Burgemeester Jan Boelhouwer neemt afscheid van de gemeente Gilze en Rijen. Hij is meerdere keren bedreigd en zijn woning moest worden beveiligd.

Foto Merlijn Doomernik

Interview

‘We kennen je wel, klootzak. Jij bent die burgemeester’

Interview burgemeester Gilze en Rijen Jan Boelhouwer streed jaren tegen zware criminaliteit in zijn gemeente. Bij zijn afscheid blikt hij terug op een burgemeestersleven vol bedreigingen.

In zijn achteruitkijkspiegel ziet Jan Boelhouwer een witte bestelbus. Het is begin 2017 en de burgemeester van Gilze en Rijen in Noord-Brabant is onderweg voor een gesprek met een gezin dat een moeilijke tijd achter de rug heeft. Ineens passeert de bestelbus hem en snijdt de wagen hem af. Twee mannen stappen uit. „We kennen je wel, klootzak”, zeggen ze, als Boelhouwer zijn raampje opendraait. „Jij bent die burgemeester.”

De mannen proberen Boelhouwer naar buiten te trekken. De burgemeester pakt zijn telefoon en maakt foto’s. Op eentje is de belager te zien, uit een aantal andere foto’s blijkt vooral de paniek: daar is te veel bewogen, alles is schimmig. Als een aantal buurtbewoners op het rumoer afkomt, stappen de mannen weer in hun bestelbus en rijden ze snel weg.

Ze blijken betrokken te zijn geweest bij een wietplantage. Boelhouwer had het pand waar de plantage in zat, een tijd daarvoor gesloten. „Nu ik dit vertel, krijg ik weer overal rillingen. Ik ben nog nooit zo bang geweest.” Het is voor het eerst dat Boelhouwer, tevens oud-Tweede Kamerlid voor de PvdA, het incident naar buiten brengt. Hij neemt per april afscheid van Gilze en Rijen, waar hij sinds 2010 met een onderbreking van een jaar waarnemend burgemeester en burgemeester was. Zijn afscheidsfeestjes zijn afgelast vanwege het coronavirus.

Gilze en Rijen is klein, 26.000 inwoners, verdeeld over meerdere dorpen, maar de gemeente kwam de afgelopen jaren veelvuldig in het nieuws vanwege de criminaliteit. Er werden meerdere wietplantages opgerold, de lokale seksclub werd opgekocht door de gemeente om te voorkomen dat motorclub No Surrender zich er zou vestigen, een grote wapenhandelaar werd er opgepakt. En burgemeester Boelhouwer werd meerdere keren serieus bedreigd, waarna zijn huis beveiligd moest worden.

U spreekt zich al jaren uit tegen de Brabantse drugscriminaliteit. Waarom?

„Wij hebben een heleboel campings in de gemeente, daar hadden criminelen meerdere huisjes. We ontdekten de ene wietplantage na de andere. Op een gegeven moment hadden we in de gemeente vier liquidaties in een jaar. En bedenk: wij hebben 26.000 inwoners. Als je dat omrekent naar Amsterdam zijn dat 131 onderwereldmoorden per jaar.

„Toen dacht ik: in Den Haag moet duidelijk worden wat hier aan de hand is, want er is gewoon meer politiecapaciteit nodig.”

Hebben politici in Den Haag onvoldoende zicht op de problemen in het zuiden?

„Absoluut. Ik herinner me Anouchka van Miltenburg, die toen de voorzitter van de Tweede Kamer was en zelf nota bene uit Zaltbommel komt. Die werd door de commissaris van de koning met een busje rondgeleid, om te laten zien waar de georganiseerde criminaliteit allemaal actief was. Ik mocht aanschuiven. Ze was totaal verbaasd. Ik vind dat ongelooflijk. Er is nog steeds te weinig veranderd. In Den Haag breekt maar niet door wat hier speelt.”

Maar u kunt toch niet stellen dat de criminaliteit in het zuiden niet op de politieke agenda staat.

„Tijdens de verkiezingen beloofde elke politieke partij geld voor de zogenoemde ondermijnende criminaliteit in het zuiden. Maar wat is er van terechtgekomen? Er is in november eenmalig 100 miljoen euro beschikbaar gesteld, dat is echt te weinig.”

Wat wilt u met meer geld doen?

„Een paar honderd meter van het gemeentehuis zit een shoarmazaak. Al sinds ik hier burgemeester ben, weten we dat er daar nauwelijks klanten komen. We schatten dat het zaakje een omzet heeft van ongeveer 200.000 euro per jaar en dat de eigenaar banden heeft met groepen die zich bezighouden met drugshandel en mensenhandel. We weten dat daar geld wordt witgewassen, al tien jaar lang. Maar bij de Belastingdienst en de FIOD is geen capaciteit en ook de politie kan er niks tegen doen.”

Toch zijn er ook burgemeesters die zeggen dat ze niet te veel misdaadbestrijder willen zijn.

„Ben ik het niet mee eens. Je kunt als burgemeester juist het verschil maken. Ik sluit bijna altijd panden als daar een wietplantage wordt aangetroffen en probeer de opsporingsdiensten te helpen met gemeentelijke controles. Ik herinner me een pand in mijn gemeente waar 25.000 liter aceton en cocaïne werd gevonden. Maar die man had nog een pand in Gilze en Rijen. De officier van justitie vond het bewijs te dun om daar ook binnen te vallen. Toen heb ik meteen gezegd: ‘We gaan een milieucontrole doen in dat pand.’ Liep de politie achter ons aan dat pand in. Dat moet je doen. Dat is mijn taak.”

