Opinie

Ook in nieuw pakket vraagt het kabinet burger zelfdiscipline

Coronacrisis

Commentaar

Beeld uit het weekend: drukte in sommige winkels, het strand, in de bossen en parken. Openlucht fitnessclubjes, groepjes jongeren die chillen. En vooral een kennelijk negeren van het advies anderhalve meter afstand van elkaar te houden – terwijl dat de sleutel voor het temmen van de besmetting moet zijn. Dat op zondag een berispend NL-Alert bericht op ieders gsm verscheen, kon dan ook geen verrassing zijn. Een poging tot digitale crowd control, gevolgd door haastige afsluiting van toegangswegen en parkeerterreinen.

Lees ook: Drukte in parken: Ik heb sociaal contact nodig anders word ik depressief

Liet de Nederlander hier zien hoezeer hij aan z’n vrijheid hecht, met lak aan de buurman? En hoe moeilijk een eventueel echte lockdown dus te handhaven zal zijn? Of was dit een redelijke interpretatie van de adviezen, met ruimte voor eigen keuze en verantwoordelijkheid? En daarmee een demonstratie van besturen à la Néerlandaise waarin gedogen, overleg en tolerantie de toon bepalen? Het land waar ‘dat maak ik zelf wel uit’ zo’n beetje de grondhouding is. En er van de politie-agent vooral verbale talenten worden gevraagd. De burger is er assertief, best voor rede vatbaar, maar niet per definitie gezagsgetrouw.

In België en Duitsland, in het bijzonder Noordrijn-Westfalen, groeide de ergernis over de Lage Landen. Die staan er toch al bekend als een curieus permissief land waarvan de uitwassen over de grens vaker als negatief worden ervaren. Nu leek Nederland zich vorige week opeens collectief te willen láten besmetten om zich aldus ‘groepsimmuniteit’ te verwerven. Het leek de rechtse federale Belgische minister van volksgezondheid Maggie De Block vooral gevaarlijk.

Voor de burger was dit vooral een laatste-kans-weekend – gauw naar buiten, een frisse neus na een week binnen zitten. Strikt genomen was daarmee niets mis. Het overheidsadvies luidde tot gisteren immers ‘zoveel mogelijk’ thuiswerken; bijeenkomsten waren toegestaan, mits beperkt tot 99 personen. Alleen wie griep- of verkoudheidssymptomen vertoonde werd echt dringend verzocht thuis te blijven. Aan ieder ander werd feitelijk gevraagd zelf te beslissen wat wijsheid was. Dat bleek dus te variëren. Het collectieve effect van dit beleid leidde weer tot terechte protesten in sociale media van zorgpersoneel dat zelf professionele risico’s neemt, tegen medeburgers die alleen aan zichzelf dachten.

Tegen die achtergrond zijn de extra maatregelen van het kabinet meer dan begrijpelijk. Tot 1 juni zijn nu alle samenkomsten verboden, ongeacht het aantal personen. Burgemeesters mogen stranden, parken, boulevards sluiten en boetes uitdelen. Winkels dienen een scherp deurbeleid te voeren. Handhaving van groepsvorming ‘begint bij drie personen’, vatte Rutte samen. Lichtpuntje: jonge kinderen mogen nog ongereguleerd buiten spelen. Voor wie het nog niet begreep: alles draait nu om anderhalve meter afstand.

De nieuwe maatregelen zijn een noodzakelijke en hopelijk tijdige verscherping – de datum 1 juni is voor diegenen die hoopten dat het op 6 april voorbij is alvast een aanwijzing van het tegendeel. Tegelijk is de stijl van het kabinet niet veranderd. Zelfdiscipline staat nog immer voorop. Alle burgers verplicht thuis houden is minder belangrijk dan om iedereen 1.5 meter onderlinge afstand in te prenten. Dit is nog steeds geen lockdown, ofwel generiek huisarrest, die overigens nog altijd kan komen. Het tempo waarin maatregelen worden genomen ligt immers vrij hoog. Daarmee heeft de onoplettende burger een tweede kans gekregen. Die hij of zij nu wel moet pakken.