Corruptie in de Rotterdamse haven is een hardnekkig probleem

Cocaïnesmokkel Uit de zaak tegen douanier Gerrit G., veroordeeld wegens betrokkenheid bij cocaïnesmokkel, blijkt dat anti-corruptie-maatregelen niet werken.

Tweede Maasvlakte in Rotterdam. Er wordt steeds meer cocaïne via de havens van Antwerpen en Rotterdam gesmokkeld.
Tweede Maasvlakte in Rotterdam. Er wordt steeds meer cocaïne via de havens van Antwerpen en Rotterdam gesmokkeld. Foto Walter Herfst

Bijna vijf jaar nadat de politie een Lidl-boodschappentas met daarin ruim 1 miljoen euro vond in zijn keuken, durft douanier Gerrit G. nog altijd niet zijn hele verhaal te vertellen. „Mag ik even overleggen met mijn advocaat?”, zegt Gerrit na een vraag van de voorzitter van het gerechtshof Den Haag. Het hoger beroep vindt plaats in dezelfde extra beveiligde rechtszaal in Rotterdam waar de rechtbank hem in juli 2017 tot veertien jaar cel veroordeelde.

Net als toen erkent Gerrit ook nu weer dat hij containers met drugs heeft doorgelaten. Maar voor wie hij dat deed, wil hij nog altijd niet zeggen. „Cliënt is bedreigd en is ook vandaag met beveiligd vervoer naar de rechtbank gekomen”, legt zijn advocaat Tony Boersma uit. „Een van zijn kinderen is in het verleden uit huis geplaatst vanwege een acute dreiging. Daarom wil hij geen namen noemen.”

Alle aanwezigen begrijpen dat. De douanier werkte tot zijn aanhouding in april 2015 bij de Pre-Arrival, een afdeling waar beslist wordt welke van 7 miljoen containers die jaarlijks in Rotterdam aankomen, moeten worden gecontroleerd op de aanwezigheid van drugs. Hij is geen doorsnee harde crimineel, blijkt ook maandag weer. Hij is, al dan niet gedwongen, betrokken geraakt bij cocaïnesmokkel wegens de positie die hij had. Als hij in de greep van de misdaad is, krijgen zijn criminele opdrachtgevers ruzie en maken ze er in zijn ogen „een teringbende” van. Gerrit kan het op dat moment allemaal niks meer schelen. „Ik ga geld verdienen”, hoort de politie hem zeggen tegen zijn schoonzoon.

En dat neemt het Openbaar Ministerie hem kwalijk. Vrijdag eiste het OM een straf van veertien jaar cel voor corruptie en betrokkenheid bij vijf cocaïnetransporten van ongeveer 4.000 kilo. In eerste aanleg luidde die eis zestien jaar. Tegen twee medeverdachten is elf jaar en vier jaar cel geëist. Het hoger beroep tegen een tweede groep verdachten begint later dit voorjaar.

Het havenschandaal rond douanier Gerrit G. zorgde in 2015 voor een schok. Al was het maar omdat binnen de afdeling Pre-Arrival tal van maatregelen om integriteitsschendingen te voorkomen niet werden nageleefd. Dat gebeurde met medeweten van de hoogst verantwoordelijke functionarissen binnen de belastingdienst, waar de douane onder valt.

Er bestond geen vast screeningsprotocol van medewerkers, zo vertelde de baas van Gerrit G. aan de politie. Controles werden uitgevoerd op basis van verouderde risicoprofielen. En douaniers handelden controles alleen af – wegens personeelsgebrek werd het voorgeschreven ‘vierogenprincipe’ niet nageleefd.

De gaten in het systeem maakten dat Gerrit G. zijn gang kon gaan zonder op te vallen, tot de ruzie tussen zijn opdrachtgevers zo uit de hand liep dat er doden vielen.

Gerrit was niet de enige

Gerrit was niet de enige douanier op zijn afdeling die werkte voor de onderwereld. In 2016 werd Gerti V. aangehouden op dezelfde verdenking. Hij is inmiddels veroordeeld tot twee jaar cel. Het OM, dat twaalf jaar cel had geëist, heeft hoger beroep aangetekend. Voor de arrestatie van Gerrit en Gerti waren al twee andere douaniers veroordeeld voor betrokkenheid bij cocaïnesmokkel, zij het op veel kleinere schaal.

Sindsdien zijn de gaten in het controlesysteem gedicht en wordt meer aandacht geschonken aan integriteitsbeleid.

Maar de problemen binnen de organisatie zijn nog allerminst opgelost. Begin 2019 zijn in twee afzonderlijke onderzoeken wederom vier douaniers aangehouden van wie wordt vermoed dat zij betrokken zijn bij drugssmokkel en witwassen. Drie van hen zijn inmiddels weer vrij, maar tijdens het nog altijd lopende onderzoek naar al deze verdachten zijn ook signalen gevonden dat er mogelijk nog meer douaniers betrokken zijn.

Lees ook dit artikel uit 2016 over Gerrit G.: Cocaïne, corruptie en geheimzinnige telefoontjes

Vorige maand is een medewerker van de Belastingdienst tot vier jaar cel veroordeeld voor schending van zijn ambtsgeheim en „het faciliteren van de georganiseerde misdaad”. Hij heeft volgens de rechtbank adresgegevens geleverd aan een groep mannen die betrokken was bij cocaïnesmokkel. De leider van deze groep mannen, allemaal in 2018 aangehouden, heeft negen jaar celstraf gekregen.

En als klap op de vuurpijl is op 18 februari 2020 opnieuw een douanier aangehouden die werkte bij Pre-Arrival, de afdeling waar ook Gerrit G. tot zijn arrestatie heeft gewerkt. Het gaat om een 45-jarige medewerkster die al enige tijd was geschorst. Tegen dagblad de Telegraaf verklaarde een douanier dat het onbegrijpelijk is dat het weer gebeurt, na twee grote corruptiezaken waarbij tonnen aan drugs zijn ingevoerd met behulp van foute collega’s. Volgens de douanier zijn „de interne maatregelen die beloofd waren om corruptie tegen te gaan, niet uitgevoerd of hebben niet gewerkt”.

Daarmee wijst de medewerker op een belangrijk punt dat keer op keer naar boven komt in wetenschappelijk onderzoek en strafzaken. Ook als wetgeving wordt aangescherpt of procedures worden verbeterd, weten criminelen altijd weer een maas in het net te vinden. Er wordt steeds meer cocaïne via de havens van Antwerpen en Rotterdam gesmokkeld. Daardoor groeit niet alleen het financiële belang van de georganiseerde misdaad maar neemt ook de kans toe dat medewerkers op kwetsbare posities in de haven worden benaderd, zoals dat in 2015 gebeurde met Gerrit G.

Een woordvoerder van de douane laat weten dat integriteitsschendingen niet kunnen worden uitgesloten, maar dat er continu geprobeerd wordt „het risico daarop te verkleinen”. Zo wordt bekeken of het mogelijk is om een bepaalde groep douaniers „continu” te screenen.