U klinkt als de lokale sheriff...

„Nee, ik probeer geen politieagent te spelen. Ik zet de instrumenten in waar ik als burgemeester over beschik. En ik vind: je moet door hard op te treden, laten zien: ‘Dit pikken we niet.’ Een burgemeester staat dicht bij mensen. Als zelfs ik dan niet optreed, wie dan nog wel?”

Wat kunt u nog meer?

Lees ook: Burgemeesters: van lintjesknippers tot misdaadbestrijders

„Te weinig. De privacyregels belemmeren ons. Laatst kwam ik een bankdirecteur tegen, die had een zeer onbestemd gevoel bij iemand uit onze gemeente die een hypotheek wilde. Hij vroeg of het wel verstandig was om deze meneer een hypotheek te verstrekken. Ik kan dat niet zeggen, dus toen heb ik gezegd: stop maar een briefje onder mijn ruitenwisser, waarop staat: ‘hypotheek ja of nee, met de naam van deze persoon.’ Die heb ik door het systeem getrokken, toen bleek dat die man in een aantal zaken voorkwam waar de politie samenwerkt met onze gemeente. Wij kenden hem als een grote crimineel. Ik heb toen ‘ja’ doorgestreept en het briefje weer onder mijn ruitenwisser gedaan. En op een gegeven moment was dat briefje weg.”

U gaat op zijn minst creatief met de wet om.

„Zeker. Ik realiseer mij goed dat ik dat misschien wel nooit zou hebben mogen vertellen. Maar dit is de realiteit, dat wil ik er maar mee zeggen. Ik verheug me op de dag dat ik daar bij de rechtbank uitleg over moet geven. Ik probeer de grenzen van het rechtssysteem op te zoeken, want het rechtssysteem loopt per definitie achter alle ontwikkelingen in de criminele wereld aan.”

Het zal u niet in dank worden afgenomen door de criminele wereld.

„Ik ben meerdere keren ernstig bedreigd tijdens mijn periode als burgemeester in Brabant. Toen ik tijdelijk in Bernheze burgemeester was, werd ik gebeld door de politie. Een kamper wilde mijn huis in de fik zetten, de opdracht was al gegeven, voor 9.000 euro. De reden was dat ik een aantal woonwagenbewoners weg wilde hebben van het industrieterrein. De politie was net op tijd en heeft een gesprek gevoerd met de brandstichters. Zo van: ‘We weten dat je dit van plan bent en ik zou het dus niet doen.’

„In Gilze en Rijen heeft wapenhandelaar Jan B. gedreigd om met kalasjnikovs en een handgranaat naar het gemeentehuis te komen. Daarna zat hij een tijd in de cel, maar toen hij vrij was, ging hij voor het gemeentehuis staan. Zo van: ‘Hier ben ik, ik ben net vrijgelaten.’”

Waarom heeft u die aanval op u met het bestelbusje niet naar buiten gebracht?

„Ik dacht: als ik aangifte doe, staan ze zo weer buiten, en ben ik dan veilig? Dus ik heb om mediation gevraagd, een aantal maanden na het incident heb ik ze ontmoet. Ze zeiden dat ze niet hadden nagedacht over wat het betekent voor iemand om hem uit een auto te sleuren. Ze hebben ‘sorry’ gezegd, ik heb ze een hand gegeven. En dat was het dan.”

Wat betekende dat voor uw beveiliging?

„Mijn huis is tijdens mijn burgemeesterschap in Brabant een soort bunker geworden. Er is voor 25.000 euro aan veiligheidsmaatregelen geïnstalleerd, betaald door de gemeente. Verstevigde tussendeuren, een camerasysteem. Ik kreeg rechtstreeks contact met de meldkamer van de politie en twee saferooms, ruimtes waar je vijf minuten veilig kan zitten.

Lees ook een opiniestuk van vijf burgemeesters over bestrijding van de georganiseerde misdaad

„Als je zo wordt bedreigd, zelfs op straat, omdat je burgemeester bent… Na die aanval in mijn auto ben ik echt bang geweest, heb er slecht van geslapen. De mensen om me heen zeiden: ‘Wat gebeurt er allemaal, houd ons er alsjeblieft buiten.’ Dat heb ik geprobeerd. Maar soms denk je wel: ‘Waarom doe ik dit?’”

En wat is het antwoord?

„Ik heb absoluut niet de illusie dat wat ik als burgemeester heb gedaan ook maar iets heeft bijgedragen aan de oplossing van de georganiseerde criminaliteit in Brabant of in mijn gemeente. Maar toch kon ik niet anders dan optreden. Van mij als burgemeester wordt verwacht dat ik pal voor de veiligheid van mijn burgers ga staan. En dat heb ik geprobeerd.”

Ziet u iets van een oplossing?

„Ten eerste is de strafmaat gewoon te laag. Als criminelen weten dat ze na een paar jaar buiten staan of soms een werkstraf krijgen bij drugsdelicten, dan zullen ze er niet mee stoppen. Ik geloof ook niet in het legaliseren van drugs. Criminelen zullen altijd bezig blijven, ook als je drugs legaal maakt. Volgens mij moet je nog meer samenwerken: politie die boeven opspoort, gemeente die controleert, Belastingdienst die de boeken controleert. En we moeten informatie kunnen delen, de privacyregels moeten worden versoepeld.

„Maar uiteindelijk werkt een ding het beste: geld afpakken. Het gaat criminelen om de centjes, dus daar moeten we ze raken. Als dat lukt, dan hebben we misschien een kans om iets van een vuist te maken.”