Ramvolle Londense metro doet Britse politieke vete oplaaien

Britten moeten thuisblijven, maar de Londense metro blijft afgeladen vol. Het gesteggel over maatregelen in de coronacrisis lijkt, na Brexit, het volgende politieke twistpunt te worden.

Een propvolle metro op Stratford Station, twee dagen geleden. De Britse politiek heeft moeite met harde maatregelen.
Een propvolle metro op Stratford Station, twee dagen geleden. De Britse politiek heeft moeite met harde maatregelen. Foto Daniel Leal-Olivas/AFP

Twee dagen nadat premier Boris Johnson alle Britten „inlijfde” om het coronavirus te bestrijden en hen maande thuis te blijven, verschijnen er nog altijd foto’s van de overvolle Londense metro. De Underground heeft, met zijn smalle tunnels, gebrekkige zuurstof, slechte ventilatie en grote hoeveelheid fijnstof, altijd al een hoog claustrofobisch gehalte. Maar nu zijn die gebreken een zaak van nationaal belang – cruciaal voor de volksgezondheid van de metropool.

Vooral artsen en verpleegkundigen die met de tube vanuit de buitenwijken naar ziekenhuizen in de binnenstad reizen, zijn laaiend: wij moeten veilig naar ons werk kunnen, wij willen anderen niet in gevaar brengen. „Ik maak mij grotere zorgen om mijn gezondheid tijdens het forenzen dan tijdens mijn dienst in het ziekenhuis”, zei Julia Harris, een verpleegkundige in een groot Londens ziekenhuis, tegen Britse media.

De drukte in de ochtendspits is confronterend voor de Britten. Bankiers, advocaten, journalisten en politici kunnen hun kantoor mijden en kantoorbuurten, zoals de City, waren de afgelopen week nagenoeg leeg. Maar dat geldt niet voor de bouwvakkers, beveiligers, vakkenvullers, winkelmedewerkers en verpleegkundigen, die tijdens de vroege ochtendspits reizen. Zij worden geacht gewoon op hun werk te verschijnen.

Weg ideologie

De beelden van forenzen die hutjemutje op stations staan, tonen ook aan hoe het Britse bestuur en de politiek worstelen met maatregelen die ingrijpen in de vrije levenssfeer van de Britten. Premier Johnson had de afgelopen weken zichtbaar moeite snel ferme maatregelen te treffen. Met de knoet van de staat zwaaien, past niet bij zijn liberale politieke filosofie. In een mum van tijd moeten de Conservatieven idealen overboord zetten, waar ze al decennia aan vasthouden en waarmee ze in december de verkiezingen wonnen.

Lees ook:Boris Johnson ziet een corona-lockdown niet zitten

In die campagne waarschuwden de Tories nog voor Labour-leider Jeremy Corbyn. Zij zetten hem neer als marxist met een gat in zijn hand, die een ongekende golf van nationaliseringen zou doorvoeren. En nu, een paar maanden later, besluit de regering met een pennenstreek om de marktwerking op het spoor plat te leggen en – in ieder geval het komende half jaar – private vervoerders de facto te nationaliseren.

Minister Rishi Sunak van Financiën kondigt het ene na het andere economische paardenmiddel aan, zonder de indruk te wekken dat hij enig idee heeft wat dat allemaal kost. Om gedwongen ontslagen te beperken, beloofde hij het leeuwendeel te bekostigen van salarissen van werknemers die door corona tijdelijk niet werken. De Conservatieven zijn wendbaar, maar dat gaat hun niet altijd makkelijk af. Burgers opdragen binnen te blijven is één ding, vervolgens de politie erop uit sturen om dat gebod af te dwingen vinden ze moeilijker. Pas dinsdagavond kondigde de spoorwegpolitie aan extra controles uit te zullen voeren op te drukke stations tijdens de spits.

Burgemeester versus premier

De ophef over forenzen is tegelijk een manier om een politieke vete uit te vechten. Johnson en zijn ministers schuiven de schuld van de drukte af op Sadiq Khan, de Labour-burgemeester van Londen. Khan stond toe dat het Londense OV een beperkte dienstregeling invoerde, maar stuitte op verzet. „De beste remedie is terugkeer naar een normale dienstregeling. Zo kunnen reizigers beter afstand van elkaar nemen en gespreid reizen”, zei minister Matt Hancock van Volksgezondheid.

Burgemeester Khan vindt op zijn beurt dat de regering schuld heeft. De regels die Johnson heeft opgesteld zijn te laks, zegt hij. „Te veel reizigers op de drukste momenten, die werken in de bouw”, schreef Khan in een Facebook-post aan alle Londenaren. „Ik herhaal mijn pleidooi om bouwwerkzaamheden op dit moment stil te leggen.”

Daar wil Johnson nog niet aan. De bouw is een van de weinige sectoren die nog niet zijn ingestort. Het nijpende Britse woningtekort is een politiek gevaar dat ook na de coronacrisis rond blijft waren.

Vanaf woensdagmiddag is het parlement voor minstens vier weken geschorst. Snel werd nog een noodwet aangenomen die de regering verregaande bevoegdheden geeft. Ook al zijn de ideologische twisten van de afgelopen jaren — Brexit of geen Brexit, kleine overheid of grote overheid — verdwenen, de ruzie tussen Johnson en Khan toont dat de coronacrisis een nieuwe bron wordt van politieke strijd.