Drama, irritatie en stress in de Kamer

Debat coronavirus Een minister die flauwvalt, woede over mondkapjes en harde partijpolitiek. De spanning in de Kamer liep woensdag soms hoog op.

Premier Mark Rutte (VVD) arriveert woensdag in de Tweede Kamer, gevolgd door minister Bruno Bruins (Medische Zorg, VVD). Ministers en Kamerleden hielden zo veel mogelijk afstand .
Premier Mark Rutte (VVD) arriveert woensdag in de Tweede Kamer, gevolgd door minister Bruno Bruins (Medische Zorg, VVD). Ministers en Kamerleden hielden zo veel mogelijk afstand . Foto David van Dam

De coronacrisis vergt veel. Van iedereen in het land, maar ook van het kabinet. Even voor half acht, als het debat over het coronavirus in de Tweede Kamer al uren bezig is, roept Jesse Klaver (GroenLinks) plotseling: „Ho, het gaat niet goed! Kan iemand de minister …”

Minister Bruno Bruins (Medische Zorg, VVD) zakt achter het spreekgestoelte in elkaar. Meteen schorst voorzitter Khadija Arib het debat. Bruins wordt overeind geholpen door collega Wouter Koolmees (Sociale Zaken, D66) en wil meteen verder met het debat, waarin hij onder vuur lag omdat hij niet paraat had hoeveel extra mondkapjes er de komende tijd nodig zijn. Door Koolmees en de toegesnelde minister Wopke Hoekstra (Financiën, CDA) wordt hij naar buiten gedirigeerd. Later twittert Bruins dat hij last had van een „flauwte” door „oververmoeidheid en intensieve weken”. Hij zou een avond rust houden. Het debat gaat verder zonder hem.

Aan het begin van de middag had Arib al gezegd dat het een „uitzonderlijke, moeilijke tijd” is. Ook voor de Tweede Kamer betekent dit dat alles op een „andere manier dan gebruikelijk” gaat. Bij het debat zijn van iedere fractie hooguit twee Kamerleden aanwezig en die zitten niet naast, maar achter elkaar. Ook de vijf bewindspersonen in ‘vak K’ houden afstand. De publieke tribune is – op circa tien journalisten en evenzoveel fotografen na – leeg. De fotografen mogen niet beneden in de zaal rondlopen en dus zijn de telelenzen nog groter dan anders.

Lees ook: Doet Nederland te weinig om het coronavirus te stoppen?

Groepsimmuniteit geen doel van beleid

Premier Mark Rutte (VVD) moest zelf constateren dat er „een misverstand” was ontstaan. In zijn toespraak van maandagavond sprak hij van het opbouwen van ‘groepsimmuniteit’ tegen het coronavirus. Hoe meer mensen Covid-19 krijgen en weer beter worden, zei hij, hoe beter kwetsbare groepen als ouderen op termijn zijn beschermd. Die groepsimmuniteit opbouwen kan „maanden of zelfs langer duren”, terwijl intussen „een groot deel” van de bevolking besmet zal raken.

Van die uitspraken zijn mensen „heel hard geschrokken”, zei SP-Kamerlid Maarten Hijink. Het leek alsof groepsimmuniteit „een soort doel” van het beleid was, zei PvdA-leider Lodewijk Asscher. Coalitiegenoot Rob Jetten (D66) noemde het gebruik van die term „niet zo handig”. Door de woordkeuze van Rutte kwamen rekensommen in de media van wel 40.000 tot 80.000 extra doden. PVV-leider Geert Wilders kwalificeerde het inzetten op groepsimmuniteit als „levensgevaarlijk”.

Bij de technische briefing, voor het debat, had directeur infectieziektenbestrijding Jaap van Dissel van het RIVM al geklaagd over verkeerde „framing” van het begrip groepsimmuniteit. Hij zei maandag in Nieuwsuur dat het RIVM „het virus wil laten rondgaan onder mensen die er eigenlijk weinig last van hebben”. Die strategie „versterkt het effect van de andere maatregelen” die Nederland neemt, zei Van Dissel. Zijn uitleg: als een deel van de bevolking het virus met lichte klachten doormaakt en met maatregelen als hygiëne en sociale onthouding voorkomt dat kwetsbare groepen ziek worden, bouwt de samenleving langzaam immuniteit op.

Lees alle ontwikkelingen in het debat terug in ons liveblog: Kamer met kabinet in debat over Nederlandse aanpak corona

Rutte benadrukte dat immuniteit „geen doel” is, maar „bijkomend effect” van het beleid. De premier zei dat het absoluut niet de bedoeling is „om zo veel mogelijk mensen te besmetten”.

PVV en FVD in isolatie

„Hoe kan het dat Nederland een premier heeft die dit voorstelt: mensen onnodig laten sterven?” Wilders was woensdag de eerste spreker en de PVV-leider ging er snoeihard in. Daar werd hij op aangesproken door zijn collega’s, die op meer „respect” aandrongen. Maar daar trok Wilders zich niets van aan. „Ik wil niet dat meer mensen ziek worden”, zei hij op luide toon. En: „Ik wil niet dat meer mensen sterven.” Voor de tegenwerping dat niemand dat wil, hield hij zich doof.

