Train, eat, sleep, repeat: hoe gezond is dat voor jongens?

Trainen Is het leven van een fitboy wel gezond? Deskundigen waarschuwen voor verslaving en overtraining. „Fitness kan een sluipmoordenaar zijn.”

Daniel Kraaijenhagen: „Zo min mogelijk feestjes, niet drinken.”
Daniel Kraaijenhagen: „Zo min mogelijk feestjes, niet drinken.” Foto Roger Cremers

JayJay Boske, voormalig prof-rugbyer en presentator, stond in 2017 op de cover van Men’s Health met ontbloot bovenlijf. Zeven kilo spieren in een half jaar tijd. Hij kijkt er met een dubbel gevoel op terug. Een heel realistisch voorbeeld was het niet, voor de 263.000 abonnees van zijn Youtube-kanaal Day1.

Veel van zijn volgers zijn jonge jongens. „Die hebben niks aan 90 procent van mijn filmpjes.” Voor deze jongens heeft hij nu met Men’s Health een beginnersgids gemaakt (met shirt aan), over voeding en training. En een video, waarin hij laat zien „hoe kut het soms is”, „wat er mis is in de fitnessindustrie”. „Ik ben er zelf ook debet aan”, zegt hij.

Zijn video gaat over jonge jongens die zo snel mogelijk ‘van plank naar kast’ willen en zonder begeleiding, met schema’s van topsporters, te zware gewichten en dure supplementen, los gaan in de sportschool. Boske schetst de gevolgen: blessures en overtraining. Maar ook eenzaamheid, depressie, vermoeidheid, niet goed in je vel zitten. „Sport is goed, dat is ons altijd verteld. Maar het kan ook een sluipmoordenaar zijn.”

De NRC-documentaire Ziek Gespierd.

Fitness is de grootste sport van Nederland en groeit nog steeds. Een kwart van alle Nederlanders gaat wekelijks naar de sportschool. Dat kun je – in een tijd waarin de helft van de Nederlanders te zwaar is – winst noemen. Onder jongeren tussen 12 en 18 jaar is alleen voetbal populairder. De grootste fitnessketen, Basic-Fit, heeft alleen al 180 Nederlandse vestigingen. Het zijn door hun omvang en lage tarieven ook de budgetsportscholen, zoals Basic-Fit of Fit for Free, die de meeste jongeren trekken.

Fitness is een brede sport: zumba en bodyjam zijn ook fitness. Maar jongens zie je in de sportschool vooral bezig met krachttraining.

Dat daar in beginsel niets mis mee is, blijkt alleen al uit de beweegrichtlijnen van de Gezondheidsraad: minstens drie dagen per week activiteiten die spieren en botten versterken, is het advies. Ook kinderarts Annemarie van Bellegem is niet tegen fitness voor jongeren in de groei. „Vroeger dachten we dat krachttraining schadelijk was voor de groeischijven of de hormoonontwikkeling, maar dat is achterhaald. Voor de botdichtheid, de spieropbouw en de motoriek kan niet te zware krachttraining gunstig zijn. Mits de begeleiding en de uitvoering goed is.”

En in dat ‘mits’ zit ’m nou net de crux. Want krijgen jongeren voldoende begeleiding? Is sterk en fit hetzelfde als gezond? En nog los van het fysieke: wat doet die focus op een getraind lichaam met het zelfbeeld van jongeren?

Veelgehoorde klacht is dat de begeleiding in de sportschool minimaal is. Bij kleinere, duurdere sportscholen worden jongeren nog weleens aangesproken door een trainer. Bij budgetsportscholen, zo bleek ook uit een uitzending van consumentenprogramma Kassa, kunnen minderjarigen makkelijk binnenkomen. Ze kunnen vaak ongestoord hun gang gaan, ook als ze jonger zijn dan zestien en alleen samen met een zestienplusser mogen trainen. Fit for Free reageerde niet op vragen van NRC. Basic-Fit zegt dat het percentage leden onder de 18 minder dan 1 procent bedraagt. Officieel is een identiteitsbewijs nodig bij inschrijving, maar online wordt daar niet om gevraagd. Onbekend is hoeveel jongeren echt gecheckt worden op hun leeftijd.

Bigorexia

Vraag JayJay Boske wat hij jongeren verkeerd ziet doen en hij zegt: „Alles!” Zijn gids voor beginners beschrijft niet alleen wat er mis kan gaan bij het trainen, zoals fouten bij het squatten, het grootste deel gaat over voeding: misverstanden over diëten en voedingsstoffen bijvoorbeeld, en zin en onzin van supplementen.

