Recensie

Recensie Boeken

Hoe ga je om met een monument uit het verleden?

Gelukkig door verdiensten Het is toch gelukt: Felix Meritis gaat weer open. Maar de redding ging niet zomaar, blijkt uit interviews met betrokkenen in een boek dat deze week verschijnt.

Het monumentale pand Felix Meritis aan de Keizersgracht 324 heeft een on-Amsterdamse allure. De neoklassieke voorgevel met de lichtende raampartijen oogt transparant. In het interviewboek Felix Meritis. Gelukkig door verdiensten (de vertaling van Felix Meritis) beschrijft auteur Ton van Brussel de wonderbaarlijke herrijzenis van het historische bouwwerk, dat het gelijknamige genootschap in de achttiende eeuw liet bouwen als paleis voor de Verlichting. Recent, in 2015, raakte het in onbruik. Het is aan de Amsterdamse ondernemer Alex Mulder te danken dat het gebouw is gered en een nieuwe cultureel-wetenschappelijke bestemming krijgt.

Maar zoiets gaat niet zomaar. Monumentenzorg, Stadsherstel, Vrienden van Felix Meritis laten zich gelden, de architecten hebben hun ideeën. Mulder verwoordt het scherp als het gaat om de dakopbouw: „De Vrienden willen een pannendak en wij wilden zink.” Mulder en de gemeente konden de Vrienden ervan overtuigen dat een pannendak te zwaar zou zijn. Mulder had nog een argument: volgens plan van de oorspronkelijke architect Jacob Otten Husly moest de opbouw van grijzig zink zijn, want die kleur zou „wegvallen tegen de hemel” en „een beetje Parijsachtig” zijn.

Fotograaf Bart Grietens verrijkt het boek met portretten van de geïnterviewden in de entourage van de ingrijpende bouwwerkzaamheden, aangevuld met schitterende detailfoto’s. De geschiedenis van Felix Meritis, dat een tijdlang Shaffy Theater heette, is lang, bewogen en complex. In het boek komen alle betrokkenen aan de orde, van directeuren, programmeurs tot kunstenaars. Van hen is Steve Austen (1944) de belangrijkste. Hij doopte in 1966 het pand tot Shaffy Theater en maakte er een artistiek brandpunt van.

Het boek brengt vooral de recente geschiedenis van Felix in kaart, tot aan het interieurbureau i29 dat verantwoordelijk is voor het nieuwe, stralende innerlijk. De kwesties zijn boeiend: wat is origineel, wat niet? Vooral de spanningen tussen Monumentenzorg en de restaurateurs leest als spannende tijdreis met als inzet: hoe ga je om met een monument uit het verleden en wat betekent dat voor de toekomst?

Nadeel is dat de verhalen als langgerekte monologen zijn opgetekend, vaak alleen voor insiders interessant. Opvallend is het verschil tussen de verhalen van de kunstenaars en van de achtereenvolgende directeuren: dat is levendigheid versus beleid. Bij regisseur Leonard Frank van het legendarische gezelschap Baal of jazzmusicus Theo Loevendie schiet je door de tekst heen en proef je de anarchistische energie. Loevendie: „Ik heb toen ook het zogenaamde Afvalconcert opgericht. Daar mochten mensen uit het publiek in meedoen, mits ze op een instrument speelden waar geen conservatoriumopleiding voor bestond.” Toen begon Martin van Duynhoven te drummen op een stoel met metalen stangen.

Dat soort verhalen, dat is Felix.

Ton van Brussel en Bart Grietens (fotografie): Felix Meritis. Gelukkig door verdiensten. Amerborgh ism Uitgeverij Balans, 302 blz. Prijs € 45,- (verschijnt 20 maart)

●●●●●

Lees ook: Roemrucht cultuurhuis gaat weer open