Analyse

Staat perkt burgerlijke vrijheden radicaal in

Coronamaatregelen Europese landen leggen in de strijd tegen het virus fundamentele vrijheden op ongekende wijze aan banden. Kan dit ook weer snel worden teruggedraaid?

Een kerkelijke functionaris in een lege Dom van Keulen. Alle kerken en moskeeën zijn gesloten voor het publiek.
Een kerkelijke functionaris in een lege Dom van Keulen. Alle kerken en moskeeën zijn gesloten voor het publiek. Foto Ina Fassbender/AFP

In heel Europa zijn burgers druk bezig hun dagelijkse routine aan te passen aan de nieuwe werkelijkheid, die het leven in enkele dagen op zijn kop heeft gezet. Uitgaansverboden, scholen dicht, grenzen dicht, winkels dicht, thuiswerken, leger en politie op straat om erop toe te zien dat burgers de nieuwe regels naleven.

Het zijn tijdelijke maatregelen, die verschillen van land tot land. Maar in alle gevallen brengen ze niet alleen de verstoring van het dagelijks leven met zich mee, van allerlei gewoontes en vermeende zekerheden, ze maken ook inbreuk op fundamentele vrijheden en de rechten van burgers.

Om het coronavirus te bestrijden trekt de staat meer macht naar zich toe dan in moderne westerse democratieën ooit eerder vertoond is. In één klap is de verhouding tussen staat en burger, om de volksgezondheid te beschermen, veranderd van min of meer evenwichtig tot een sterke dominantie van de staat. Die bepaalt dat de burger van alles niet meer mag.

‘Staat van oorlog’

De politieke leiders rechtvaardigden deze wending op verschillende manieren. De Franse president Macron zei maandag in zijn rede dat zijn land „in staat van oorlog” is.

Frankrijk heeft een gecentraliseerde staat, met veel macht voor de president. En net als in Spanje en Italië is het aantal besmettingen in Frankrijk dramatisch snel gestegen, de toestand is gevaarlijk.

Goede gronden zijn er zeker voor de maatregel dat de Fransen twee weken binnen moeten blijven. Maar het is ook een maatregel die een breuk markeert met de manier waarop de politieke orde de afgelopen driekwart eeuw in de Europese democratieën heeft gefunctioneerd.

In Duitsland pakt bondskanselier Merkel het anders aan dan Macron. Op haar bekende, onderkoelde manier presenteerde ze, ook maandag, zakelijk een aantal drastische maatregelen. Maatregelen „die we in de meer dan zeventig jaar dat de bondsrepubliek bestaat niet hebben moeten nemen”, maar die nu nodig zouden zijn om de verspreiding van het coronavirus te vertragen.

Grote woorden gebruikte ze niet, laat staan het in Duitsland sterk beladen woord oorlog. Maar ook in Duitsland liegen de beperkingen waarmee burgers te maken krijgen er niet om.

Vakanties zijn verboden

De landsgrenzen, die Merkel in 2015 bij de vluchtelingencrisis niet wilde sluiten, blijken opeens toch deels gesloten te kunnen worden. Behalve winkels, theaters en café’s moeten ook kerken, moskeeën en synagogen hun deuren sluiten. Vakantiereizen in binnen- en buitenland zijn voorlopig verboden.

Premier Rutte hield maandag in zijn rede het midden tussen de strijdlustige toon van de Franse president en de nuchterheid van Merkel. Geen oorlogstaal, en ook geen compleet stilleggen van het dagelijks leven. Wel een zorgvuldige uitleg van de genomen maatregelen en een appèl tot saamhorigheid.

Volgens de Duitse historicus René Schlott moeten Europese burgers zich dringend bezinnen op de vraag hoe ver we in de strijd tegen het virus willen gaan. „Met een adembenemende snelheid, en een verbijsterende bereidheid van de bevolking ermee in te stemmen, worden rechten buiten werking gesteld die over de eeuwen moeizaam zijn bevochten”, schreef hij dinsdag in een vlammend appèl in de Süddeutsche Zeitung. Hij noemde de vrijheid van vergadering, de vrijheid van geloof, het recht op onderwijs en het recht op vrij reizen. Als we niet oppassen, stelt hij, wordt de open samenleving de nek omgedraaid bij de poging haar te redden.

In een telefonische toelichting verzekert Schlott, die verbonden is aan het Leibniz-Zentrum für Zeithistorische Forschung in Potsdam, dat hij de maatregelen van de Europese regeringen niet onzinnig vindt. Maar dat er zo weinig discussie is over de gevolgen op lange termijn baart hem grote zorgen.

Machtsgreep

„Kijk eens wat er nu wordt uitgeschakeld: onderwijs, kunst, cultuur, wetenschap, grote bijeenkomsten. Als je niet beter wist zou je denken dat dit het draaiboek van een rechts-populistische machtsgreep is.

„Ik maak me als staatsburger grote zorgen over de dag dat we weer tot normaliteit moeten terugkeren. Kan dat dan nog? Of zijn er dan zoveel processen in gang gezet die een eigen dynamiek hebben, dat we helemaal niet meer terug kúnnen? Omdat er weer nieuwe redenen zijn om onze rechten op te schorten.

„Ik zie geen enkele bezinning op de vraag of we wel op de goede weg zijn, niet epidemiologisch, maar qua grondrechten. We hebben te maken met een dambreuk. Als historicus weet ik dat het intrekken van rechten zelden tijdelijk is.”

Wat, vraagt hij in zijn artikel, als we op een morgen wakker worden in een gezondheidsdictatuur? „Daarmee bedoel ik een situatie waarin de mensen in de eerste plaats gezien worden als potentiële dragers van een virus, niet als individuen met rechten.”

Dat Macron spreekt van een oorlog vindt Schlott gevaarlijk. „Je moet je afvragen wat dat bij mensen teweegbrengt als je in vredestijd zulke retoriek gebruikt. Dan kan men gaan zeggen: als het oorlog is hoef ik me ook niet meer aan de regels te houden. Zo wordt een situatie onbeheersbaar.”

Lees ook: Wat Rutte zei in zijn speech

In Spanje controleren leger en politie het uitgaansverbod zo streng dat het Spanjaarden herinnert aan de Franco-dictatuur. Het Verenigd Koninkrijk lijkt onder premier Johnson te kiezen voor een heel ander model en voor maatregelen die minder dwingend zijn. „We zijn een volwassen, ontwikkelde en liberale democratie”, zegt Johnson.

Daarin is voorlopig geen plaats voor een ‘lockdown’. Wel voor eigen verantwoordelijkheid van de burger. Wat dat betekent voor het voortwoekeren van de pandemie is nog onduidelijk.