Brieven

Covid-19

Wat we kunnen leren van Camus

Door de coronacrisis staat La Peste (1947), het boek van Albert Camus, weer volop in de belangstelling. Maar het boek gaat niet letterlijk over de pest. Het eindigt met de bewering dat de pestbacil wacht tussen lakens in de kast en de bladzijden van je boeken op het moment dat hij opnieuw kan toeslaan. Dit is wetenschappelijk gezien onzin. Camus heeft dan ook geen wetenschappelijk werk over de pest geschreven. Niet voor niets haalt hij voorin het boek Daniel Defoe aan: iets wat echt bestaat (lees: concreet is) kan heel goed worden weergegeven door iets wat niet bestaat (lees: abstract is). Camus geeft een schijnbaar realistische beschrijving van een epidemie, zoals Defoe ook doet in zijn boek Plague Year, waarmee hij symbolisch het Kwaad weergeeft en hoe de mens zich daartegen teweer probeert te stellen. En dat laatste lukt! De oplettende lezer zal opmerken dat ieder personage in het boek dat een liefde in zijn leven heeft de epidemie overleeft. Ook niet heel wetenschappelijk, maar wel troostend. Nooit zal de mens het noodlot de baas worden, zegt Camus, maar wil hij zijn menselijke waardigheid behouden, dan moet hij iedere keer toch opnieuw proberen de onvoorspelbare rampen die hem treffen het hoofd te bieden en zich in te zetten voor zijn medemens.