Waarom raak je zo vaak je gezicht aan met je hand?

Belangrijk in tijden van corona: raak zo min mogelijk je gezicht aan. Om te voorkomen dat het virus via je handen in de slijmvliezen van je mond, neus en ogen komt. Maar waarom raken we zo vaak ons gezicht aan? En kunnen we dat ooit afleren?

Australische onderzoekers filmden vier uur lang een collegezaal vol studenten. Die bleken gemiddeld 23 keer per uur hun gezicht aan te raken. In 44 procent van de gevallen was dat een aanraking van mond, neus of ogen. De overige aanrakingen betroffen – in volgorde van frequentie – kin, haar, nek en oor. Dit face touching, aldus de onderzoekers, is een onbewust, diep ingesleten gedrag, dat waarschijnlijk maar moeilijk af te leren is.

Gorilla’s, orang oetans en chimpansees raken hun gezicht net zo vaak aan als mensen, ontdekten Britse onderzoekers in 1984 , maar niet-mensapen doen het niet. Twee jaar later ontkrachtten Amerikaanse psychologen dat onderscheid: ook makaken zitten vaak aan hun gezicht.

Poezen doen het poetsend

Poezen en hamsters doen hetzelfde, maar alleen tijdens het poetsen. Pieter Hoekstra vermoedt dat ook ons face touching van origine een verzorgingsgebaar is. Hij werkt bij GGZ-organisatie Accare en is hoogleraar kinder- en jeugdpsychiatrie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Hij is onder meer specialist in het syndroom van Gilles de la Tourette. „Mensen hebben allerlei verzorgingsgewoonten die tot dwang kunnen uitgroeien”, zegt hij. „Bijvoorbeeld nagelbijten, pulken aan wondjes of plekjes op de huid.” Hoekstra vermoedt dat al die gedragingen in oorsprong stressverlagend werken. „Ze geven je het gevoel dat je controle hebt”, zegt hij. Dat blijkt ook uit een Duits overzichtsartikel over gezichtsaanraking. Mensen die angstig, onzeker of oncomfortabel zijn, raken hun gezicht vaker aan. Ander Duits onderzoek liet zien dat terwijl mensen hun gezicht aanraken, bepaalde hersengebieden extra actief zijn: de gebieden die betrokken zijn bij emotieregulatie en werkgeheugen. In die zin lijkt het gezicht aanraken op zogeheten overspronggedrag: het verschijnsel dat je onbewust een gedrag vertoont uit één gedragsgroep (verzorging) terwijl je eigenlijk met iets anders bezig bent (zoals naar een college luisteren of emoties verwerken). Een ander voorbeeld van overspronggedrag is steeds even een haarlok naar achteren vegen.

Chaim Huyser is kinder- en jeugdpsychiater en tourette-onderzoeker bij het expertisecentrum Dwang, Angst en Tics van de Bascule. Dat is het academisch centrum voor kinder- en jeugdpsychiatrie in Amsterdam. Hij vermoedt dat gezichtsaanrakingen voortkomen uit de gevoeligheid van het gezicht. „Het gezicht is een uiterst gevoelig orgaan en we registreren continu wat daar gebeurt”, zegt hij. „Jeuk en prikkeling gaan de hele dag door. We zijn gewend daar onbewust op te reageren met aanraking – de jeuk is even weg.”

Een tic is het niet

Huyser zou het gedrag geen tic willen noemen, hoewel de analogie groot is. „Er is een lichamelijke sensatie die we neutraliseren door een beweging”, zegt hij. „Ook tics worden vaak voorafgegaan door een gevoeligheid, jeuk, of andere lichamelijke sensatie, waarna de tic dat gevoel opheft.” Het verschil is dat de beweging bij een tic ongecontroleerd is en niet een gewone alledaagse handeling is. Huyser: „De definitie van een tic is een plotseling optredende, snelle, herhaalde, niet-ritmische beweging of vocalisatie.”

Kunnen we onszelf aanleren om minder vaak ons gezicht aan te raken? Huyser denkt van wel – net zoals je tics kunt verminderen, door ‘exposure met responspreventie’. „Of in goed Nederlands: het leren verdragen van de lichamelijke sensatie zonder erop te reageren met een beweging”, legt hij uit. „Je kunt dit dagelijks oefenen door bewust de sensaties in je gezicht te ervaren en tegelijkertijd jezelf te verbieden het gezicht aan te raken. Hoe langer je dit volhoudt, hoe groter de kans dat je niet meer gaat reageren op die gevoeligheden in je gezicht.” Dit is in feite gedragstherapie. Er is een app die je daarbij kan helpen, merkt Huyser op: de BT-Coach.

Op internet circuleert ook een andere tip: oefenen door jezelf fysiek te beperken. Bijvoorbeeld door te zitten met je armen over elkaar of met je handen tussen je benen. Of door een tijdlang handschoenen te dragen. Maar dat lukt allemaal niet zo goed als je gewoon aan het werkt bent.

Correctie (26 maart 2020): In een eerdere versie van dit artikel stond Accareis. Dat moet Accare zijn. Dat is nu aangepast.