Met 1,3 miljard kocht ‘PSG’ alleen Franse heerschappij

Champions League Sinds de Qatarese overname won Paris Saint-Germain vrijwel elke prijs in Frankrijk. De Champions League bleek niet te koop. „Spelers lijken bang dat het wéér misgaat.”

De ingang van het Parc des Princes, het stadion van ‘PSG’ in Parijs.
De ingang van het Parc des Princes, het stadion van ‘PSG’ in Parijs. Foto Gonzalo Fuentes/Reuters

De enige Franse club die dit seizoen ook maar enigszins in de buurt wist te blijven van Paris Saint-Germain, zag zichzelf geen moment als uitdager in de strijd om het kampioenschap. Waarom zou Olympique Marseille ook? De titel ging toch wel naar Parijs, de andere clubs spelen maximaal om plaats twee.

Sinds Qatar Sports Investments (QSI) de club in 2011 overnam, won PSG 22 van de 33 Franse voetbalprijzen – 4 meer dan in de 41 jaar daarvoor. Vorig seizoen behield de club na drie verprutste kampioensduels nog altijd een voorsprong van zeventien punten op de nummer twee. De Ligue 1 bestaat uit twee competities, zei Marseille-coach André Villas-Boas: die van PSG én die van de negentien andere clubs.

Maar de ultieme droom, de Champions League, bleek niet te koop. Althans, niet voor de 1,3 miljard euro die Qatar al in de club investeerde. Woensdag dreigen de achtste finales voor het vierde opeenvolgende jaar het eindstation te worden, als ‘PSG’ in Parijs een nederlaag (1-2) tegen Borussia Dortmund moet goedmaken.

Nieuw tijdperk

Van middenmoter met degradatiezorgen transformeerde de club in ‘PSG 2.0’, zoals de club haar „nieuwe tijdperk” zelf omschrijft. Investeerders brachten PSG al eens naar de Franse top, maar na de eeuwwisseling speelde de club geen rol van betekenis meer. De overname door QSI – eigendom van de staat Qatar – veranderde dat en leverde naast sterren als Zlatan Ibrahimovic en David Beckham zes van de laatste zeven landstitels op. De club verloor slechts 34 van de laatste 331 competitiewedstrijden.

In Frankrijk wordt die dominantie niet door iedereen gewaardeerd, zegt journalist José Barroso. Hij volgt PSG sinds zes jaar voor de Franse sportkrant L’Équipe en ziet dat de Parijse hegemonie iedereen in en rond het Franse voetbal raakt: van fans en spelers tot trainers en pers. „Normaal gesproken weet je met voetbal nooit wat er zal gebeuren. Dat heb je nu niet meer.”

Anderzijds, zegt hij, beseffen supporters ook dat hun competitie zonder ‘Qatar’ internationaal weinig aanzien zou hebben. Tot 2011 ontbeerde de Ligue 1 een absolute topclub, twee keer won een Franse club een Europese hoofdprijs. Barroso: „Het is onmogelijk een grote club in Europa te zijn zonder dit economisch model.”

Voor Europees succes is veel geld nodig. In nog geen tien jaar gaf PSG circa 1,3 miljard euro uit aan nieuwe spelers, blijkt uit cijfers van de website Transfermarkt. Een derde daarvan ging naar twee spelers: Neymar (met 220 miljoen euro ’s werelds duurste transfer) en Kylian Mbappé (180 miljoen). De jaaromzet in Parijs verzesvoudigde het afgelopen decennium tot 635 miljoen euro.

Lees ook: Met Neymar kan PSG nog groter dromen

‘Remontada’

Na 2011 leek het winnen van de Champions League een kwestie van tijd. Maar hoeveel geld de Qatarese suikerooms ook investeerden, PSG kwam sindsdien niet verder dan de laatste acht. Dieptepunt in Europa was de ‘remontada’ van FC Barcelona in 2017. PSG won thuis met 4-0, maar verloor in Camp Nou met 6-1. Vorig seizoen ging het in eigen stadion in blessuretijd mis tegen Manchester United. Barroso: „Spelers lijken bang dat het wéér misgaat, dat zag je ook tegen Dortmund.”

Na de uitschakeling tegen Manchester United was het genoeg voor voorzitter Nasser Al-Khelaïfi. Er moest iets veranderen, want PSG „ging nergens heen”, zei hij vorig jaar in het magazine France Football. De Qatarees ontsloeg de technisch directeur, verantwoordelijk voor het transferbeleid, en uitte openlijk kritiek op het „sterrengedrag” van bepaalde spelers, zonder hen bij naam te noemen. „Ze zijn hier niet om plezier te hebben. Als ze het daar niet mee eens zijn, staat de deur open. Ciao!”

