Analyse

Een nieuwe crisis voor de EU, met oude verwijten

Europese Top Alle lelijke trekjes van de Europese politiek komen door de coronacrisis weer naar boven. Trauma’s uit de eurocrisis spelen op.

Leden van de Europese Raad zijn op het scherm te zien tijdens een videoconferentiegesprek in het Elysée in Parijs, donderdag 26 maart 2020. Ze houden een top om de verspreiding van het coronavirus in te dammen en de verwoestende impact ervan op hun economieën te beteugelen.
Leden van de Europese Raad zijn op het scherm te zien tijdens een videoconferentiegesprek in het Elysée in Parijs, donderdag 26 maart 2020. Ze houden een top om de verspreiding van het coronavirus in te dammen en de verwoestende impact ervan op hun economieën te beteugelen. Foto Ian Langsdon/AP

De gezondheidscrisis waarvan Europa het epicentrum is geworden zet niet alleen de zorgsector onder zware druk: ook de Europese solidariteit vertoont scheuren.

Alle lelijke trekjes die de Europese politiek de afgelopen jaren vertoonde, kwamen de afgelopen weken weer pijnlijk aan de oppervlakte: het blokkeren van gezamenlijke besluiten, het weigeren van hulp en het maken van morele verwijten. Net als tijdens de kredietcrisis en de daaropvolgende eurocrisis. Donderdag overlegden Europese regeringsleiders op een videoconferentie over een gezamenlijke respons op de economische gevolgen. Maar dat het heikelste punt vooruit werd geschoven, toont vooral verdeeldheid.

De discussie concentreerde zich deze week rond de vraag of forser Europees steunbeleid nodig is. Talloze economen bepleitten de afgelopen weken dat een crisis van deze omvang alleen met Europese instrumenten te bestrijden is. Een meerderheid van de lidstaten wil het in de crisis opgerichte Europese Stabiliteitsmechanisme (ESM) snel inzetten om extra financiële armslag te hebben.

Nederland vindt het te vroeg

Maar Nederland vindt het daarvoor te vroeg – en aarzelt niet om landen ondertussen de les te lezen over hun financiële beleid. Bekende argumenten, over het belonen van spilzieke overheden en het belang van „prudent begrotingsbeleid”, klinken weer.

Het roept herinneringen op aan de crisis die in 2008 begon en eveneens diepe breuklijnen blootlegde tussen ‘begrotingshaviken’ in het noorden en de ‘fiscaal flexibelen’ in Zuid-Europa.

Lees ook: Italië voelt zich in de steek gelaten door de EU en krijgt wel steun uit Moskou, Beijing en Havana

Vanzelfsprekend zijn die parallellen niet. Als er iets is wat de coronacrisis kenmerkt, dan is het dat het virus grenzeloos is en de economie van alle Europese lidstaten op vergelijkbare manier platlegt. Waar de schuldencrisis een asymmetrische schok was die vooral in Zuid-Europa slachtoffers maakte, is de coronaklap relatief gelijk verdeeld over het continent. Een crisis bovendien die de vorige qua impact zomaar kan overtreffen. De vijandigere geopolitieke context maakt het falen van Europa bovendien nog gevaarlijker.

Juist daarom, betoogt een groep lidstaten, is dít het moment om vaart te maken met nieuwe Europese instrumenten. Dit is een „symmetrische, externe schok, waarvoor geen enkel land schuld draagt, maar waarvan de negatieve gevolgen door iedereen worden gevoeld”, schreven regeringsleiders van negen lidstaten, onder wie de Franse president Emmanuel Macron en de Italiaanse premier Giuseppe Conte, woensdag in een pleidooi voor de uitgifte van gezamenlijk Europees schuldpapieren. Juist nu moeten de sterkere armen zwakkere broeders optillen. Als Europa dat nu niet kan, wanneer dan wel?

Maar de parallelle manier waarop de coronacrisis alle lidstaten raakt, is volgens Nederland juist een reden om de respons eerst en vooral nationaal te laten verlopen. Laten we allemaal zelf doen wat voor onze eigen economie nodig is, benadrukt Den Haag. En: laat iedereen nu zijn eigen zakken eerst leegmaken, met daarbij steeds de opmerking dat haar eigen zakken „heel diep” zijn.

Groeiende irritatie

Het leidt tot groeiende irritatie, weerstand en ongeloof bij andere lidstaten. Vooral het verzoek van Nederland deze week om eerst nog eens te onderzoeken hoe het komt dat bepaalde landen minder in hun oorlogskas hebben, heeft veel kwaad bloed gezet. Temeer omdat het daarmee impliciet met de beschuldigende vinger wijst naar de landen die de meeste slachtoffers tellen in de virusuitbraak: Spanje en Italië. Nederland staat niet alleen in haar terughoudendheid: landen als Duitsland en Oostenrijk zijn ook geen fan. Maar haar hardvochtige toon roept van andere landen felle emoties op.

Wil een land aanspraak maken op noodfondsen, zo benadrukte minister Wopke Hoekstra (Financien, CDA) deze week meermaals, dan zal daaraan de verplichting verbonden zijn economische hervormingen door te voeren. Het werkt als een rode lap op een stier bij landen die vrezen gedwongen te worden flink te moeten bezuinigen. Trauma’s uit de eurocrisis spelen weer op.

Zo wordt de krachtige, eendrachtige reactie die volgens economen nu nodig is om een economische crisis te lijf te gaan, gehinderd door oud zeer en nieuwe verwijten. Ondertussen groeide vooral in Italië de afgelopen weken het gevoel door de rest van Europa in de steek te worden gelaten. Een gevoel dat eerder al versterkt werd door het besluit van Duitsland en Frankrijk om de export van mondkapjes per direct stil te leggen. De Europese Commissie moest druk uitoefenen om de goederenstroom weer op gang te brengen.

‘Ikke eerst’-reactie

In een toespraak in het Europees Parlement uitte Commissievoorzitter Ursula von der Leyen donderdag scherpe kritiek op de „ikke eerst”-reactie van lidstaten. „Op het moment dat Europa echt moest bewijzen dat ze geen ‘mooi-weer-Unie’ is, weigerden er te veel hun paraplu te delen.”

Inmiddels lijkt vooral in Duitsland de vrees te groeien over de geopolitieke gevolgen van de coronacrisis. Dat China, Rusland en Cuba de afgelopen week Italië met veel fanfare te hulp schoten, veroorzaakt in Berlijn ongemak. Afgelopen week kwam er een communicatie-offensief op gang, om duidelijk te maken dat ook Duitsland Italië heus steunt: door mondkapjes te sturen en patiënten over te nemen. Vooralsnog is het echter vooral de propagandaoorlog die Duitsland niet wil verliezen. Dat het uiteindelijk ook overstag gaat en meer financiële solidariteit toestaat, lijkt onwaarschijnlijk.