Vrij zijn is...je papegaai los in de buitenlucht laten vliegen

Vrij Hoe ontspant Nederland in deze dagen?

‘Papegaaien zijn net vliegtuigen. Je kunt ze het beste tegen de wind in laten opstijgen”, zegt Arian Paans (35) in de polder van het Zuid-Hollandse Strijen. Hij werkt bij Defensie en in zijn vrije tijd doet hij aan Free Flight: zijn papegaaien los in de buitenlucht laten vliegen. Zijn blauwgele ara Yellow zit op zijn schouder en is ready for take off. „Drie, twee, een” zegt Paans, en zwaait zijn arm naar voren. Na één klein rondje keert Yellow weer braaf terug, en geeft zijn baas een kusje in ruil voor een pijnboompit.

Yellow is een van de eerste ‘vliegers’ in Nederland, zegt Paans. De vleugels van papegaaien worden nog steeds vaak afgeknipt. De trainingsmethode heeft hij geleerd van Chris Biro, een Amerikaan die op fairs met een piratenshow optreedt waarbij zijn papegaaien los rondvliegen. En van zijn vriend en plaatsgenoot Jan van der Schilt (66), die in zijn tuin met een lange vliegkooi aan het experimenteren was geslagen. Een van de trucs: jonge vogels vliegen achter hun ouders aan, en je kunt de ouderrol overnemen door ze uit de hand te voeren, zegt Van der Schilt.

Inmiddels geven ze hun kennis door aan andere papegaaienhouders, met wie ze in de zomer vaak gaan vliegen, zegt Paans. Maar vandaag heeft Yellow alleen gezelschap van Einstein, de oudste papegaai van Van der Schilt. Einstein wil het liefst naast zijn baasje vliegen, die een paar keer een sprintje trekt. Paans: „Ze zien ons als de slome familieleden die niet kunnen vliegen.” Van der Schilt, gepensioneerd RET-technicus, kocht achtereenvolgens een elektrische fiets en een motor waardoor ze nu samen door de polder kunnen rauzen, zegt hij.

Het heeft iets magisch, vindt Paans, „dat een vogel gewoon weg kan vliegen maar er toch voor kiest om terug te komen.” Alleen toen Yara, zijn eerste ara, voor het eerst los mocht vliegen, had zij zich in een boom verschanst, vertelt hij, en moest er een boomspecialist aan te pas komen om haar eruit te halen. Van der Schilt: „Als wij een papegaai kwijt zijn, is hij ons ook kwijt. Einstein is een keer op de rug van een wielrenner terug naar huis gekomen. Die man heeft doodsangsten uitgestaan.”

Het heeft ook wel iets onnatuurlijks, toch? Zo’n exotische vogel op het Hollandse platteland. „Ik zal een verhaal vertellen”, zegt Paans. „Er was eens een ara die in een holle boom in de Amazone werd opgevoed. Hij vloog naar buiten. Bam. Dood. Gepakt door een roofvogel.” ‘Natuurlijk’ is niet per se beter, bedoelt hij maar te zeggen. Zo zijn de papegaaien in hun volières van alle gemakken voorzien. „Als ik moest kiezen tussen in een lekker bed slapen, of in een grot zitten en rauwe vis eten, zou ik het ook wel weten.”