Opinie

Een beetje kleur in de Via Canneto Il Lungo

Dagboek Coronavirus

In mijn mondaine leven van weleer was er geen tijd voor groente. Maar nu de wereld is stilgevallen, kom ik bijna dagelijks bij het groente- en fruitwinkeltje van Carlo en Amanda.

Voorheen groetten Stella en ik hen haastig in de ochtend, wanneer wij ons een weg baanden tussen Genuezen en toeristen om ergens te gaan ontbijten met verse focaccia en een brioche alla crema voordat Stella haar galerie opende, en groetten wij hen opnieuw vluchtig in de avond, terwijl zij na een lange werkdag de lege groentekratten opruimden en wij plek hoopten te vinden in een van de overvolle restaurants.

Nu lijken zij de enigen die nog in leven zijn in dat stuk van Via Canneto Il Lungo. Hun kleurige fruitkistjes staan uitgestald in een postapocalyptisch grauw decor van gesloten rolluiken. En terwijl zij met handschoenen mijn boodschappen inpakken, heb ik op de gepaste afstand van twee meter voor de ingang van hun winkeltje alle tijd om door mijn mondkapje heen met hen te praten.

„Wij hebben nog geluk”, zei Carlo. „De meeste sectoren zijn volledig stilgevallen. Maar de mensen moeten toch eten. We hebben onze klanten zoals jij en we zijn blij dat we deze service mogen verlenen, maar het is moeilijk. Wij bevoorraadden tien restaurants. Dat was goed voor meer de helft van onze omzet. Als ik zeg dat we overleven, zeg ik eigenlijk al te veel.”

Ik zei dat ik nog nooit zo gezond had gegeten als de laatste tijd.

„Dat zeiden meer van onze klanten. In het begin waren ze blij dat ze eindelijk de tijd hadden om goed te koken. Ze wisselden recepten uit. Maar nu, na een week, is het enthousiasme er bij de meesten wel vanaf. Zij hebben er genoeg van.” Hij zette mijn boodschappen in de neutrale krat. „En wij ook.”

Schrijver Ilja Leonard Pfeijffer woont in Genua. Op deze plek schrijft hij over de impact die het coronavirus heeft op het leven daar.