Zuid-Sulawesi

Staat moet compensatie betalen voor executies

De Staat der Nederlanden moet schadevergoedingen betalen aan nabestaanden van elf Indonesische mannen die door Nederlandse militairen zijn doodgeschoten tijdens de Indonesische onafhankelijkheidsoorlog. Dat heeft de rechtbank in Den Haag woensdag bepaald. De executies vonden in 1946 en 1947 plaats op het eiland Celebes, het huidige Sulawesi.

Volgens de rechtbank staat het vast dat elf mannen standrechtelijk werden geëxecuteerd in de zuidelijke regio van het eiland. Dit gebeurde bij de massa-executie bij het koninkrijk Suppa op 28 januari 1947, in de regio Bulukumba en in het district Sidenreng Rappang. In één geval ging het om een willekeurige man. Aan één van de nabestaanden, die zijn vader voor zijn ogen doodgeschoten zag worden, is 10.000 euro immateriële schadevergoeding toegekend. In totaal krijgen acht weduwen en drie kinderen een materiële schadevergoeding toegekend, die het wegvallen van inkomen moet compenseren. De staat moet vergoedingen betalen van 123 tot ruim 3.600 euro.

De hoogte van de materiële schadevergoeding werd bepaald door documenten die nabestaanden moesten aanleveren. De rechtbank hoorde in totaal 36 getuigen via een videoverbinding. Ook werd met behulp van een historicus het geleverde bewijs beoordeeld. (NRC)