Foto Layla Aerts

‘Ik heb de laatste acht dagen amper geslapen. Ik waak over mijn kinderen. Ben zo bang’

De Belgische fotograaf Layla Aerts begaf zich tussen de migranten die bij de Turkse plaats Edirne Griekenland proberen te bereiken. Ze worden door de Turkse politie naar de grens gebracht met de belofte dat ze Europa binnen mogen maar komen vast te zitten in een bufferzone tussen Griekenland en Turkije. Aerts, die tientallen migranten interviewde, noemt de situatie onmenselijk. „De Turkse politie houdt de pers op afstand. Als ze de migranten komen ophalen nemen ze hun GSM’s in beslag. Niemand mag zien wat er in die bufferzone gebeurt.”

Sadia (33) Foto Layla Aerts

Sadia (33): „Ik kwam hier naartoe met mijn familie, omdat de toestand in Afghanistan niet meer houdbaar is. Mijn man, ik, onze 6 kinderen, mijn ouders en mijn broer zijn nu twee maanden onderweg vanuit Kaboel. We zijn vier dagen in Edirne. Eergisteren kwam de Turkse politie om ons mee te nemen. We dachten dat ze goed waren, maar dat bleek niet zo te zijn. Ze waren heel brutaal. Ze brachten ons naar de bufferzone. Ze namen direct onze GSM’s af. Het was er verschrikkelijk. Ik heb weg kunnen lopen met mijn kinderen en mijn man. Mijn ouders en mijn broer zijn er nog steeds. We zijn diep geschrokken. We willen bij hen zijn maar gaan niet terug naar die plek. Ik vertrouw het daar niet. Ik durf niet te slapen voor de kinderen. We zijn zo moe.”

Fazlur Rahman (17) Foto Layla Aerts

Fazlur Rahman (17): „Ik heb vier broers en vijf zussen. Mijn oudste broer woont in Iran. De rest van de familie is nog in Afghanistan. We zijn bang voor de Taliban. Mijn broer is daar ondertussen gewond geraakt en mijn neef is gedood. Ik ben bang voor mijn gezin. Ik zit nu negen dagen vast in dit gebied tussen Turkije en Griekenland. Ik zag een kind sterven en zag mensen gewond raken. We slapen op de grond in de modder zonder beschutting. Vannacht regende het en was het zo koud dat we niet konden slapen. Eergisteren gooiden ze ’s nachts traangas waar we sliepen. We zijn nu op weg naar de winkel. We zijn illegaal uit de bufferzone gegaan want we hebben honger. We krijgen geen eten. Alleen voor vrouwen en kinderen is er iets geregeld, maar ook voor hen is er veel te weinig. We kunnen tot in Karaagac waar enkele winkels zijn. Verder komen we niet.”

Rakah (37) en Jasir (14). Foto Layla Aerts

‘Ik waak over mijn kinderen. Ben zo bang.’

Rakah (37) en Jasir (14): „Ik ben hier beland met mijn twee zonen. Hun vader is overleden. Mijn jongste zoon is nog in het kamp. Wij gaan eten kopen. We zijn uit de buffferzone geslopen en kunnen naar Karaagac waar enkele winkels zijn. Het is hier verschrikkelijk. We krijgen geen eten en slapen op de grond als beesten. We zijn hier tien dagen. Ik heb de laatste acht dagen amper geslapen. Ik waak over mijn kinderen. Ben zo bang. Gisternacht sliep ik niet. Er vielen gewonden door traangasbommen van de Griekse politie. Gisteren zei de Turkse politie tegen mijn zoon: van mij mag je hier sterven. Alsjeblief help ons. Vooral de vrouwen en de kinderen. We moeten hier dringend weg.”

Abdul (29) Foto Layla Aerts

Abdul (29): „We zitten hier in het busstation met onze drie kinderen. Mijn jongste dochtertje Jumana is anderhalf jaar oud. We wonen sinds zes jaar in Turkije. Ik verdien mijn geld door schoenen te lappen in de straten van Istanbul. We kwamen met de bus. We hoorden de verschrikkelijke verhalen en besloten naar Bursa te gaan tot de Griekse grens opengaat. We zijn zo moe… Ik mis een thuis.”

‘Ik ben gevlucht uit Teheran.
Ik wil in Europa studeren en sportdokter worden.’

