Verzorgingscentra

Spaans leger treft in tehuizen mensen dood in hun bed aan

Spaanse legereenheden hebben in verschillende verzorgingstehuizen doden in bedden aangetroffen. Dat heeft de Spaanse minister van Defensie Margarita Robles dinsdag bekendgemaakt op de Spaanse televisie. De minister wilde met haar mededeling de ernst van de situatie in Spanje illustreren, waar het coronavirus zo snel om zich heen grijpt dat verzorgingshuizen de controle aan het verliezen zijn.

Robles, die niet zei om hoeveel doden het ging noch om welke verzorgingstehuizen, stelde dat het leger de mensonterende toestanden aantrof omdat in sommige gevallen het personeel zélf besmet was met het virus en in quarantaine zat. Het leger bezocht op maandag 73 verzorgingscentra, waarvan veertien in Madrid.

De openbaar aanklager heeft een onderzoek aangekondigd. Vorige week kwamen de verzorgingshuizen in Madrid al in opspraak, toen bekend werd dat in een van de tehuizen zeker zeventien bewoners met Covid-19 waren gestorven. Het ijsstadion van Madrid is in gebruik genomen als noodmortuarium en het beursgebouw is omgebouwd tot noodhospitaal.

Sinds maandag zijn in Spanje 541 patiënten overleden aan de gevolgen van Covid-19. Er liggen nog 2.600 zieken op de intensivecare-afdelingen. Het totaal aantal doden in Spanje stijgt daarmee met een kwart, naar 2.700. Er zijn ruim 40.000 Spanjaarden positief getest op het virus. Van alle patiënten die tot nu toe in ziekenhuizen zijn opgenomen, zijn er 3.800 weer ontslagen.

Spanje is als het om aantallen doden gaat een van de zwaarste getroffen landen ter wereld, na Italië (6.077 sinds zondag) en China (3.200).