Beland in een slechte film

Ewoud Sanders

Woordhoek

In de Tweede Kamer zei premier Rutte vorige week: „Af en toe knijp je in je arm. In wat voor film zijn we terechtgekomen?” Hij hoefde het antwoord er niet bij te geven: in een slechte film.

Ik vermoed dat veel mensen daar in gedachten dezelfde beelden bij zien. Verlaten straten en pleinen, dreiging van buitenaf, zombies of gevaarlijke straling. Gevolgd door plunderende bendes. Wat je in dergelijke films nooit ziet, zie je nu in de praktijk gelukkig wel: mensen die allerlei creatieve, vrolijke en positieve initiatieven ontplooien.

Ik wil daar een initiatief aan toevoegen, in de eerste plaats voor de studenten en onderzoekers die opeens niet meer terecht kunnen op hogescholen en universiteiten, noch in bibliotheken. De afgelopen twintig jaar heb ik, voor eigen onderzoek en om beweringen in deze rubriek beter te kunnen onderbouwen, een grote digitale bibliotheek aangelegd. Het gaat om ruim 230.000 thematisch geordende boeken en tijdschriften.

Daaruit zal ik enkele deelverzamelingen gratis beschikbaar stellen aan studenten en onderzoekers (mail naar post@ewoudsanders.nl). Auteursrechtelijk zitten hier haken en ogen aan, maar nood breekt wet, ook in de e-humanities. Voorwaarde is dat deze zogenoemde corpora of datasets niet op internet worden gepubliceerd, ze zijn alleen voor ‘thuisgebruik’. Wie er een zogenoemde indexeringstool bij aanschaft (niet bij mij), kan al die bronnen heel precies doorzoeken: op woorden, woorddelen en woordcombinaties. Hoe dat werkt, kan ik aan belangstellenden uitleggen.

Om te beginnen een kleine dataset, wellicht om mee te oefenen. De introductie van de film leidde in Nederland al snel tot het zogenoemde bioscoopvraagstuk. Sommigen hadden het idee dat álle bioscoopfilms („het meest brandende probleem dat Nederland beroert”, 1950) slecht waren: ze zouden tot zedeloosheid en criminaliteit leiden. Anderen meenden dat films konden worden ingezet als leermiddel in het onderwijs. Er is al het nodige gepubliceerd over dit onderwerp, maar meer studie kan nooit kwaad. Belangstellenden kunnen een setje gedigitaliseerde brochures over deze kwestie krijgen.

Hieronder drie grotere corpora voor het serieuzere werk.

1. Binnenkort vieren we 75 jaar bevrijding. In hoeverre kwam de oorlog ter sprake in romans die tussen 1940 en 1945 zijn verschenen? Welke onderwerpen kwamen aan bod en welke juist niet? Studenten die zich hierin willen verdiepen kunnen een corpus krijgen van ruim vijfhonderd gedigitaliseerde romans uit die jaren.

2. Het verschil tussen zogenoemde hoge en lage literatuur kun je op allerlei manieren onderzoeken, maar het lijkt mij nuttig om er een corpus streekromans bij te betrekken. Daarvan heb ik er ruim duizend digitaal beschikbaar, grotendeels uit de tweede helft van de twintigste eeuw. Plus wat secundaire literatuur. Goed om te weten: streekromans hebben in Nederland véél grotere oplagen gehaald dan welke ‘hogere’ literatuur ook. Toch is er bij mijn weten nauwelijks onderzoek naar gedaan.

3. Het idee dat vooral Zwarte Piet tot stigmatisering van mensen met een donkere huidskleur heeft geleid, is veel te simplistisch. Voor vreemde, onthutsende denkbeelden over allerlei minderheden zijn zondagsschoolboekjes een gouden bron. Ze zijn vaak in enorme oplagen onder kinderen verspreid. Ik heb er ruim vijftienhonderd digitaal beschikbaar. Meer details hierover deze woensdag in het online tijdschrift Neerlandistiek (‘Een neger in het dorp!’).

schrijft elke week over taal. Twitter: @ewoudsanders.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.