Wilders had één medestander: Thierry Baudet, de leider van Forum voor Democratie. Opvallend was dat de twee voor het eerst gebroederlijk samen optrokken. Wilders en Baudet doken samen op bij de interruptiemicrofoon, zodat ze het van elkaar konden overnemen als een van de twee door zijn vragen heen was.

Met hun toon en stijl isoleerden de twee fractievoorzitters op de rechterflank zich doelbewust van de rest van de Kamer. De sprekers van de overige partijen zeiden van de coronacrisis geen politiek te willen maken, zij stelden zich constructief kritisch op. Hoewel Baudet ook zéí dat het „geen tijd [is] van makkelijk oppositie voeren” en dat hij „het landsbelang voorop” wil stellen om „zoveel mogelijk levens te redden”, bleef hij er maar op hameren dat het kabinet niet de juiste strategie volgt. Waar de rest van de Kamer erkende dat de wetenschap met grote onzekerheden kampt over het coronavirus, wisten Baudet en Wilders heel zeker dat zij het allemaal beter weten. „Snap dat dan”, zei Baudet bijvoorbeeld tegen Klaver. En volgens Wilders kan de Kamer zich geen discussie meer veroorloven. Hun collega-Kamerleden worstelden er zichtbaar mee. „Wilders staat hier met een bijna jaloersmakende stelligheid zijn eigen theorieën te verkondigen als zijnde de waarheid”, verzuchtte Jetten.

Rutte denkt dat Nederland ‘lockdown’ niet pikt

Het is al weken de discussie: doet Nederland wel genoeg ten opzichte van andere landen? Na Italië kondigden ook landen als Spanje, Frankrijk en België vormen van een ‘lockdown’ af. De maatschappij gaat er verder op slot dan hier. Nederland heeft zo’n lockdown „als ongeveer enige in de Europese Unie” niet, stelde Wilders.

Luister ook deze speciale corona-aflevering van Haagse Zaken: Hoe de Tweede Kamer en wij nu werken

Premier Rutte ziet dat anders. Hij wil de term ‘lockdown’ „liever vergeten”. Volgens de premier neemt Nederland al heel „rigoureuze maatregelen” die sterk lijken op wat ze in andere Europese landen een lockdown noemen. „Nederland zit vérgaand op slot, kijk naar de horeca en hoe sterk het gebruik van het openbaar vervoer is teruggelopen.” Volgens Rutte hebben Frankrijk en Spanje ook geen „echte lockdown” zoals China. „Dan blijft echt iedereen thuis. Zo’n extreme vorm zien we in Europa niet. In Frankrijk gaan mensen ook nog naar hun werk.”

Het kabinet vindt een totale lockdown voor de bestrijding van het coronavirus ook niet verstandig is en leunt daarbij op de expertise van het RIVM. Jaap van Dissel zei woensdag dat je met een totale lockdown het virus weliswaar in één keer fors „onderdrukt”, maar er amper immuniteit ontstaat, met alle risico’s van dien. „Een lockdown heeft schijnbaar voordelen in het begin, maar als je ermee stopt, ben je net zo gevoelig als aan het begin dat het virus weer opduikt. Een ander nadeel is dat je het heel lang moet volhouden.”

Rutte wilde een totale lockdown niet uitsluiten, maar ziet het niet snel gebeuren. „Ik denk dat het maatschappelijk niet geaccepteerd wordt als we hier zeggen: u gaat de deur niet meer uit.” Toen Wilders erop bleef hameren vielen oppositiefracties het kabinet bij. Klaver zei het niet verstandig te vinden om „iedereen binnen te zetten, terwijl we geen idee hebben hoelang het gaat duren en ook niet weten of dit de oplossing is”.

Zorgen om intensivecarebedden en mondkapjes

Naast bespiegelingen over de te voeren strategie tegen het virus had de Tweede Kamer vooral ook veel praktische vragen. Zijn er plannen om ouderen in verpleeghuizen extra te beschermen? Zijn er genoeg bedden op de intensive cares als het aantal patiënten de komende dagen snel stijgt? En heeft het kabinet al een oplossing voor het dreigende tekort aan beschermingsmiddelen in de zorg?

Over de IC-bedden probeerde Diederik Gommers, de voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Intensive Care, de Kamerleden bij de briefing al gerust te stellen. Momenteel zijn er 1.150 bedden beschikbaar op de IC’s, wat kan worden uitgebreid naar 2.000 of zelfs 3.000, zei hij. Groepen patiënten behandelen in gymzalen is niet „een scenario waar we gaan komen”, denkt Gommers. De IC-artsen zijn volgens hem nu nog „in control”.

Over de mondkapjes kon minister Bruins de Kamer melden dat Nederland woensdag 140.000 mondkapjes had bemachtigd en dat er de komende dagen nog „enkele miljoenen” beschikbaar komen. Bruins beschreef het inslaan van voldoende mondkapjes als een „gevecht” omdat er veel kapers op de kust zijn. Na aandringen van de SP en GroenLinks beloofde Bruins zo snel mogelijk een ‘vorderingsbesluit’ te tekenen, waarmee de overheid beslag kan leggen op voorraden van bedrijven als dat nodig is.

Luister ook naar deze aflevering van onze podcastserie NRC Haagse Zaken: Hoe de Tweede Kamer en wij nu werken

U kunt zich ook abonneren via Apple Podcasts, Stitcher, Spotify, Castbox of RSS.