Brieven

Wie ontfermt zich over de ideologische erfenis van Hans van Mierlo?

Illustratie
Illustratie Cyprian Koscielniak

Deze week was het tien jaar geleden dat D66-oprichter Hans van Mierlo overleed. Zijn ideologische erfenis dreigt vergeten te worden. Boek na boek, artikel na artikel adresseert de democratische crisis, maar de herinnering aan hem lijkt vooral vorm te krijgen in anekdotiek, verwijzingen naar ‘dat mooie reclamespotje’, of een goedbedoeld eerbetoon als een naar hem te vernoemen brug in Amsterdam. Zonde.

Begin jaren zestig waarschuwde Van Mierlo voor het ontstaan van een steeds hogere en steeds ondoordringbaarder ‘muur’ tussen „machthebbers aan de ene kant en de gewone mensen aan de andere”. Van Mierlo zag dat de democratie steeds meer het terrein werd van politieke partijen, ‘beroepsregeerders’ en deskundigen zonder mandaat, en van volksinvloed afgeschermde Europese instellingen en internationale organisaties – zonder binding met de mensen over wie zij macht uitoefenen. Zo’n systeem, wist hij, zet de burger in de toeschouwersstoel en zal steeds meer uitdagers van de macht voortbrengen. En elites zullen steeds minder vertrouwd worden.

De jonge Van Mierlo was nog gematigd positief over de kansen het tij te keren. Zijn remedie: de democratie directer en dus weer van burgers maken. Niet door instituties omver te werpen maar door „de revolutie te maken voordat die uitbreekt”. Maar geen van de vernieuwingsvoorstellen die hij en zijn partij deden, werden gerealiseerd.

Zijn er erfgenamen? Fortuyn noemde Van Mierlo zijn „verre voorganger”, en had er goede papieren voor. Een populistisch-nationalistische partij als FVD probeerde het, maar blijkt vooral gepreoccupeerd met het als redelijk doen overkomen van complottheorieën en het afrekenen met een ‘oikofobe’ elite. Van Mierlo’s eigen kindje D66 lijkt zich ondertussen weinig raad te weten met de ideeën van haar oprichter. De aanhang is veranderd. Uit recent onderzoek bleek dat van de achterban van D66 slechts 6 procent vindt dat de democratie op de schop moet. Wie voelt zich geroepen zich over zijn erfenis te ontfermen en zijn ideeën in te zetten voor de broodnodige vernieuwing van de democratie?

Daniël Boomsma, auteur van De canon van het sociaal-liberalisme en De keuze van D66.