Straks komen duizenden tests per dag erbij

Testen Het tekort aan testen op het coronavirus begint nijpend te worden. De capaciteit wordt binnen enkele weken uitgebreid. Waarom zijn er niet voldoende testmaterialen? En nog vier vragen.

Een medewerker van een medisch lab test een monster op het coronavirus. Bestaande en andere laboratoria gaan vanaf nu meer werk verrichten.
Een medewerker van een medisch lab test een monster op het coronavirus. Bestaande en andere laboratoria gaan vanaf nu meer werk verrichten. Foto ANP/ ROB ENGELAAR

„Niet urgent”, zo noemde het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport eerder deze week nog het tekort aan testen op coronavirus in Nederland. Sinds donderdag is de toon radicaal anders. Minister Hugo de Jonge (Zorg, CDA) sprak in een Kamerdebat van een „gebrekkige voorraad”, en zei dat het probleem zo snel mogelijk opgelost gaat worden. Oud-topman Feike Sijbesma van chemiebedrijf DSM is begonnen als ‘speciale gezant’ om de testcapaciteit uit te breiden.

Vrijdag vertelde voorzitter Ann Vossen van de Nederlandse Vereniging voor Medische Microbiologie aan NRC wat er gaat gebeuren. De testcapaciteit wordt binnen enkele weken uitgebreid. De bestaande laboratoria gaan meer werk verrichten, maar ook andere Nederlandse labs worden ingezet.

Nu kunnen alleen patiënten en behandelaars in ziekenhuizen worden getest. Met de opschaling moeten testen ook beschikbaar komen voor andere zorgverleners.

1 Hoeveel test Nederland, vergeleken met andere landen?

Dagelijks worden nu zo’n 2.500 monsters bij patiënten afgenomen. Die gaan naar veertig laboratoria verspreid over het hele land. Vergeleken met Zuid-Korea of Duitsland zijn dat weinig testen, maar vergeleken met de Verenigde Staten zijn het er veel. Nederland test „veel, maar niet te veel”, volgens het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM), want ook de komende weken en maanden moet nog genoeg capaciteit overblijven. De middelen zijn schaars, er dreigen tekorten.

De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) adviseert om „maximaal te blijven testen”, zo erkende de minister een week geleden. De WHO wijst op landen als Singapore en Zuid-Korea die een zeer intensieve controle van burgers op het virus combineren met een minder verstrekkend ingrijpen in het openbare leven. Dat vereist „een enorme opschaling van de testcapaciteit om besmettingen op te sporen, patiënten te isoleren, en contacten in quarantaine te plaatsen”, zei pandemiespecialist Michael Ryan van de WHO deze week.

Nederlandse deskundigen wijzen er echter op dat grootschalig testen in dit stadium van de epidemie nauwelijks nog bijdraagt aan het indammen van de uitbraak. „Testen zoals in Zuid-Korea kan, als je een duidelijk afgebakende uitbraak hebt. Het beperken van de mobiliteit van mensen is nu veel belangrijker om de verspreiding te stoppen”, zegt Janke Schinkel, hoofd klinische virologie van het Amsterdam UMC.

Lees ook: Nederland komt met noodplan om aantal coronatesten fors uit te breiden

2 Waarom zijn er niet voldoende testmaterialen?

„Deze branche is veel te afhankelijk van één bedrijf”, zei minister De Jonge donderdag in een Kamerdebat. In Nederland werken de laboratoria die op het coronavirus testen voor 60 à 70 procent met machines en producten van het Zwitserse farmaconcern Roche. Roche zegt dat het de productie sinds de uitbraak van het virus heeft verviervoudigd. Toch kan het slechts een derde van de gevraagde producten leveren, stelt het RIVM.

Het tekort is een gevolg van de manier waarop biomedische laboratoria gemoderniseerd zijn. State of the art-labs zijn afhankelijk van commerciële testkits voor volautomatische testmachines van een beperkt aantal fabrikanten. Bij de Nederlandse labs die op infectieziekten testen, is dat vooral Roche.

Volgens Michiel Reessink van het Belgische ICT-bedrijf UgenTec, dat zelf betrokken is bij het opschalen van de Belgische testinfrastructuur, is het echter te kort door de bocht om Roche als boosdoener aan te wijzen. „De Nederlandse markt heeft massaal gekozen voor Roche vanwege hun goede prijs per sample. Velen hebben een hele Roche-straat gekocht. Daardoor zijn ze nu afhankelijk van één leverancier.”

3 Hoe wordt de testcapaciteit de komende weken uitgebreid?

Voorzitter Ann Vossen van de NVMM zei vrijdag tegen NRC dat er op twee manieren aan wordt gewerkt. Enerzijds wordt de testcapaciteit opgerekt binnen de bestaande veertig labs, die verbonden zijn aan ziekenhuizen. Dat gebeurt vooral door machines van andere fabrikanten dan Roche, die ook in de labs staan, ook in te zetten. Anderzijds worden over een week andere laboratoria ingezet, ook buiten ziekenhuizen, om daar ook duizenden tests per dag kunnen doen. Dat zijn labs die nu ook al diagnostisch op infectieziekten testen, zegt Vossen.

