Beatrix: een activiste in een hermelijnen mantel

Documentaire Als prinses en als koningin had Beatrix een confronterende, haast activistische stijl. Ze speelde tijdens de Lockheed-affaire een cruciale rol bij het besluit prins Bernhard niet te vervolgen.

Prinses Beatrix op Koninginnedag 1976.
Prinses Beatrix op Koninginnedag 1976. Foto ANP

Voordat ze in 1980 koningin werd, ging Beatrix een krachtmeting aan met het kabinet. En ze won. Voor de documentaireserie De zware jas van Beatrix, waarvan op 18 maart het eerste deel wordt uitgezonden, spraken wij hierover enkele bewindslieden van het kabinet-Den Uyl. In 1976 onderzocht de commissie-Donner of haar vader, prins Bernhard, steekpenningen van vliegtuigbouwer Lockheed had aangenomen. Op het bordes van Paleis Soestdijk wuifde Beatrix op 30 april dat jaar naar het Koninginnedagdefilé met een knots van een witte anjer op haar revers, nog groter dan Bernhard die gewoontegetrouw droeg. In de daaropvolgende zomer liet Joop den Uyl Beatrix inlichten over de uitkomsten van het onderzoek. Bernhard was schuldig, al formuleerde Den Uyl dat in de zachtst mogelijke bewoordingen.

„Juliana zowel als Beatrix, zo kan ik het wel omschrijven, die waren compleet ontdaan van wat zich hier afspeelde”, zegt Bram Stemerdink, destijds staatssecretaris van Defensie (PvdA). „Zeker ook Beatrix, omdat zij een bijzondere band voelde met haar vader.”

Van Den Uyl en minister van Financiën Wim Duisenberg, partijgenoten, hoorde Stemerdink dat koningin Juliana had gedreigd af te treden als het kabinet Bernhard strafrechtelijk wilde laten vervolgen. En hij hoorde ook van hen dat prinses Beatrix in dat geval zou weigeren haar moeder op te volgen. Het niet-aantreden van Beatrix, zegt Stemerdink, „betekent crisis in het koningshuis”.

Stemerdink kreeg in de zomer van 1976 de bevestiging van nog twee andere bronnen uit hofkringen. Hij hield in die tijd een dagboek bij dat hij voor de documentaire weer raadpleegde. Stemerdinks bewering wordt ondersteund door zijn partijgenoot Marcel van Dam, destijds staatssecretaris van Volkshuisvesting. „Ik heb begrepen dat zij zich daar fel tegen verzette”, herinnert Van Dam zich destijds te hebben gehoord over Beatrix’ reactie op mogelijke strafvervolging van haar vader. Van Dam hoorde uit zijn omgeving „dat ze met niet aantreden dreigde”.

Het afgelopen jaar werkten wij aan een documentaireserie over het koningschap van Beatrix, dat veertig jaar geleden, op 30 april 1980, begon. Beatrix wilde zelf niet meewerken. Getuigen van haar jeugd en koningschap vertellen openhartig over haar taakopvatting en persoonlijkheid, haar kordate, haast activistische inslag. Want zoals de Britse koningin Elizabeth in tv-serie The Crown van haar grootmoeder te horen krijgt: „Niets doen is het moeilijkste wat er is, en je zult daarvoor elke gram van je energie moeten aanwenden” – zo gold dat ook voor Beatrix. En het lijkt erop dat Beatrix, anders dan de koningin uit The Crown, zich daar nooit helemaal bij heeft kunnen neerleggen.

Bekijk ook: koningin Beatrix als staatshoofd – in foto’s

In dat licht moeten we haar rol in de Lockheed-affaire zien, zegt Bram Stemerdink: „Dat Beatrix (haar moeder, red.) niet wilde opvolgen, dát heeft de doorslag gegeven om Bernhard niet te vervolgen. Niet dat koningin Juliana zou aftreden, want dat was logisch: haar echtgenoot, en dan in het kader van het koningschap.” In haar biografie van Joop den Uyl (2009) schreef Anet Bleich al in enkele zinnen dat kroonprinses Beatrix niet zou willen opvolgen als Bernhard zou worden vervolgd. Dat zette ons op het spoor van ons onderzoek.

Dries van Agt, destijds namens de KVP vicepremier en minister van Justitie: „Het lijkt me hoogst onwaarschijnlijk dat na het aftreden van haar moeder om deze reden, Beatrix olijk en onbezorgd de troon zou kunnen bestijgen.” Zou Beatrix zijn aangetreden? „Ik denk het niet.”

