Thuiskok Krab met ketjap en limoen

Krab is een recente ontdekking van me. Dat wil zeggen: ik vond het altijd al lekker, maar laatst heb ik het voor het eerst zelf gemaakt. Een kilo krabpoten op de markt gehaald voor een tientje, tien minuten koken, lekker sausje, stokbrood en glas witte wijn erbij en smullen maar!

Snijd de krabpoten met een stevig, scherp mes in stukken van vier centimeter. Knip of sla ze met een schaar of hamer in de lengte open. Kneus de zwarte sesamzaadjes met de bonitovlokken, de zwarte peper en de chilivlokken in een vijzel en zet apart. Wentel de krabstukken door het eiwit en bestrooi ze met het aardappelzetmeel; schud overtollig meel eraf.

Frituur de krabstukken in porties circa drie minuten in een laagje olie (180 graden) in de wok, laat ze uitlekken op keukenpapier en houd ze warm. Verhit de boter in een kleine pan, voeg de sesamolie, de knoflook en de rode peper toe. Voeg de rijstwijn toe en breng het geheel aan de kook. Zet het vuur lager en voeg het sesamzaad-specerijenmengsel toe, de palmsuiker, de oestersaus, Japanse sojasaus en het limoensap. Schep de gefrituurde krabstukken om met de saus, zodat de krab bedekt is met de saus. Serveer op een grote schaal met de lente-ui en limoenpartjes.