Reportage

Ze woont hier sinds 1972 en wil niet weg

NRC portretteert mensen in de L-flat in Zeist. Vandaag: Grada Lammers (88), die als jonge vrouw hospiteerde bij een echtpaar in Zeist. De L-flat bood een bijzondere kans: op zichzelf wonen.

Grada Lammers woonde eerst 29 jaar op de hoogste verdieping van de L-flat, en zakte in 2001 een verdieping af, naar de twaalfde. „Het is bij wijze van spreken begane grond, want traplopen hoeft niet.”
Grada Lammers woonde eerst 29 jaar op de hoogste verdieping van de L-flat, en zakte in 2001 een verdieping af, naar de twaalfde. „Het is bij wijze van spreken begane grond, want traplopen hoeft niet.”

Lees de online versie van dit artikel op nrc.nl/flat

Zo oud zo hoog wonen gaat best, zegt Grada Lammers, 88 jaar. Ze woont op twaalf hoog. „Het is bij wijze van spreken begane grond want traplopen hoef ik niet. De lift brengt me zo ver als ik moet.” Wat zou ze moeten, in een huis op de grond? „Ik kan toch geen tuin meer onderhouden.”

Niet dat ze een tuin heeft gehad, de afgelopen halve eeuw. Grada Lammers woont in de L-flat sinds 1972. Joop den Uyl moest nog premier worden. Cruijffs Oranje was er nog niet ingetuind. En alleenstaande vrouwen woonden zelden zelfstandig. Ze hospiteerden. Lammers bij een echtpaar in Zeist.

Toen verrees de L-flat. Die had plek voor vrouwen als zij. Wijkverpleegkundigen, onderwijzeressen en, in haar geval, een administratieve kracht op het landelijk orgaan voor het leerlingwezen, in Utrecht.

Ze kwam terecht op de allerhoogste verdieping, de dertiende, waar de tweekamerappartementen zijn. „Een vierkamerflat kreeg je niet, als alleenstaande.”

„De L-flat, dat was de nieuwste, grootste flat van Europa”, zegt ze. „Zo hoog, dat was je in deze omgeving helemaal niet gewend.” In de beginjaren schuurde Lammers langs de muren van de galerij. Haar hoogtevrees is nu beheersbaar.

Iedereen kon zo de flat inlopen die eerste jaren, vertelt ze. Er kwamen „drugsvriendjes”. „Die kwamen stelen, en spul afleveren. En er was een groepje uit Utrecht; als het koud was kwamen die met de laatste bus. Ze sliepen in een kelderbox helemaal in de hoek, bij de verwarming.”

Grada Lammers heeft er „nooit echt last van gehad”. Zoals ze nog steeds niet wakker ligt van het slechte imago van de L-flat. „Er zouden hier soms ruzies zijn, zeggen anderen. Ik heb nergens last van. Mensen willen hier niet wonen, zeggen ze. Nou, er zijn ook wel wijken waar ík niet wil wonen. En in de L-flat wil ik wel blijven ook.”

Ze verhuisde één keer binnen de flat, in 2001. Zakte ze een verdieping af. Had ze haar vier kamers alsnog, als alleenstaande.

Ze wil, oud als ze is, niet nóg slappere spieren. Daarom bewandelt ze achter haar rollator elke dag de lange gangen van de flatgalerij. Hoog en droog. „Ideaal, zo’n galerij.” Ze heeft een slechte rug en is een paar keer gevallen. Zo’n twee jaar geleden in haar keuken. Ze kwam zelf niet meer overeind. Schuivend over haar laagpolig tapijt bereikte ze de telefoon. Ze belde Ineke, de buurvrouw. Die waarschuwde de schoonmaker van de flat, die net over de galerij liep. „Hij tilde me van de grond en zette me op de bank.”

Ineke, ook gepensioneerd, heeft Grada’s sleutel, en Grada die van Ineke. Ze zien elkaar regelmatig. Het contact met andere buren is afstandelijker. „In een flat zijn mensen een beetje voorzichtig”, zegt Grada. „Je woont zo bovenop elkaar.”

Ze kan best twee, drie dagen zonder contact. „Niet meer dan dat. Dan moet ik weer iemand spreken.” Van drie broers en drie zussen is nog één zus over. „Het kringetje wordt zo klein, hè.”

Haar sociale leven speelt zich af in het inloophuis van de L-flat. Grada geeft er dinsdagochtend naailes en ze beheert op woensdagavond de kas voor het bewonersdiner. Op de vrijdagen, in alle elf jaren dat het inloophuis dienst deed als voedselbank, schonk ze koffie en thee aan de wachtenden in de zithoek. „Eerst was er één groep per dag maar dat werd tjok- en tjokvol. Toen is die groep verdeeld over twee verschillende tijden op de vrijdag.”

De voedselbank verdween afgelopen december uit de flat en zit nu in een pand op drie kilometer afstand. Grada vindt het jammer. „Het was geen straf erheen te gaan.” Ze was in het begin bang geweest dat bewoners zich bekeken zouden voelen. „Maar we waren samen gewoon een gezellige club mensen.” Groeten ging zonder ongemak, als ze in de lift op weg naar de voedselbank bewoners tegenkwam die er hun eten haalden. „Het was van: ‘ha buurman, halló’!”

Met Grada Lammers eindigt De Flat seizoen 1. Later dit voorjaar start seizoen 2. Donderdag op nrc.nl/deflat: lezersreacties. Ook reageren? deflat@nrc.nl