Opinie

Niemand weet exact wat nu het beste is

Floor Rusman

Dat een nuchter volkje ook kan overdrijven, werd afgelopen weekend weer duidelijk. Terwijl veel mensen de regels en adviezen opvolgden door thuis te blijven of een rustige wandeling te maken, heette het op sociale media en later in de kranten dat mensen „massaal” naar de stranden en parken waren getrokken. Op Twitter circuleerden foto’s van de zondaars, vaak vergezeld door de vermaning „Blijf thuis!” of een smeekbede om een lockdown.

Het gevolg: Rutte en Grapperhaus spraken de bevolking maandagavond toe alsof het een groep stoute kinderen was. Over hun eigen aandeel hadden ze het niet, terwijl dat best had gekund. Want hoe duidelijk waren de voorschriften eigenlijk geweest?

Op 13 maart zei RIVM-directeur Jaap van Dissel dat mensen die graag naar het café wilden dat vooral moesten blijven doen als ze daar blij van werden.

Op 15 maart sloten de cafés. Minister Bruins riep mensen op anderhalve meter afstand te houden.

In zijn toespraak op 16 maart zei Rutte niks over die anderhalve meter afstand, of over social distancing überhaupt. Hij eindigde met de woorden „ik reken op u”, maar zei niet waarop hij dan rekende. Extra verwarrend was de mededeling dat we de komende maanden allemaal besmet zullen raken. Hoefden we dan toch niet zo voorzichtig te zijn?

Toch wel, want de strenge Grapperhaus zei maandag 23 maart dat we „zo min mogelijk naar buiten” moeten gaan, bijvoorbeeld alleen om een dringende brief op de post te doen.

Maar tot die maandagavond hadden RIVM en kabinet niks gezegd over binnen blijven – sterker nog, op de site van het RIVM stond dat een boswandeling heilzaam kon zijn. Dus wat kon je de dagjesmensen van afgelopen weekend eigenlijk kwalijk nemen?

Intussen zijn de nieuwe verwarringen alweer geboren. Grapperhaus kondigde maandag aan dat je niet meer „met drie of meer mensen minder dan anderhalve meter uit elkaar” mag rondlopen. Een monsterlijke zin, vanuit crisiscommunicatie-oogpunt. Of vanuit elk oogpunt, eigenlijk.

De verwarring duurt woensdagmiddag, als ik dit schrijf, nog steeds voort. Op de site van de Rijksoverheid staat dat verboden groepsvorming begint bij „drie of meer mensen”, terwijl de site van het RIVM het heeft over „meer dan drie personen”. Of je als te innig wandelend drietal in overtreding bent, is dus onduidelijk.

En dan te bedenken dat de meeste Nederlanders niet zoals ik al weken alle overheidscommunicatie closereaden. Die vernemen vaak dingen van horen zeggen – eens kijken hoe lang de „drie of meer mensen minder dan anderhalve meter uit elkaar”-zin intact blijft bij het doorvertellen.

Maar terwijl ik zo inzoom op de kleine lettertjes, bedenk ik dat ik in een fuik zwem. In plaats van als calculerende burgers te vragen wat er precies ‘mag’, zouden we ook zelf ons gezonde verstand kunnen gebruiken. Het is goed daarbij te bedenken dat niemand exact weet wat nu het beste is om te doen: de overheid niet, wetenschappers niet, en de betweters op Twitter ook niet, ook al zijn ze daarvan niet op de hoogte.

Een paar simpele dingen weten we wel. Eén: elk extra contact tussen mensen vergroot zowel het persoonlijke als het collectieve gezondheidsrisico. En twee: maandenlang binnen blijven heeft ook een prijs. Zeker voor mensen met psychische problemen, een piepklein huisje of een gewelddadige partner, om maar wat dingen te noemen.

Op basis hiervan moeten we nu ieder onze eigen afwegingen maken – het liefst zonder begluurd te worden door mensen die het anders doen.

Floor Rusman is redacteur van NRC

Correctie: in een eerdere versie van deze column stond ten onrechte dat de persconferentie van premier Rutte en minister Grapperhaus zondag plaatshad. Dat moest maandag zijn.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.