Reportage

De ‘verkenner’ van Purmerend ziet buiten al hoe je je huis verwarmt

Warmtevoorziening Purmerend wil als een van de eerste gemeenten volledig gasvrij zijn en inventariseert wat daarvoor nodig is. Op pad met ‘Sherlock’ Rutte in de wijk Overwhere.

John Rutte, technische medewerker van het gemeentelijk team Gasvrij Purmerend.
John Rutte, technische medewerker van het gemeentelijk team Gasvrij Purmerend. Foto Olaf Kraak.

Zoek de verschillen. Aan de Scheldestraat in Purmerend staan vijf duo’s twee-onder-een-kapwoningen naast elkaar, en ze ogen identiek – dezelfde kleur grijsbruine bakstenen, allemaal een schuin dak, telkens een parkeerplek naast de voordeur.

Maar voor John Rutte, technisch medewerker van het gemeentelijke team Gasvrij Purmerend, is het aanwijzen van de verschillen een makkie. „Kijk maar eens naar de voordeuren – bij het ene blok beginnen ze bij de gevel, bij het blok ernaast zitten ze wat meer naar binnen, onder een afdakje. En de dakgoten zijn verschillend bevestigd, eentje recht en de rest schuin.”

De verschillen zijn voor Rutte van groot belang, want hij moet bedenken hoe deze woningen op een warmtenet kunnen worden aangesloten. Purmerend wil als een van de eerste gemeenten van Nederland compleet aardgasvrij worden, en nu moet de wijk Overwhere-Zuid – waartoe de Scheldestraat behoort – over op stadsverwarming. Daarvoor is bijna 7 miljoen euro aan rijkssubsidie beschikbaar.

De 55-jarige Rutte, al dertig jaar bij de gemeente werkzaam, is verkenner en technisch brein van het team dat Gasvrij Purmerend in goede banen moet leiden. Hij loopt door de straten waar de bijna 1.300 woningen van het gas af moeten en zoekt als een zelfbenoemde „Sherlock Holmes” naar technische obstakels. „Het is geen hogere wiskunde, maar je moet wel goed kunnen puzzelen. En soms moet je een beetje creatief zijn”, zegt hij.

Vooral moet je weten wat je zoal ziet en wat dat betekent, zegt Rutte als hij rondleidt door de wijk. Huizen met de voordeuren naar binnen, zo weet hij, hebben naast de voordeur een toilet. Daar kan geen elektriciteitskast geplaatst worden. En onder schuine dakgoten is het makkelijker een stijgleiding aan de voorgevel te plaatsen dan onder de rechte dakgoten.

Schoorstenen

In de wijk staan veel verschillende typen woningen: appartementencomplexen, rijtjeshuizen, bungalows en twee-onder-een-kappers. Voor Rutte is het een sport van buitenaf te kunnen inschatten wat voor warmtevoorzieningen in deze woningen zitten. Zoveel ervaring heeft hij inmiddels dat hij dit geregeld aan de schoorstenen kan afleiden. „Die zwarte pijpjes op het dak”, wijst hij, „die zijn er voor hr-ketels”. Witte leidingen aan de buitenkant van een huis betekent waarschijnlijk een airco, legt hij uit, „en de zilvergrijze pijpjes heb je nodig voor een verouderde vr-ketel of een geiser.”

Van wat hij ziet, maakt Rutte aantekeningen op een plattegrond in een plastic map die hij bij zich draagt. Van 95 procent van de grondgebonden woningen in de wijk weet hij wat hij kan verwachten. „Alleen bij appartementen moet ik echt naar binnen”, zegt hij. „Daar zie je niks van buiten.”

Kapitale blunders

Op kantoor worden Ruttes aantekeningen gecombineerd met een inventarisatie van de woningen van binnenuit. In overleg met collega’s van het warmtenet worden die data uitgewerkt tot plannen hoe de woningen van het gas af kunnen.

Daarbij heeft Ruttes werk al een aantal keer bijgedragen aan het voorkomen van kapitale blunders. Bijvoorbeeld toen het plan geboren werd om heet water van het warmtenet rechtstreeks de radiatoren van de woningen in Overwhere-Zuid in te laten lopen – een normale praktijk bij nieuwbouwwoningen. Bij oude leidingen kan dat rampzalig zijn, zegt Rutte. „De hitte, het hoge mineraalgehalte – die hadden de oude leidingen kapotgemaakt. En als zo’n leiding lekt, houdt het warmtenet niet op met stromen.”

Hij bedacht samen met een collega van het warmtenet een oplossing: dubbele warmtewisselaars die de hitte van het warmtenet op zowel het kraanwater als op de verwarming overbrengen. „Ik zeg wel eens voor de grap”, zegt Rutte, wijzend naar zijn grijze haar, „dit zilver is goud waard.”

Daarna begint deel twee van Ruttes werk: bewoners overtuigen het plan van de gemeente te accepteren en van het gas af te gaan. „Ik kan wel een technische oplossing bedenken, maar die leiding komt straks bij jou achter de voordeur”, zegt hij. „Dus je moet de bewoners op sleeptouw nemen, en hun vertrouwen winnen.”

Hoewel hij daarvoor ook op huisbezoek gaat, heeft hij vaak al eerder kennisgemaakt met de bewoners, gewoon op straat. „Ik sta meestal wel even te kijken naar een huis terwijl ik aantekeningen maak. Dan zie je al gauw de gordijnen bewegen.” Een mooi moment om het eerste contact te leggen, zegt hij. „De mensen denken toch vaak: wat is die man nou aan het doen?”