Opinie

Iedereen een rebel, niemand een rebel

Lotfi El Hamidi

Er was een tijd dat een tatoeage nemen een rebelse daad was. Daar kon thuis oorlog om gevoerd worden. Tegenwoordig is het eerder rebels als je er géén hebt, al hangt het er natuurlijk weer van af in welke kringen je je begeeft. Niets mis met tatoeages (alhoewel, soms...), maar het geeft wel aan: tijden veranderen, en zo ook de betekenis van wat we rebellie noemen. En zeker in het Westen, waar de individuele vrijheid vergevorderd is, is dat lastig vast te pinnen.

Rebellen en dwarsdenkers, zo luidt het thema van deze Boekenweek, en ik moest denken aan hoe de succesvolle schelmenromans Eus van Özcan Akyol en De Belofte van Pisa van Mano Bouzamour werden ontvangen. De Turkse Jan Cremer en Marokkaanse Jan Wolkers, las en hoorde ik. Uiteraard bedoeld als compliment en erkenning van talent. Tegelijkertijd kwamen die loftuitingen mij nogal mainstream over. Het verlangen naar een islamitische Maarten ’t Hart zegt veel meer over sommige lezers dan over de schrijvers. De boeken zijn rebels te noemen, maar in het ‘incestueuze boekenwereldje’ (dixit Akyol) vooral herkenbare rebellie.

Ranzige bijval, zo zou wijlen Anil Ramdas het hebben genoemd.

Volgens het Nederlands zelfbeeld is nagenoeg iedereen een rebel. Ook voor de buitenwereld is Nederland min of meer synoniem met Amsterdam, inclusief het hardnekkige imago van een lichtelijk anarchistische en tolerante natie. In werkelijkheid leven we toch vooral in een autistisch landje, waar elke scheve stoeptegel met een lintje wordt afgezet en morgen weer vakkundig is rechtgezet. Ja, Nederland is een braaf burgerlijk landje, waarvan de inwoners hooguit onverschillig zijn. En dat is allemaal prima, maar laten we ophouden met doen alsof we de rebellen van de wereld zijn.

Want dat zijn we niet, sterker nog, we hebben steeds meer moeite met afwijkend gedrag. Zo zou je bijvoorbeeld het vrijwillig dragen van een nikab in Nederland als een rebelse daad kunnen beschouwen. Niet omdat het vrijheid zou symboliseren – dat is onzin – maar omdat de draagster van het kledingstuk juist lak heeft aan die vrijheid. Dat kun je achterlijk noemen, maar rebelleren is dan ook niet altijd een rationele handeling. Gezien de maatschappelijke weerstand is zo’n vrouw in ieder geval niet te benijden. Daar hoef je geen medelijden mee te hebben, maar om nou een wet in te voeren die haar het leven zuur maakt is het andere uiterste.

Dat is misschien ook het paradoxale: rebellen bestaan bij de gratie van weerstand en ophef bij de status quo. Als iedereen op een gegeven moment zijn schouders ophaalt, zoals we nu een tatoeage niet meer bijzonder vinden, dan is niemand meer een rebel. Al zou zo’n mentaliteitsverandering in dit land wat mij betreft weer enorm rebels zijn.

Lotfi El Hamidi (L.elHamidi@nrc.nl @Lotfi_Hamid) schrijft op deze plek een wisselcolumn met Tom-Jan Meeus.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.