Brieven

Brieven 13/3/2020

Coronavirus (1)

Italië, ons voorland

Als Nederlander die sinds bijna twintig jaar in Bergamo woont kan ik bevestigen wat NRC schrijft in het artikel Veel ouderen zijn in Bergamo ten dode opgeschreven (11/3). En dat terwijl Noord-Italië een van de beste gezondheidsstelsels van Europa heeft. Des te verrassender is de afwachtende houding van de Nederlandse regering. Nadat het land met twee weken voorsprong deze explosie op afstand kon beleven zou de voorbereiding gedegener moeten zijn. Ik kan alleen zeggen: Nederlanders bereid jullie voor, dit is geen psychose, maar een ramp voor mens en economie.

Coronavirus (2)

EU, daadkracht svp

Het kost moeite om toe te geven maar ik vrees dat Trump gelijk heeft als hij stelt dat de EU heeft gefaald bij het bestrijden van de pandemie. Hijzelf waarschijnlijk trouwens ook maar dat is een ander verhaal. Bankencrisis, eurocrisisvluchtelingencrisis – telkens loopt Europa achter de feiten aan omdat de lidstaten doortastend optreden van Brussel niet durven sanctioneren. Ze blijven steken in hun eigen, nationale oplossingen. We zullen dit onder ogen moeten zien. Misschien is het virus wel het breekijzer om de EU eindelijk te laten doen wat gedaan moet worden.

Coronavirus (3)

Commercieel belang

In Brabant moeten de profvoetbalclubs hun thuiswedstrijden zonder publiek spelen. De regering wacht af tot volgende week of dat effect heeft. Intussen mogen de supporters wel naar de uitwedstrijden van hun club. In plaats van alle grote publieksevenementen te verbieden mogen zij dus nog de rest van het land besmetten. Er moeten kennelijk eerst meer doden vallen voordat de regering de burgers prioriteit geeft boven commerciële belangen.

Coronavirus (4)

Hand op het hart

Nog een alternatieve groet in Coronatijden: waarom niet je hand op je hart leggen (wel aan de goede kant natuurlijk!) en daarbij „Salam”, „Shalom” of „Goedemorgen/middag/avond” zeggen? Dat heb ik altijd, ook als westerling, een heel mooi begroetingsgebaar gevonden.

Coronavirus (5)

Elleboogje

Het is mij opgevallen dat politici elkaar wel zeer geroutineerd een elleboogje geven. Hier moet jaren van intensieve beoefening aan vooraf zijn gegaan.

Indonesië

Ik wil ook excuses

Nu onze koning excuses heeft gemaakt voor de geweldsontsporingen aan Nederlandse zijde in de Indonesische onafhankelijkheidsoorlog, wil ik ook excuses. Excuses dat mijn vader indertijd als dienstplichtig militair door de Nederlandse regering deze, toen al onrechtmatige, oorlog werd ingestuurd, terwijl hij als jong mens net een afschuwelijke oorlog achter de rug had. Dat hij in Indonesië getuige is geweest van zaken waarvan hij alleen kon zeggen dat hij tot dan toe had gedacht dat alleen de Duitsers daartoe in staat waren. Dat mijn vader de rest van zijn leven geleden heeft onder PTSS en wij als gezin met hem.

‘Vleesdorp’ Wijhe

Als kind werd ik al vega

Ik ben opgegroeid in het mooie IJsseldorp Wijhe uit de NRC-reportage, waar Vleesfabriek Stegeman gehuisvest is (‘Wie hard werkt grijpt niet naar rauwe wortel’, 6/3). Al op vierjarige leeftijd was ik zo gechoqueerd door de vrachtwagens met koeien en varkens, dat ik besloot nooit meer vlees te eten. Niet makkelijk als kind en begin jaren zeventig, toen vrijwel niemand (en zeker niet in Wijhe) van vegetariërs had gehoord. Destijds was het hoogtepunt van vrijwel elk kinderpartijtje het eten van frikandellen en kroketten. Soms wilde ik niet naar die feestjes toe, dan moest mijn moeder bellen om uit te leggen dat ik medelijden met de dieren had. Nu, vijftig jaar later, ben ik nog steeds vegetariër en hoef ik gelukkig niets meer uit te leggen.