Opinie

Omstreden wijsheden

Frits Abrahams

Wie heeft de coronaviruswijsheid in pacht? Niemand helemaal, denk ik soms, luisterend naar al die experts in de media. Leken we net unaniem tevreden over de toespraak van premier Rutte of de eerste tegengeluiden klonken alweer. Wilders uiteraard voorop met de tweet: „Handelen volgens concept van groepsimmuniteit is bekritiseerd door de Wereldgezondheids Organisatie (WHO) en ‘onethisch en gevaarlijk’. Precies de reden waarom het VK er onlangs vanaf is gestapt. Rutte speelt met vuur.”

Als alleen Wilders (en eventueel Baudet) zo kritisch waren, zou er nog niet zoveel aan de hand zijn – bij hen is álles politiek, ook onze gezondheid. Maar ik beluister ook kritische noten van onverdachte zijde. Roberto Burioni, de Italiaanse hoogleraar in microbiologie en virologie, laat in De Telegraaf weten: „Er is geen enkele wetenschappelijke basis om te spreken over groepsimmuniteit. Het is een heel groot risico dat de Nederlandse regering neemt.”

Zijn Belgische collega’s Leen DeLang, viroloog aan de Leuvense universiteit, en Steven Callens, hoogleraar infectieziekten in Gent, zijn bij VRT NWS ook sceptisch. DeLang noemt uitgaan van groepsimmuniteit „pokeren”. Volgens Callens is het risico „dat net die beroepsactieve populatie disproportioneel hard getroffen wordt aan het begin van de epidemie. Dat zou menselijke drama’s kunnen veroorzaken.”

Dergelijke kritiek duikt ook op in het artikel van Arindam Basu, hoogleraar epidemiologie aan de Universiteit van Canterbury, waarnaar Wilders in zijn tweet verwijst. De beste manier om snel groepsimmuniteit te bereiken, aldus Basu, is via vaccinatie, maar zo’n vaccin is tegen het coronavirus nog niet gevonden.

Als prof. dr. F.P. Abrahams, zelfbenoemde niet-hoogleraar virologie en epidemiologie van de NRC Achterpagina, constateer ik na zoveel kritiek: linke soep, die groepsimmuniteit, althans, linker dan we bij het beluisteren van die overigens indrukwekkende rede van Rutte konden vermoeden. Maar laten we hopen dat mijn onwetenschappelijke intuïtie mij totaal in de steek laat – het zou niet de eerste keer zijn.

Voordat al die kritische geluiden mij bereikten, had ik op eigen kracht zelf al een bezwaartje ontwikkeld tegen het scenario van de groepsimmuniteit. In de woorden van Rutte zal eerst „een beheerste verspreiding” moeten plaatsvinden van het virus „onder groepen die het minste risico lopen”. Zo ontstaat er een grote immune groep die „een beschermende muur” om de kwetsbare ouderen en andere zwakke mensen vormt.

Het klinkt prachtig, want solidair, maar wat betekent het in de praktijk? Dat jonge, fitte mensen eventueel hun leven veil hebben voor onder anderen mij, het tandeloze oudje. Zij krijgen dat virus op hun nek, met alle risico’s van dien, en ik lig in het zonnetje achter de muur die zij hebben opgetrokken. Willen ze dat wel?

Nog niet zo lang geleden lieten sommige jongeren al weten dat ze tabak hadden van de egoïstische generatie van de babyboomers die alle mooie banen hadden ingepikt. Moeten ze nu ook al sterven voor die generatie? Het lijkt me wel erg veel gevraagd.

Dit alles laat onverlet, zegt de politicus (naast de viroloog) in mij, dat ik ook graag een antwoord had op een andere prangende vraag: kan ik de komende maanden nog wel ergens naar de kapper?