Marcel van Dam dreigde af te treden als Bernhard niet zou worden vervolgd. Hij trok zijn ontslag weer in toen Den Uyl hem duidelijk had gemaakt dat anders het kabinet zou vallen. Van Dam: „‘Dat is niet het ergste, dat het kabinet zou vallen, zei Den Uyl, want dan komt er een nieuw kabinet, maar dat zal de voorbode zijn van een jarenlange koningskwestie in Nederland.’ Dat zou voor het land niet goed zijn.”

Beatrix wilde niet buigen

Speelde Beatrix hier hoog spel? Als kroonprinses had ze één troefkaart – niet aantreden – en die zette ze in op een cruciaal moment.

Den Uyl zwichtte en wendde daarmee een koningscrisis af. ‘Lockheed’ leerde de leden van het kabinet én de kroonprinses de kracht van haar positie kennen.

Als ze zich populair had willen maken bij de leden van het kabinet, dan had ze zich buigzamer opgesteld. Maar Beatrix gelooft niet in populariteit. Ze kiest haar eigen lijn en ze is altijd op die lijn gebleven: niet buigen voor wat de mensen willen. Het kabinet boog voor de wens van Beatrix. Onder dat voorteken ging Beatrix haar koningschap in.

De kordaatheid van Beatrix loopt als een rode draad door haar leven. Lastige kwesties gaat ze niet uit de weg, integendeel, die zoekt ze op, actief en confronterend. Schrijfster Hella Haasse, die van nabij een portret maakte voor Beatrix’ achttiende verjaardag, zag het al: „Hier wordt voortdurend bewust strijd gevoerd, bewust gekozen voor de weg van de meeste weerstand.”

Zo zagen we dat Beatrix als twaalfjarig kind een ‘onomwonden’ briefje stuurde aan gebedsgenezeres Greet Hofmans, die een ongezonde invloed op haar moeder uitoefende. Als 23-jarige, net afgestudeerd, hield ze een vlammende toespraak over ‘apathie’ in de Europese gemeenschap.

Lees het portret van Beatrix van verscheen toen ze 80 werd: Prinses Beatrix, geliefd door wat haar overkwam

Als jonge, verliefde vrouw ging ze een confrontatie aan, die geen botsing was. Op 31 oktober 1965 schoof ze met haar verloofde, de Duitse Claus von Amsberg, aan bij een overleg van de Amsterdamse burgemeester Van Hall met voormalige verzetslieden en hoogwaardigheidsbekleders uit de Joodse gemeenschap.

Twintig jaar na de oorlog was de liefde tussen een Nederlandse prinses en een Duitser nog zout in de wond. Zeker voor joods Nederland. Daarom zette het paar welbewust een stap naar die gemeenschap. Prins Bernhard had gehoord dat enkele vooraanstaande Joden bij de Amsterdamse burgemeester zouden komen om over het aanstaande huwelijk te praten en hij zocht die zondagavond contact met Van Hall. Of zijn dochter en haar aanstaande ook mochten komen. Hier was in de familiekring duidelijk over nagedacht.

Links Nederland schamperde. Tweede Kamerlid Henk Lankhorst (PSP) suggereerde dat de ontmoeting een poging was de Joden onder druk te zetten – opdat de goedkeuring voor het huwelijk van de kroonprinses geen gevaar zou lopen.

De bijeenkomst van 31 oktober 1965 verliep in een sfeer van ruimhartigheid. Rabbijn Awraham Soetendorp, zoon van een van de aanwezigen, zegt: „Mijn vader noteerde dat Beatrix net zo intensief en bewogen meedeed als Claus.”

De joodse organisaties en geloofsgemeenschappen zouden het huwelijk uiteindelijk niet bijwonen. Maar de verhoudingen waren verstevigd die avond. „Mijn vader”, zegt Soetendorp, „was ervan overtuigd dat Claus een goede persoonlijkheid bezat. Hij had door zijn afkomst heen gekeken.”

Zo is de verloving van Beatrix en Claus een kantelpunt in de verhouding tussen de Joden en de Oranjes. De joodse gemeenschap in Nederland werd voor het eerst nadrukkelijk geraadpleegd als moreel betrokken partij. Voor Beatrix en Claus is het een eerste ontmoeting waar vele op zullen volgen. Zij zijn actief, consequent en gedurig contact blijven zoeken. Het eerste kranteninterview dat prins Claus geeft, stond niet toevallig in het Nieuw Israëlietisch Weekblad. Als prinselijk paar bezochten ze Israël in 1976.