Soheyl (25) Foto Layla Aerts

Soheyl (25): „Ik ben gevlucht uit Teheran. Ik wil in Europa studeren en sportdokter worden. Ik weet zeker dat ik er kom. Ik werd gisteren bekogeld met stenen.”

Foto Layla Aerts

Aisha (24) met haar man en drie kinderen. Foto Layla Aerts

Aisha (24): „Ik ben samen met mijn man en drie kinderen van een jaar en twee van vier. We zijn een maand onderweg geweest van Afghanistan tot Iran. Grotendeels te voet. Turkije doorkruisten we in vijftien dagen. De kinderen zijn moe en de jongste heeft koorts. ’s Nachts is het koud. We hebben gehoord wat er gebeurt aan de grens. Als je er belandt, kom je niet meer weg. Maar we kunnen ook niet terug naar huis. We hebben alles verkocht om tot hier te geraken. We zitten hier vast. De Turkse politie bracht ons tot aan de rivier (de grens met Griekenland, red.) met de belofte dat we naar Europa konden. Toen we de verhalen over de bufferzone hoorden, zijn we terug naar Edirne gekomen. We zijn vertrokken voor onze kinderen. We willen een betere toekomst voor hen. We willen geen geld of luxe. We willen werken en onze kinderen naar school laten gaan.”

Rahman (20) Foto Layla Aerts

Mahmed (21) Foto Layla Aerts

‘Zet aub de deuren open,
we gaan hier sterven’

Mahmed (21) en Rahman (20): „We kwamen elkaar tegen in Istanbul en zijn nu acht dagen te voet onderweg naar de Griekse grens. Ik heb een verminkte voet en heb verschrikkelijk veel pijn. Ik wil naar Europa om te studeren, zoals veel jonge Afghanen. In ons land sluiten de scholen. Universiteit en ziekenhuizen worden in brand gestoken. Na mijn studies wil ik terugkeren naar mijn land om onze mensen te helpen”, zegt Mahmed. Rahman vervolgt: „Gisteren heeft de politie ons verdreven van onze slaapplaats. We sliepen in een veld. Ze hebben ons geslagen en onze GSM afgenomen. Nu heb ik geen contact meer met mijn moeder en drie kleinere broers in Afghanistan. Gaan de grenzen open? Wat moeten we doen? De Turkse en Griekse politie behandelen ons als beesten. Ik kan het niet meer aanzien hoe ze vrouwen en kinderen behandelen. Ik voel me dood van binnen. Zet alstublieft de deuren open, we gaan hier sterven.”

Zehra (37) Foto Layla Aerts

Zehra (37): „Ik werd geboren in oorlog, heb nooit iets anders gekend. Het is genoeg geweest. We zijn vier jaar geleden gevlucht. We willen onze kinderen naar school laten gaan. Dat is voor ons het belangrijkste. We leefden drie jaar in Iran en een jaar in Istanbul in erbarmelijke omstandigheden. In Iran gingen ze naar een privéschool. Hun papa werkte er als lasser. Soms werd hij veel te laat of niet betaald maar het lukte net om hen naar school te sturen. De Turkse overheid gaf ons 1000 Turkse lira (145 Euro) voor ons gezin met zeven kinderen. Mijn man heeft zware leverproblemen. Sinds een maand genieten vluchtelingen niet langer van sociale zekerheid in Turkije. Daardoor kan hij zijn behandeling niet meer volgen en voelt hij zich ziek. Mijn oudste dochter Esma (11) is als beste van de klas geëindigd vorig jaar. We beloofden haar een nieuwe fiets maar dat is niet gelukt. We willen naar Europa om een beter leven te hebben. We durven niet naar het grensgebied want we hoorden van vrienden die gingen dat ze door de Turkse politie terug naar Afghanistan gestuurd zijn. Overdag is het hier veilig omdat er journalisten aanwezig zijn maar ’s nachts is het hier verschrikkelijk. Gisternacht wilden ze ons in bussen laden naar het grensgebied. Ze trokken onze kinderen uit hun bed. Toen een filmploeg kwam opdagen, zijn ze vertrokken. We zijn bang wat er ons vannacht te wachten staat. We slapen amper. De kinderen zijn moe en ziek. Vertel alstublieft ons verhaal aan de wereld. Toon onze situatie. Onze kinderen moeten een toekomst hebben. We hoorden dat Europa de mensenrechten respecteert. Tot nu toe zagen we alleen geweld.”