabinet uitdragen.
Communicatie-experts zijn kritisch over de grote hoeveelheid bewindslieden die de maatregelen van het kabinet uitdragen. Foto David van Dam

„Je moet alles zo simpel mogelijk maken, maar niet simpeler dan dat.” Die wijsheid van Albert Einstein schiet communicatieadviseur Charles Huijskens te binnen als het gaat over de persconferentie van afgelopen maandag. Het kabinet kondigde een reeks nieuwe maatregelen af – en hier werd de wet van Einstein met voeten getreden. Huijskens: „De maatregelen bleken toch ingewikkelder te zijn, en het bleken er ook méér te zijn.”

Het gevolg: verwarring. Gold dat samenscholingsverbod nou overal, of alleen op bepaalde plekken? Moeten scholen, horeca en theaters nu ook tot 1 juni dichtblijven? En zijn die regels voor thuis (niet meer dan drie mensen op bezoek, anderhalve meter afstand) een gebod of slechts een advies?

Arjen Boin, hoogleraar politieke wetenschap in Leiden, denkt dat er afgelopen maandag nog iets anders misging. „De ministers zaten te veel op de vermanende toon. Ze wilden duidelijk maken: mensen, ga niet meer met z’n allen naar het strand, anders dwingen jullie ons tot een totale lockdown. Daarna volgde nog een pakket relatief milde maatregelen. Maar door die strenge toonzetting kregen die veel meer gewicht dan nodig. En dat zorgde voor verwarring.”

Lees ook: Mag ik nog met vier vrienden afspreken?

Vier weken communiceert het kabinet nu over de coronacrisis. Maatregelen worden afgekondigd, uitgelegd en soms weer bijgesteld. Hoe vergaat het Rutte en zijn ministers? Slagen zij erin om in grote onzekerheid en onder immense druk hun keuzes op een effectieve manier over te brengen?

NRC sprak vier deskundigen op het gebied van crisiscommunicatie. Ze zijn het erover eens dat het kabinet het juiste pad heeft gekozen – maar aan de uitvoering, zeggen ze, schort nog wel het een en ander.

Met de ‘intelligente’ lockdown heeft het kabinet communicatief gezien voor een lastige route gekozen, zegt Arjen Boin. „In plaats van het land radicaal op slot te gooien, zegt premier Rutte: we bekijken het van dag tot dag, we handelen op basis van voortschrijdend inzicht.”

Gedurfde aanpak

Zo’n benadering, zegt Boin, „laat zich moeilijk communiceren. De boodschap van vandaag kan morgen anders zijn. Dat is gedurfd, want niemand wil horen dat we aan het experimenteren zijn. Ik hoor geen enkele andere leider zeggen dat we met 50 procent van de kennis 100 procent van de besluiten moeten nemen”.

Toch loont die oer-Hollandse, pragmatische aanpak uiteindelijk het meest, denken de experts – ook qua communicatie. „Als je je kwetsbaar opstelt, ben je geloofwaardiger. Dan vinden mensen het niet erg als je een fout maakt”, zegt communicatieadviseur Kay van de Linde. „Als je op een heel autoritaire manier beleid afkondigt, zijn mensen veel bozer als het verkeerd uitpakt.”

Er is wel één ding vereist bij zo’n tastende aanpak: je moet blijven uitleggen waaróm je voor deze benadering kiest. De bevolking moet overtuigd worden door argumenten, want er is druk om strenger op te treden – net als in de landen om ons heen. Rutte doet dat prima, zegt Arjen Boin: „Hij zegt steeds: de volksgezondheid gaat boven alles, maar we willen ook niet dat het land failliet gaat en mensen geen bewegingsvrijheid meer hebben.”

Wat volgens Boin wél ongelukkig was: Ruttes verhaal over de ‘groepsimmuniteit’ in zijn televisietoespraak. „Dat was bedoeld om uit te leggen waarom we niet voor een totale lockdown gaan, maar het werd verkeerd begrepen. Mensen dachten: o, het is de bedoeling dat we allemaal ziek worden.”

De vuistregel bij zo’n communicatiemisser luidt: meteen rechtzetten. Dat gebeurde snel genoeg, zegt Kay van de Linde. „Rutte heeft de volgende dag uitgelegd wat hij echt bedoelde. Daarmee was het meteen uit de wereld. Als je het laat hangen, gaan mensen speculeren.”

Te veel boodschappers

Ook heel belangrijk in de crisiscommunicatie: wie brengt de boodschap? Over het optreden van Rutte – en met name diens televisietoespraak – zijn de experts unaniem lovend: de premier is duidelijk, toont de vereiste gravitas en houdt zich strak aan communicatiewet nummer één: telkens dezelfde boodschap herhalen.

Waar ze minder over te spreken zijn, is de grote hoeveelheid bewindslieden die de maatregelen van het kabinet uitdraagt. Op de persconferentie van afgelopen maandag spraken vier ministers. Dat was misschien begrijpelijk vanuit de Haagse logica (ieder over zijn eigen portefeuille), maar over het algemeen geldt: hoe meer sprekers, hoe lastiger je de boodschap voor het voetlicht krijgt.

„Vanuit communicatief oogpunt was dit wat veel”, zegt Bas van den Putte, hoogleraar gezondheidscommunicatie aan de Universiteit van Amsterdam. „Ik adviseer mijn studenten ook altijd om hun groepspresentatie niet precies in vier stukken op te knippen. Eigenlijk moet één persoon het woord voeren, en alleen iemand anders naar voren schuiven als daar een inhoudelijke noodzaak voor is.”

Lees ook dit artikel over crisismanagement: ‘Nu nog zitten we in de crisis honeymoon’

Van den Putte is ook kritisch over een ander aspect van de coronacommunicatie: het is te weinig concreet. „Je moet veel duidelijker maken wat die maatregelen praktisch betekenen. Bij die regel van anderhalve meter afstand voor thuisbezoek, vraag je je af: is degene die dit heeft verzonnen, ooit weleens in een gemiddelde Nederlandse huiskamer geweest? Hoe moet dat, als je ook nog koffie wilt halen en naar de wc? De overheid lijkt zich vooral te baseren op adviezen over hoe het virus zich gedraagt, en minder over hoe mensen zich gedragen.”

Van den Putte heeft een advies: maak filmpjes over de praktische toepassing van de maatregelen. „Wat kun je wel en niet doen in de supermarkt? Gebruik voor die filmpjes gewone mensen én BN’ers. En influencers voor jongeren, zodat ze beseffen dat ze niet onkwetsbaar zijn. Nu is het nog te vaag.”