Je rug vernaggelen of gevaarlijke pillen slikken is één ding. Wat je niet ziet, en waar bovendien weinig over bekend is, is de mentale gesteldheid van jonge krachtsporters. Daar zit een hoop „verborgen leed”, zegt Van Bellegem, die in het Amsterdam UMC jonge sporters met een eetstoornis ziet, ongeveer tien procent jongens.

Voor veel jongens staat krachttraining niet in dienst van een andere sport, het ís hun sport. Foto Roger Cremers

Een causaal verband tussen fitness en eetstoornissen is wetenschappelijk moeilijk te bewijzen. Nederlands onderzoek naar jongeren en fitness is er ook niet. Wel zijn er internationale studies die laten zien dat sportverslaving bij fitness relatief vaak voorkomt. Deense onderzoekers schreven in 2018 dat bij jongeren sportverslaving, eetstoornissen en een laag zelfbeeld vaak hand in hand gaan. Je schuldig voelen als je niet traint, ontevreden zijn over je lichaam, doortrainen met blessures, sport het allerbelangrijkste vinden in je leven – het kunnen tekenen van verslaving zijn.

‘Body dysmorphic disorder’ of ‘bigorexia’ – ook wel ingebeelde lelijkheid genoemd – komt in de sportschool bovengemiddeld vaak voor, zegt Van Bellegem. In Groot-Brittannië zou volgens hulpverleners 10 procent van de bodybuilders aan bigorexia lijden, een stoornis waarbij een afwijkend zelfbeeld samen kan gaan met verslaving aan sport, gebruik van spierversterkende middelen, depressie en overtraining.

Het paradoxale, zegt ook Van Bellegem, is dat iets wat gezien wordt als gezond, waarin de maatschappij je stimuleert en aanmoedigt, je ziek kan maken. Zelfs gezonde voeding is niet gezond meer als het een obsessie wordt.

De meeste jongens die fitnessen, krijgen geen mentale problemen. En fitness hoeft daarvan ook niet de oorzaak te zijn, zegt Van Bellegem. Maar doordat uiterlijkheden bij fitness, vooral bij krachttraining, zo’n prominente rol spelen, kan het wel iets triggeren. „Van het sporten zelf krijg je al een endorfine-kick, je ziet je lichaam groeien en je krijgt ook nog complimentjes en likes.” Voor onzekere jongens, vooral in de puberteit, die nog moeten uitzoeken waar ze hun identiteit aan ontlenen, kan dat een giftige beloningsmix zijn, zegt Van Bellegem. „De vraag waarmee we zouden moeten beginnen is: wat is je motivatie? Wat is je doel? En dat in de gaten blijven houden: gaat het nog zoals je voor ogen had?”

Boskes video: Terug naar de basis.

Erecties

Gespierde fitboys dringen zich overal op. Van Bellegem refereert aan de Netflix-documentaire The Game Changers, die veel sporters inspireert veganistisch te gaan eten, maar die de obsessie voor eten en sport ook kan aanwakkeren. „De beweringen die daarin worden gedaan zijn pseudowetenschappelijk, maar spreken jongens heel slim aan op hun gevoeligheden: erecties, mannelijkheid, sportprestaties.”

Niet iedereen kan de claims die online over voeding en fitness worden gedaan even goed beoordelen. Achter tips als ‘droog in twaalf weken’ zitten vaak aanbieders met commerciële belangen.

Het ligt dan ook voor de hand om sociale media aan te wijzen als bron van alle ellende. Jolanda Veldhuis, onderzoeker op het gebied van gezondheidscommunicatie en mediapsychologie (VU) begint met een nuance. „Als jongeren een stoornis ontwikkelen, spelen altijd meer factoren mee. Sommige jongeren zijn kwetsbaarder dan anderen.”

En toch, je moet de invloed van sociale media ook weer niet uitpoetsen. Influencers die hun fitspiration-video’s delen, fitboys die hun spieren showen, komen de hele dag voorbij in de timeline van veel jongens.

#fitboy op Instagram

Dat is een wezenlijk verschil met de fitnessmagazines en de helden van vroeger, volgens Veldhuis. Arnold Schwarzenegger stond lichtjaren verder van je af dan nu, pak ’m beet, fitnessmodel Joël Beukers. „Nu kun je reageren, in contact komen met je voorbeelden. Beelden van beroemdheden uit de media en uit je directe omgeving lopen door elkaar, dat maakt het extra realistisch. Daardoor lijkt het perfecte lichaam ook voor gewone jongens bereikbaar.”

