Opinie

MH17-proces moet het straks vooral hebben van waarheidsvinding

Strafrecht

Commentaar

Vandaag begint in de extra beveiligde rechtbank op Schiphol de strafzaak tegen vier verdachten van het laten verongelukken van vlucht MH17 op 17 juli 2014 en de moord op de 298 passagiers en bemanningsleden die daar aan boord waren. Het is een unieke zaak over een vreselijk misdrijf dat in Nederland maar ook in Australië en Maleisië diepe indruk heeft gemaakt. Hoofdzakelijk vakantiegangers, gezinnen met kinderen, op weg naar een tropisch paradijs. Opeens dodelijk slachtoffer van wat naar alle waarschijnlijkheid bedoeld was als een aanval op een (wel) militair doel. De wreedheid van deze moord op nietsvermoedende, nergens bij betrokken, volkomen willekeurige burgers en bemanningsleden, is ook zes jaar later nog met geen pen te beschrijven.

Alles dankzij een verkeerde doelselectie door een waarschijnlijk Russische luchtdoelbatterij op een obscuur Oekraïens strijdtoneel dat ver onder de vluchtroute van dit verkeersvliegtuig lag. Het onlangs eveneens bij vergissing neerhalen door Iran van een Oekraïens verkeersvliegtuig maakt achteraf deze toedracht alleen maar waarschijnlijker. Dat Iran wel en Rusland géén verantwoordelijkheid nam, maakt de zaak zo mogelijk nog bitterder. Het heeft de verhouding Rusland-Nederland vermoedelijk voor altijd getekend. MH17 gaat nooit meer weg.

Voor honderden nabestaanden is het leven na juli 2014 niet meer hetzelfde. Voor hen moet dit strafproces gerechtigheid brengen, waarheid en verantwoording. Maar of dat ook daadwerkelijk zal gebeuren is niet gegarandeerd. Er zijn terecht kosten noch moeite gespaard om, zoals premier Rutte destijds aankondigde, de onderste steen boven te krijgen en de verantwoordelijken in ieder geval voor de rechter te kunnen aanduiden. Want dat de gedagvaarden Igor Girkin, Sergej Dubinski, Oleg Poelatov en Leonid Chartsjenko zullen verschijnen, is niet aannemelijk. Dit wordt dus behalve een strafproces ook een uitspraak bij verstek. Een eventueel vonnis zal niet op afzienbare termijn worden uitgevoerd. Van uitlevering zal geen sprake zijn, de grondwet van Rusland en Oekraïne verbieden het. Het OM heeft er niet om verzocht.

Lees ook: In eigen ogen kán Rusland het niet gedaan hebben

Dat maakt van het MH17-proces in hoge mate een symbolische en mogelijk ook eenzijdige aangelegenheid. Of de klassieke doelen van het strafrecht zullen worden behaald is maar de vraag: vergelden, voorkomen van herhaling, afschrikken, beschermen van de samenleving. Bij een politiek zeer geprofileerd proces als dit, is dat nog veel meer de vraag. Rusland wijst alle verantwoordelijkheid vierkant af, werkte het onderzoek niet alleen tegen, maar probeerde het actief ook te saboteren. De verdachten weten zich aan alle kanten beschermd en halen de schouders op.

Het belangrijkste effect van dit proces, dat zeker tot eind maart volgend jaar loopt, zal dan ook waarheidsvinding moeten zijn. Eventuele praktische gerechtigheid moet komen uit wat er daarna politiek eventueel mee gedaan kan worden: compensatie, herstel, erkenning – mits Rusland daar ooit voordeel in zal zien. Als de Nederlandse rechtbank door het bewijs overtuigd raakt, dan ligt er vooral een vonnis van gewicht en moreel gezag. Er is een zeer uitgebreid, internationaal opsporingsonderzoek gedaan dat de toedracht met een hoge mate van waarschijnlijkheid heeft kunnen reconstrueren. Als dat na toetsing overeind blijft en het inderdaad een Russische BUK raketeenheid is geweest die de fout maakte, dan is er een streep getrokken. Meer dan de kracht van het gevelde oordeel heeft het strafrecht niet te bieden.