Extra maatregelen voor de culturele sector: later huur betalen, eerder subsidie

Kamerbrief Minister Van Engelshoven neemt extra maatregelen voor de zwaar gedupeerde culturele sector. Zo hoeven rijksmusea de komende drie maanden geen huur te betalen.

In het nu gesloten Mauritshuis, een rijksmuseum, in Den Haag is momenteel een tentoonstelling over de Britse paardenschilder George Stubbs
In het nu gesloten Mauritshuis, een rijksmuseum, in Den Haag is momenteel een tentoonstelling over de Britse paardenschilder George Stubbs Foto ANP / Sem van der Wal

De huur van rijksmusea wordt met drie maanden opgeschort, subsidiegeld voor het derde kwartaal kan nu al worden opgevraagd en ook wordt bekeken of terugbetaling van reeds gekochte kaartjes kan gebeuren in de vorm van vouchers.

Deze extra maatregelen voor de culturele sector staan in een brief die minister Van Engelshoven (Cultuur, D66) vrijdagmiddag heeft gestuurd aan de Tweede Kamer. De extra maatregelen komen bovenop de algemene maatregelen van het kabinet voor door de coronacrisis getroffen zzp’ers, organisaties en bedrijven.

De maatregelen zijn tot stand gekomen in samenspraak met vertegenwoordigers van de culturele sector, gemeenten en provincies: vorige week is met dat doel een speciale taskforce gevormd.

Tegelijk kan de minister niet bepalen wat gemeenten en provincies doen met hun gemeentelijke en provinciale musea. „Ik hoop,” schrijft ze in de brief, „dat gemeenten en provincies mijn voorbeeld zullen volgen en onderzoeken welke mogelijkheden zij hebben als verhuurder, om de sector tegemoet te komen”.

Het desgewenst alvast verstrekken van de rijkssubsidie voor het derde kwartaal, moet zorgen dat culturele instellingen „over meer liquide middelen beschikken en verplichtingen aan vooral freelancers en zzp’ers kunnen nakomen”. De cultuurfondsen zullen dit ook doen, een aantal particuliere fondsen (Prins Bernhard Cultuurfonds, VSBfonds, Fonds 21, VandenEndeFoundation) heeft gezegd te bekijken hoe zij dit kunnen aanpakken.

Niet gekort

Ook zullen culturele instellingen niet worden gekort op hun subsidie als ze door de coronacrisis het afgesproken aantal uitvoeringen niet halen. Onduidelijk is nog hoe lang de sluiting van musea, theaters en bioscopen gaat duren. Hierover ontstond deze week verwarring: maandag leek de sluiting verlengd tot 1 juni, dinsdag maakte het kabinet onderscheid tussen evenementen, die tot 1 juni niet doorgaan, en „alle andere samenkomsten (dus ook theaters en bioscopen)”, die tot en met 6 april zijn verboden. Maar veel theaters zegden meteen al hun voorstellingen voor de komende twee maanden af.

In de brief zegt de minister de verwarring te betreuren: „Door niet eenduidige communicatie vanuit de rijksoverheid is er onrust ontstaan in de culturele en creatieve sector over de duur van de afgekondigde maatregelen. Dit betreur ik. Dinsdag aanstaande zal het kabinet nieuwe besluiten nemen over de periode na 6 april. Hiermee zal er ook duidelijkheid komen voor de culturele en creatieve sector.”