Jongeren zijn niet gek. Ze weten dat er filters gebruikt worden en dat fitboys hun voordeligste foto’s posten, ze herkennen best wat nep of overdreven is. „Maar de beelden zijn echt, en jongeren willen er wel op lijken.”

Waar voor meisjes inmiddels een sterke ‘body positivity’-beweging bestaat, en meisjes online zien dat alle vormen en maten er mogen zijn, lijkt het ideaalbeeld voor jongens juist strak omlijnd. Dat gebrek in variatie zou het voor jongens nog weleens moeilijker kunnen maken zich er niets van aan te trekken. „Het lijkt een eigen keuze, maar hoe langer en hoe vaker je jezelf blootstelt aan dat ideaalbeeld, hoe meer je je eraan spiegelt.”

Toen JayJay Boske begon met krachttraining was hij een jaar of veertien. Zijn rolmodellen waren rugbyers. „Ik wilde mijn lengte compenseren door sneller en sterker te worden op het veld.” Inmiddels staat voor veel jongens krachttraining niet in dienst van een andere sport, het ís hun sport.

Jongens gaan naar de sportschool om zich goed te voelen, minder onzeker over hun lichaam. Maar wat dat is, lekker in je vel zitten, en wat daarvoor nodig is, weet je dan misschien nog niet, zegt Boske. „Als je een festival met vrienden afzegt omdat je geen training wilt missen; voel je je dan beter? Als je alleen naar de sportschool gaat om met je spieren te pronken, waar doe je het dan voor? En voor wie? Voor de likes? Voor je volgers? Dan kom je jezelf wel tegen.”

De competitie tussen jongens, groter en sterker willen zijn dan de anderen, is van alle tijden. „Maar we worden wel steeds ijdeler”, zegt Boske. „Body positivity voor mannen? Het gaat niet gebeuren. Je ziet het aan alles: schoenen, kleren, auto’s – uiterlijk is steeds belangrijker.”

JayJay Boske is zelf onderdeel van die machocultuur, rijdt in zijn video’s ook in dikke auto’s naar de sportschool om 120 kilo te bankdrukken. „Dat kun je hypocriet vinden. Maar ik schijt wel in mijn eigen bed door er nu kritisch over te praten. En anders dan ouders of leraren kan ik deze jongens met mijn video’s wel bereiken.”

Schoolborden

In Hilversum, in sportschool No Excuses, zijn op woensdagmiddag zo’n vijftien tieners bezig met crossfit – een fitnessvariant waarbij je in een groepje aan kracht en conditie werkt. Eén spiegel, vooral schoolborden waarop de vorderingen per training worden bijgehouden. „Het gaat hier niet om esthetiek maar om performance”, zegt eigenaar Remco Sanders.

Dit is geen budgetsportschool. Het zijn meestal de ouders van deze tieners die het abonnement betalen, 37,50 euro voor een maand. Ze trainen niet op eigen houtje maar worden begeleid in de oefeningen die ze doen.

Sanders wil de risico’s van fitness wel even in perspectief plaatsen. „Het lichaam is robuust, en fitness is veel minder blessuregevoelig dan contactsporten zoals voetbal. Met de meeste jongens gaat het goed.”

Lees ook over sportvoeding: ‘Begin eerst eens met gewoon gezond te eten’ (2017)

Zelf deed Sanders als puber in het krachthonk ook maar wat. „Ik gebruikte schema’s die niet bij mijn lichaam en leeftijd pasten. Wat dat betreft is het nu niet anders. Als jongens een verwrongen zelfbeeld hebben, dan moet je fitness niet alleen als oorzaak aanwijzen”, zegt hij. Niet-realistische verwachtingen, of het nu om dure spullen, om school of sport gaat, zijn een maatschappelijk probleem. „Niet iedereen kan een Mercedes kopen en niet iedereen kan een sixpack krijgen.”

Je moet niet alleen je lichaam trainen, „maar ook de verwachtingen”. Een goede trainer, zegt Sanders, corrigeert niet alleen een kromme rug, maar vraagt ook voortdurend hoe het gaat: train je niet te vaak, eet je wel goed? „Praten, praten, praten. Dat krijg je niet bij een abonnement van een paar tientjes.”