Van dat beetje extra koken, kunnen anderen profiteren

Koken Als je je huis niet uit mag of kan, ben je blij als de buren met een schaal lasagne voor de deur staan, toch? Of niet? Duidelijke afspraken helpen het ongemak uit de weg.

Foto Getty Images

Koken voor een ander is een daad van liefde. En nu er mensen zijn die opgesloten zijn in hun huizen, is het ook een daad van medemenselijkheid. Soms is het zelfs pure noodzaak, weet Stéphanie van Gerven van Thuisgekookt.nl (voorheen Thuisafgehaald.nl), een platform dat koks koppelt aan buurtgenoten die niet willen of kunnen koken. „Ik had vorige week iemand aan de lijn, die had nog twee crackers in huis voor drie dagen. Dan moet er dus meteen een kok geregeld worden.”

Iedereen kan via Thuisgekookt eten bestellen bij een buurtgenoot, maar de bedoeling is om er vooral kwetsbare mensen mee te bereiken. Thuisgekookt belt met al deze mensen om te kijken wat nodig is. Als je het eten niet kunt halen, komt de kokende buur het brengen. De thuiskoks – meestal geen professionals, maar gewone hobbykoks die het leuk vinden om hun maaltijden te delen – mogen er geen winst op maken. Ze doen soms ook boodschappen of andere kleine klusjes. Koken voor iemand is omkijken naar iemand, een middel om wat extra zorg en aandacht te geven.

Dat is sinds vorige week alleen maar urgenter geworden. „Voor donderdag 12 maart was er een complete terugloop, er werden veel minder maaltijden gedeeld, misschien uit angst voor het virus”, zegt Van Gerven. „Vrijdagochtend, nadat het kabinet de eerste maatregelen had aangekondigd, waren er ineens vierhonderd nieuwe aanmeldingen van koks en heel veel aanvragen van mensen die in quarantaine zitten of in de zorg werken. Vraag en aanbod groeien met de dag.” Inmiddels telt het bestand 13.000 koks, door heel Nederland.

Lees ook: onze recensent Joël Broekaert over hoe je thuis toch nog een beetje uit eten kunt.

Behulpzaam of opdringerig

Thuisgekookt is één manier om voor anderen te koken. Intussen gaan er overal onbezoldigd ovenschotels naar buren, pannen soep naar collega’s, tajines naar (groot)ouders. Voor aanbieders kan het lastig zijn de grens tussen behulpzaam en opdringerig te vinden. Ontvangers laveren tussen dankbaarheid en een bezwaard gemoed. „Ze zeggen niet voor niets: de weg naar de hel is geplaveid met goede bedoelingen”, zegt Reinildis van Ditzhuyzen, die etiquetteboek Hoe hoort het eigenlijk? schreef.

Haar aanwijzingen voor het normale sociale verkeer blijken ook hier van toepassing. „Regel 1: houd rekening met elkaar. En regel 2: wees duidelijk.” Uit regel 1 volgt dat hulp aanbieden altijd goed is. Regel 2 betekent in dat geval dat je erbij meteen bij zegt: laat het weten als je dat niet wilt. En als je het nu niet wilt: wil je dat ik het nog een keer vraag of is dat niet nodig?

En dan de ontvanger. Mag je zeggen dat je niet van spinazie houdt of kijk je dan een gegeven paard in de bek? „Als de kok voor een groep mensen kookt, moet je niet te veel noten op je zang hebben. Als je de enige bent, is het fijn als hij of zij weet wat je niet wilt eten. Duidelijkheid boven alles!”

Sommige hulpkoks vragen geld voor hun maaltijd als ze voor buren of vrienden koken. Kil en calculerend? „Absoluut niet! Een prima oplossing”, vindt Van Ditzhuyzen. „Als iemand mij een maaltijd zou aanbieden, zou ik erop staan ervoor te betalen. Als de kok dat vervolgens resoluut weigert, kun je een termijn afspreken: laten we tot 6 april doorgaan en dan opnieuw afspraken maken.” Dan hoeft de ontvanger zich niet bezwaard te voelen en weet de kok dat-ie er niet voorgoed aan vastzit. „Iedereen is nu heel emotioneel en vol goede bedoelingen, maar juist nu moet je je kop erbij houden. Blijf zakelijk en gebruik je gezond verstand.”

Gezond verstand is gebaat bij goede informatievoorziening. In de weken dat minder koks hun maaltijden aanboden bij Thuisgekookt, was er veel onzekerheid. Van Gerven: „Wij waarschuwden toen zelf ook voor het gevaar van besmetting. Nu benadrukken we juist: je kunt iets doen voor een ander, en we geven duidelijke aanwijzingen hoe je dat veilig kunt doen.”

Ook het Voedingscentrum helpt deelkoks. Op de website staan gezonde recepten die makkelijk zijn om te delen, maar ook tips voor veilige bereiding en bezorging van maaltijden. Dat je niet boven de pan moet niezen, spreekt voor zich. Verder: verhit het eten goed, laat het niet langer dan twee uur buiten de koelkast, doe het in goed afsluitbare bakjes of potjes, was voor en na het bezorgen je handen, houd afstand bij de deur en wijs erop dat de ontvanger het eten ook weer goed verhit. Virussen en bacteriën zijn er dan uit. Het ingrediënt liefde is tegen elke temperatuur bestand.

Henrike van Gelder (48, Amsterdam): ‘Pizza of Thais, dat hoeft-ie niet.’