In eigen land bereikte Paris Saint-Germain deze maand de bekerfinale na een 5-1 overwinning op Olympique Lyon. Foto Benoit Tessier/Reuters

De vraag is hoeveel voortijdige uitschakelingen Al-Khelaïfi nog accepteert. Of mag hij blij zijn dat PSG überhaupt Champions League speelt? Javier Tebas, voorzitter van de Spaanse competitie, verzocht de UEFA meermaals om „de speelbal van een staat” uit te sluiten van Europees voetbal. Volgens hem vervalsen clubs als PSG het voetbal met „financiële doping”.

Wie zo makkelijk geld uitgeeft als PSG, weet dat de Europese voetbalbond met argusogen meekijkt. Rond PSG’s overname werd Financial Fair Play (FFP) van kracht, die regels dwingen clubs hun inkomsten en uitgaven in balans te houden. Daardoor moeten zij financieel gezonder worden en niet afhankelijk raken van miljoeneninjecties door investeerders.

FFP betekent dat eigenaren niet grenzeloos mogen investeren in hun club. De UEFA onderzoekt alle sponsorovereenkomsten van bedrijven waaraan een clubeigenaar is verbonden. De bond ziet erop toe dat de regels niet worden omzeild met deals tegen niet-marktconforme bedragen. Simpel gezegd: de UEFA trapt er niet in als clubs een reclamebord voor pakweg 20 miljoen euro verhuren.

PSG werd op dat punt in 2014 bestraft met een boete van 60 miljoen, waarvan 40 miljoen voorwaardelijk. Ook mocht de club vier spelers minder inschrijven voor de Champions League. Een milde sanctie, vergeleken bij de straf die Manchester City vorige maand kreeg opgelegd. De Britse club – ook in Arabische handen – is voor twee seizoenen uitgesloten van Europees voetbal.

Lees ook: De oorlogstaal van Manchester City tegen de UEFA

Toch is er twijfel of PSG zich aan de regels hield toen het 400 miljoen euro betaalde voor Neymar en Mbappé. Een financiële onderzoekskamer van de UEFA waardeerde in 2018 een aantal sponsordeals „aanzienlijk” af, maar desondanks zou PSG binnen de grenzen van FFP zijn gebleven. Het onderzoek werd gesloten.

5 of 100 miljoen euro

Niet iedereen binnen de UEFA was overtuigd van de Parijse onschuld, onthulde The New York Times vorig jaar. Twistpunt was een sponsordeal met de Qatar Tourism Authority, net als PSG eigendom van de Qatarese staat. Deze deal stond voor 100 miljoen euro in de boeken, terwijl een door de UEFA ingehuurde marketeer de waarde op nog geen 5 miljoen euro vaststelde. Desondanks werd het bedrag niet naar beneden bijgesteld.

In de ogen van José Narciso da Cunha Rodrigues, de Portugese voorzitter van de onderzoekskamer, was die beslissing „duidelijk onjuist”, aldus The New York Times. De onderzoekers zouden „geen enkele reden” hebben gegeven waarom zij het oordeel van hun eigen marketeer niet opvolgden.

De UEFA kondigde aan het onderzoek te heropenen, maar zo ver kwam het nooit. PSG ging in beroep en werd in het gelijk gesteld door het internationale sporttribunaal CAS. Volgens de eigen regels had de UEFA dit besluit binnen tien dagen na het eerste rapport moeten aankondigen, maar de bond deed dat pas na drie maanden.

„PSG-fans hebben het gevoel dat alles en iedereen tegen hen gericht is”, aldus José Barroso van L’Équipe. Volgens hem zien zij zichzelf als „slachtoffer” van Financial Fair Play, regels waarmee traditionele topclubs als Real Madrid en Juventus nieuwe concurrenten zouden willen tegenhouden. Barroso: „Hoe kan je zonder geld met hen concurreren? De meeste van deze clubs hebben grote schulden. Het is moeilijk te zeggen dat zij wél financieel gezond zijn.”

Correctie (10 maart 2020): in een eerdere versie stond dat Manchester City ook in Qatarese handen is. De club is eigendom van Abu Dhabi United Group uit de Verenigde Arabische Emiraten. Dit is aangepast.