Analyse

Eigen land eerst

Crisisbestrijding In de pandemie vecht elk land in eerste plaats voor zichzelf. Een internationaal gecoördineerd antwoord ontbreekt.

Een Israëlische brandweerman verspreidt desinfectiemiddel over een parkeergarage in Tel Aviv. De parkeerplaats moet een drive-through worden voor mensen om zich vanuit te auto te laten testen op het coronavirus.
Een Israëlische brandweerman verspreidt desinfectiemiddel over een parkeergarage in Tel Aviv. De parkeerplaats moet een drive-through worden voor mensen om zich vanuit te auto te laten testen op het coronavirus. Foto Jack Guez/AFP

Oog in oog met de pandemie moest de westerse wereld zich deze week opnieuw uitvinden. De burger leverde vrijheden in om de overlevingskansen van zichzelf en van de zwakke leden van het collectief te verhogen. Werknemers werden naar huis gestuurd, scholen gesloten. Ongerustheid werd het nieuwe levensgevoel, hamsteren de nieuwe verleiding.

In de strijd tegen een onzichtbaar en mondiaal fenomeen werd de wereld kleiner. Staten houden hun burgers binnen en hun grenzen dicht. De burger zit thuis, zijn dagelijkse actieradius beperkt zich tot de dichtstbijzijnde supermarkt. Fietsen over de polderdijk kan nog net, reizen naar het buitenland niet meer.

Overheden denken het ondenkbare en betreden elk uur nieuw terrein. Het leger wordt ingezet om te helpen en te controleren. De Israëlische geheime dienst struinde de wereld af naar testkits. In Tel Aviv werd, ondanks een lockdown, gedemonstreerd omdat de overheid de burger via zijn mobiel wil schaduwen. In de VS wil de overheid de burger gratis geld sturen. Welkom in de wereld van „whatever it takes”.

Veldheer Macron

In Europa is de aanpak overal ongeveer gelijk: door het maatschappelijk verkeer af te knijpen wordt de besmetting uitgesmeerd. Op die manier moet worden voorkomen dat de intensive care overbelast raakt. Niemand wil naar de fase waarin artsen beslissen wie wel en wie niet overleeft. Maar de stijl verschilt per land en per leider. De Franse president Macron gaat de pandemie te lijf als veldheer. Het is oorlog, zei hij. De lockdown is strak en wordt – in theorie – streng gecontroleerd. De Duitse kanselier is ernstig en zorgzaam tegelijk. Merkel sprak van de „grootste crisis sinds de Tweede Wereldoorlog” en riep op voor elkaar te zorgen. De Britse premier werd door de feiten ingehaald. Johnson begon losjes, maar schoof later naar steeds strengere maatregelen.

Zo viel de geopolitieke orde uiteen in de bouwstenen waaruit ze is opgebouwd: landen. Dat is tot op zekere hoogte logisch: gezondheidszorg en openbare orde zijn nationaal geregeld. En internationale instellingen en fora deden hun werk. De G7-leiders spraken elkaar per video en blijven dat maandelijks doen. Virologen wisselden informatie uit. Brits onderzoek had grote invloed op Amerikaans beleid. Maar tot een gezamenlijke aanpak kwam het nog niet.

Lees ook: De week van ziekenhuisdirecteur David Jongen: ‘Mijn grootste angst is dat het helemaal vastloopt’

Eigen land eerst

In 2008 werd de ineenstorting van de wereldeconomie voorkomen door gecoördineerde actie van staats- en regeringsleiders in G20-verband. In een tijd van concurrentie tussen grootmachten (VS-China), frictie tussen bondgenoten (Europa-VS), onderkoelde verhoudingen (Europa-Rusland) is samenwerking lastiger. In de pandemie geldt vooralsnog: eigen land eerst.

Een paar voorbeelden. Opgeschrikt door het bericht dat het Duitse bedrijf CureVac, dat aan een coronavaccin werkt, door de VS zou worden overgenomen, verstrekte de EU snel een krediet van 80 miljoen. Voor de uitvoer van beschermingsmiddelen voor medisch personeel (mondkapjes) naar landen buiten de Europese Unie moet een exportvergunning aangevraagd worden. Het VK verbood de uitvoer van medicijnen die speciaal voor de exportmarkt zijn geproduceerd.

Europeanen gooiden binnengrenzen dicht. Dat bedreigde de kroonjuwelen van Brussel: de interne markt, het vrije verkeer van personen, goederen en diensten. Na spoedberaad per videoverbinding sloten regeringsleiders de EU-buitengrens in de hoop de binnengrenzen deels open te kunnen houden. Goederenvervoer en noodzakelijk personenverkeer moeten door kunnen gaan. In theorie.

Intussen kregen de Baltische staten en Polen ruzie omdat Polen hun inwoners niet liet doorreizen. In Duitsland gingen stemmen op de grens met Nederland te sluiten omdat de Nederlandse corona-aanpak te laks zou zijn. België sloot vrijdagmiddag de grens omdat Nederlanders de coronabestijrding zouden doorkruisen. Vorig weekend probeerden ondernemers in Zeeuws-Vlaanderen Belgen te weren die in Nederland op café wilden omdat dat thuis niet meer mocht.

In EU-overleg ontstond ook prompt gesteggel over geld. Duitsland en Nederland blokkeerden een discussie over de invoering van Europese staatsobligaties (Eurobonds) met het argument dat nog niet alle financiële steunmechanismen zijn uitgeput. Het besluit van de ECB om 750 miljard euro in de markt te investeren, haalde heel even de druk van die discussie. Premier Conte van het zwaar getroffen Italië pleit voor inzet van het Europese noodfonds ESM (500 miljard euro). De financiële terughoudendheid van Duitsland en Nederland kan goede redenen hebben, maar wie wil een lidstaat steun ontzeggen die inmiddels meer coronadoden heeft dan China zegt te hebben? Vrijdagavond stelde de Commissie voor de begrotingsregels op te schorten om landen meer armslag te geven.

Cadeau van China

China zelf begon intussen van zich af te bijten. Woensdag landde op Schiphol een toestel van Xiamen Air, een Chinese partner van KLM. Aan boord: 80.000 mondkapjes en 50.000 handschoenen. Een cadeautje van China aan Nederland. Het was een vriendschappelijk gebaar, maar niet louter altruïstisch. China is een wereldwijd pr-offensief gestart. Panda-diplomatie werd kapjes-diplomatie.

De Europese Unie krijgt 2 miljoen mondkapjes en 50.000 testkits. De EU stuurde in januari overigens 50 ton hulpgoederen naar China.

China kan wel wat pr gebruiken. Het virus komt daar immers vandaan en de epidemie werd erger doordat China niet meteen handelde en traag was met informatievoorziening. Het helpt niet dat Chinese ambtenaren nu beweren dat helemaal niet zeker is dat de besmetting is ontstaan in China. Sterker nog: de Chinese propagandamachine suggereert dat het virus ook wel eens de schuld van de VS zou kunnen zijn.

Het gevecht tussen de twee grootmachten gaat gewoon door – coronadoden of niet. Trump spreekt hardnekkig over het Chinese virus. China kondigde deze week aan Amerikaanse journalisten het land uit te zetten. Het coronavirus is sterk, maar vooralsnog niet sterk genoeg om een gecoördineerd internationaal antwoord af te dwingen.