Vrij zijn is...aan je poppenhuis werken

Vrij Hoe breekt Nederland uit de sleur?

Monique Bezemer (58) heeft nog getwijfeld of ze haar huis schoon zou maken voor de fotograaf, zegt ze. Nee, niet haar echte huis, haar poppenhuis. Haar grote trots, waar ongeveer 3.500 euro in zit, en meer dan acht jaar werk. Toen ze het geraamte had gekocht, heeft ze er een uur lang naar gestaard, zegt ze. Haar ex vond dat een volwassen vrouw niet zo’n „kinderachtige hobby” kon hebben, maar haar huidige man Martin Bezemer (56) had haar juist aangemoedigd om het poppenhuis aan te schaffen. Hij heeft er zelfs een extra verdieping onder gebouwd en is verantwoordelijk voor de verlichting, vertelt hij.

Het poppenhuis staat in de knutselkamer van Monique, thuis in Den Bosch. Daar maakt ze alle miniaturen, op een schaal van 1:12. Niks in haar omgeving is nog veilig voor haar blik. Kijk alleen al naar haar badkamer, zegt ze al wijzend. De verpakking van een parfum is een jacuzzi geworden, een oordopje is nu een föhn, en van rietjes maakte ze Rituals-flessen. Straks gaat ze een kinderbedje voor de kamer van haar (volwassen) dochter fabriceren. Daarvoor zal ze tongspatels gebruiken, die ze met een minicirkelzaagje op maat maakt, en met een minischuurmachientje afwerkt.

Haar ideeën haalt ze onder andere van Facebook. Ze is lid van tien groepen, vertelt ze, waarin vaak foto’s en filmpjes van poppenhuiskamers worden gedeeld. Martin: „De kick is als het poppenhuis niet van een echt huis te onderscheiden valt.” Met een aantal Facebookvriendinnen heeft ze afgesproken om elkaar op verjaardagen zelfgemaakte miniaturen te sturen. Deze week heeft ze bijvoorbeeld een schaal gemaakt van een wegwerplepeltje, voor een huis met veel Delfts blauw. Voor een ander moet ze weer IKEA-meubels maken of victoriaanse spulletjes.

Als iets mislukt, koopt ze het online of op een beurs. Maar het liefst maakt ze zoveel mogelijk zelf. Ze heeft ook moderne poppenhuizen ingericht voor kinderen die ze als haar kleinkinderen beschouwt. En een kersthuis, waar nog een open haard van de vader van Martin in zit, die poppenhuizen maakte op een schaal van 1:6. Ze heeft reuma, en tal van andere gezondheidsklachten, waardoor ze niet kan werken. Als ze met haar poppenhuis bezig is, denkt ze daar niet aan.

Maar wacht eens even. Dit is een poppenhuis. Waar zijn alle poppen gebleven? „Ik vind ze eng”, zegt Monique: „Dadelijk kijk je naar een pop en denk je: is-ie nou bewogen?” Ze denkt er wel over ooit met een 3D-printer poppen te laten maken van zichzelf, haar man en haar dochter, zegt ze. Het poppenhuis is immers gemodelleerd naar haar eigen huis, alleen dan veel luxer. „Ik heb het droomhuis gemaakt dat ik zelf niet kan betalen.”