Zo moet meer zorgpersoneel buiten ziekenhuizen getest gaan worden, zoals ambulancemedewerkers, verloskundigen, huisartsen en personeel van verpleeghuizen. Zij worden nu vaak niet getest bij klachten, wat hun terugkeer op de werkvloer bemoeilijkt. De overheid gaat regionale centra opzetten waar zorgmedewerkers terecht kunnen voor hun tests, iets wat volgens de NVMM „enkele weken” zal vergen.

De afgelopen dagen riepen verschillende partijen het crisisteam op om ook coronatests te gaan uitvoeren in andere laboratoria. Microbioloog Rosanne Hertzberger en natuurkundige Cees Dekker schreven in een opiniestuk in NRC dat „honderden wetenschappers met topkwalificaties” klaarstaan met hun spullen, om te helpen. Het dierziekteninstituut Wageningen Bioveterinary Research in Lelystad bood donderdag zijn labfaciliteiten aan, waar het 500 tot 1.500 testen per dag zou kunnen verrichten.

Voor die aanpak kiest het crisisteam nog niet. Hoofd klinische virologie Janke Schinkel van het Amsterdam UMC onderschrijft de aanpak. „Je moet zuivere kwaliteit leveren.” Er is veel medische en technische ervaring nodig, legt ze uit, om te zorgen dat de virustest de juiste uitslag geeft. In het slechtste geval belandt een onbesmette patiënt ten onrechte op de corona-afdeling van een ziekenhuis. „En het gaat ook om de digitale keten eromheen, de rapportage. Dat is in een diagnostisch lab allemaal al geregeld.”

4 Hoe gaat het in de buurlanden?

België heeft buitengewoon ambitieuze plannen. De Belgische regering gaat zijn eigen testcapaciteit binnen enkele weken vervijfvoudigen van 2.000 naar 10.000 tests per dag, werd deze week bekend. De meeste tests zullen verricht worden in de onderzoekslabs van drie grote farmabedrijven: Johnson & Johnson, GSK en UCB – externe laboratoria dus.

Die labs gebruiken hun eigen apparatuur en er worden sinds vrijdag machines van andere laboratoria ingebracht, zoals van universiteiten. „We zijn afgestapt van het idee dat het moest gebeuren in een beperkt aantal laboratoria”, vertelt verkoopdirecteur Michiel Reessink van het Belgische ICT-bedrijf UgenTec, dat betrokken is bij de campagne. „Concurrenten hebben de handen ineengeslagen.” Volgens Reessink helpt zelfs het leger mee met het verplaatsen van labmachines, om zo al woensdag de eerste tests voor patiënten te verrichten.

In Duitsland is de testcapaciteit een stuk groter dan in Nederland, maar ook meer gefragmenteerd. Iedere deelstaat heeft zijn eigen verantwoordelijkheid en er bestaan ook meer commerciële laboratoria die met elkaar concurreren. Niet één farmaproducent is zo dominant in het testproces als in Nederland. Wel bestaat er in Duitsland veel discussie over de kwaliteit van de Covid-19-testen.

5 Is het Nederlandse testbeleid veranderd?

Daar lijkt het wel op. Woensdag meldde het ministerie van VWS desgevraagd nog dat de testinfrastructuur „op orde”  is en dat er „voldoende mankracht” is om te testen. Diagned, de branchevereniging van bedrijven uit de diagnostiek, liet eerder deze week weten dat binnen het landelijke crisisteam wordt gekeken „waar tekorten worden verwacht”.

In het Kamerdebat van donderdag was de toon van minister De Jonge heel anders. De bewindsman erkende het belang van uitbreiding van de testcapaciteit. ‘Speciaal gezant’ Sijbesma heeft als taak „zo snel als mogelijk eigen productie in Nederland op te bouwen”.

De gekozen strategie van het kabinet was de afgelopen weken mede gebaseerd op een beperkte testcapaciteit. Volgens viroloog Chantal Reusken van het RIVM heeft de ‘taskforce’ daarom nog geen doelstelling geformuleerd over het aantal testen dat het landelijk zou willen verrichten. Dat is „niet aan de orde geweest”, aldus Reusken, „want de middelen zijn beperkt leverbaar”.

Minder lockdown in combinatie met ingrijpend meer diagnostiek, zoals bijvoorbeeld de Zuid-Koreanen doen, was in Nederland eenvoudigweg niet meer vol te houden toen het virus zich razendsnel in Brabant manifesteerde. Minister De Jonge vatte het donderdag in de Tweede Kamer bondig samen. „Men was gewoon aan het carnavallen geweest. Er was geen contactonderzoek meer mogelijk.”