Beatrix in 1980 bij de abdicatie van Juliana.
Foto ANP
Inhuldiging van Beatrix als koningin in de Nieuwe Kerk met prins Claus
Foto ANP
In 1981 na de beëdiging van het kabinet-Van Agt II op Huis ten Bosch.
Foto ANP

Staatkundige rol vs. activisme

Beatrix en haar confronterende persoonlijkheid in een land van schikken en plooien. Staatkundig verkeerde ze in een positie die alle confrontatie smoort. De Grondwet zegt: ‘De Koning is onschendbaar; de ministers zijn verantwoordelijk.’ De Koning (de koningin) moet elke opwelling van activisme of heerszucht inslikken. Maar als we de deken van de ministeriële verantwoordelijkheid optillen, wat zien we dan?

Als koningin wilde Beatrix in 1995 een staatsbezoek aan Indonesië afleggen op 17 augustus, de dag waarop het land vijftig jaar onafhankelijkheid zou herdenken. Maar het staatsbezoek mocht van toenmalig premier Wim Kok niet op die dag beginnen, maar pas vier dagen later. Anders zouden de Nederlandse veteranen die in Indië een koloniale oorlog hadden gevoerd, zich gekrenkt voelen. Beatrix adresseerde de timing in een tafelrede bij president Soeharto: ‘Het feit dat wij in Indonesië zijn aangekomen enkele dagen na de 17de augustus, de dag waarop uw land vijftig jaar geleden zijn onafhankelijkheid uitriep, geeft aan dit staatsbezoek een bijzondere dimensie.’ Oud-minister Pronk (Ontwikkelingssamenwerking, PvdA) zegt in de documentaire dat Beatrix naar een manier had gezocht de onafhankelijkheid toch te erkennen. Pronk: „Hier zegt ze: ‘U heeft de 17de augustus in 1945 zelf uw onafhankelijkheid verklaard. Ik stel dat nu niet ter discussie. Ik aanvaard dat als een feit.’ In twee zinnen. Ik vind dat een heel knappe formulering.”

Vóór haar koningschap wist bijna niemand van Beatrix’ interventies. In de eerste jaren van haar regering nam premier Lubbers de verantwoordelijkheid op zich. En Lubbers’ ministeriële verantwoordelijkheid was van elastiek. Hij beantwoordde vragen over de depressie van Claus, hij haalde de prinsen uit het café of van straat als Beatrix niet wist waar ze waren. „Hij heeft die kinderen toegesproken”, herinnert Ria Lubbers zich. „Als hij kinderen toespreekt, dat zet zoden aan de dijk hoor. Goeie hemel.”

Beatrix nam vaak gecalculeerde risico’s, soms tegen de zin van de Nederlandse regering

De kordate Beatrix nam gecalculeerde risico’s, soms tegen de zin van de Nederlandse regering. Zo bracht ze tegen het advies van het kabinet-Lubbers in een informeel verrassingsbezoek aan Amsterdam in 1988. Het liep verrukkelijk af met de beroemde ‘kus in de Jordaan’. Nooit liet Lubbers tijdens zijn premierschap iets doorschemeren over haar wensen of zorgen.

Dat veranderde halverwege de jaren negentig, en daarna veranderde ook verrassend snel en aan alle kanten de beeldvorming over Beatrix. Haar koppige, heerszuchtige trekjes werden ineens zichtbaar en niet op een voor haar voordelige manier. Het had beslist te maken met de nieuwe premier die in 1994 aantreedt. Wim Kok is beslist hoekiger dan Lubbers. Hij wilde altijd de leiding houden, zoals het te laat arriveren in Indonesië laat zien.

Als koninklijk paar gingen Beatrix en Claus in 1995 opnieuw naar Israël. In de Knesset zei de koningin dat Nederlanders die Joden hielpen ten tijde van de Duitse bezetting „uitzonderingen waren”. In haar 5 mei-toespraak van dat jaar formuleerde ze het nog scherper, toen ze zei dat ‘naast moedig optreden ook actieve steun aan de bezetter is voorgekomen. Er is voor deze schandvlek op onze beschaafde wereld geen verontschuldiging. Waar de waardigheid van de medemens wordt getreden, is ook de onze in het geding.’

Als activiste in een hermelijnen mantel zoekt Beatrix daar weer de grens van haar constitutionele positie op.

Ze maakte in haar lezing een kleine, maar veelzeggende buiging naar haar man. Ze zei: ‘In de confrontatie met de waarheid ligt de sleutel tot verzoening.’

De zware jas van Beatrix. Vierdelige serie, vanaf woensdag 18 maart om 20.25 uur op NPO2.

Luister ook naar deze aflevering van onze podcastserie NRC Vandaag: Hoe Beatrix bijna geen koningin werd

U kunt zich ook abonneren via Apple Podcasts, Stitcher, Spotify, Castbox of RSS.