„Het begon in die koude winter van twee jaar geleden. Op enig moment dacht ik: ik sta toch te koken, ik kan net zo goed wat naar de buurman (94) brengen. Dat doe ik nu ongeveer eens per week, en er komen ook nog andere buren. Niet te vaak, want hij wil de noodzaak houden om zelf zijn eigen boontje te kopen en te doppen. Als ik iets maak waarvan ik denk dat hij het lekker vindt, vraag ik of ik wat zal brengen. Hij zegt ook weleens nee. Pizza of Thais, dat hoeft-ie niet. Maar hij houdt van stamppot – ‘jouw zuurkool smaakt écht naar zuurkool’ – zegt-ie. En hij is dól op pannenkoeken.

Dat koken is ook een manier om hem een beetje in de gaten te houden. We komen niet bij elkaar over de vloer, dat wil ik ook niet, maar zo houd je een oogje in het zeil. Normaal is het roomservice, maar deze week heb ik hem het dienblad door het raam aangegeven.

Foto Getty Images

Samira Abbadi (38, Rotterdam): ‘Ik ben even extra lief voor mijn Italiaanse huisgenootje.’

”Vorige week heb ik voor mijn moeder een ‘coronatajine’ gemaakt, met wat nog in huis was: doperwtjes, zoete aardappel, lamsvlees uit de vriezer, ui en wortel. Verder ben ik deze weken extra lief voor mijn Italiaanse huisgenootje, die nu niet terug kan naar haar familie in Italië. Als ik iets over heb, bewaar ik het niet voor mezelf, maar geef ik dat aan haar. Je zit toch een beetje samen opgesloten. Dit zijn even geen tijden voor hipster-eten, nu heb je behoefte aan voedzame, koolhydraatrijke maaltijden, zoals harira (linzensoep) en bissara, een Marokkaanse erwtensoep. Die kun je maken van spullen die je lang kunt bewaren of al in huis had, het is gezond en compact en ideaal om op te warmen.

Christiaan Widdershoven (28, Amsterdam): ‘Als er meer vraag is van oudere mensen, kook ik minder exotisch.’

„Via Thuisgekookt.nl kun je zien wat ik kook en dat bij mij afhalen. Vandaag maak ik yakisobanoedels met buikspek, morgen een pokébowl. Ik kook voor mensen die geen tijd hebben of in de zorg werken, maar voor een groot deel zijn het mensen die wat meer hulp en aanspraak nodig hebben. Het is echt een sociaal ding. Dat vind ik er zo leuk aan. Ik krijg er niet meer dan de kostprijs voor en ik schiet er ook weleens bij in. Voor 4,50 euro kun je bijvoorbeeld kimchi met fried rice krijgen. Deze week heb ik een heel weekmenu online gezet – ik ben toch thuis. Soms kook ik voor twee mensen, maar ook weleens voor zes. Zelf houd ik van Aziatisch, maar als er meer vraag is van oudere mensen, kook ik iets minder exotisch. Aardappels met stoofvlees bijvoorbeeld. Normaal nemen mensen vaak zelf een bakje mee, maar nu met het coronavirus gebruik ik wegwerpbakjes en ik werk met handschoenen. En als mensen hun huis niet uit kunnen, kan ik het ook even brengen.

Foto Getty Images

Rachida Kharbouch (39, Helmond): ‘Ik maak gerechten die je makkelijk kunt opwarmen.’

”Met mijn vijf zussen koken we om en om voor mijn ouders van 75 en 73. Dat kan ook makkelijk want ik kook nooit per persoon, van een groot gerecht is altijd genoeg over. Mijn vader maak ik niet blij met pasta, hij houdt van traditioneel Marokkaans eten. Ik maak gerechten die je makkelijk kunt opwarmen, couscous met groente, tajine of soep bijvoorbeeld. Op vrijdag kwamen we vaak bij elkaar om te eten, dat kan nu niet. Maar ik kook nog steeds heel veel op vrijdag, vaak tajine, en dan is het een kleine moeite om even bij iedereen langs te gaan en wat te brengen. Op gepaste afstand, zonder knuffel helaas. Mijn tip? Wees niet gierig! Geef dubbele porties, dan hebben ze ook nog iets lekkers voor de lunch van morgen.

Olaf ter Braack (48, Haarlem): ‘Mijn buurvrouw geeft duidelijk aan wat ze lekker vindt.’

„Als je voor drie kookt, kun je ook voor vier koken. Ik kook graag en altijd te veel, dus het is een kleine moeite om een bakje naar de buurvrouw (84) te brengen. Meestal een dag of drie, vier per week, we hebben geen vaste afspraken. Ze wil ook haar zelfstandigheid bewaren. Soms kondig ik het ’s middags aan, soms breng ik wat wij over hebben, voor de volgende dag. Ik vraag er geen geld voor, want ik doe het echt voor m’n lol en ik weet dat ze ervan geniet. Ze houdt niet van koken, maar wel van eten, vooral van vlees. Ze geeft duidelijk aan wat ze wel of niet lekker vindt, ik hoef haar niet met een hete curry te overvallen. Ik maak gerechten die je makkelijk kunt opwarmen – chili, milde curry’s, gevulde groenten, maar vooral lasagne vindt ze heerlijk. Tip: bij de groothandel hebben ze handige aluminiumbakjes voor in de oven.

Mijn dochter brengt het eten vaak, maar nu even niet. Ik zet het ook niet meer op tafel, maar geef het bij de deur af.”