Recensie

Recensie Beeldende kunst

De lijn was voor Matisse en Picasso een artistieke kwestie

Tentoonstelling Beauty is a line toont hoe Picasso en Matisse in slechts lijnen een portret konden neerzetten dat niet langer de realiteit hoefde vast te leggen. Het Rijksmuseum Twenthe heeft een digitale expositie geopend.

Pablo Picasso, ‘De Stier’, 1946. In elf litho’s kleedde Picasso in 1945 en 1946 stapsgewijs de beeltenis van een stier uit tot de meest essentiële lijnen. De beeltenis blijft geloofwaardig en intussen hebben de spaarzame lijnen een eigen verbeeldingskracht.
Pablo Picasso, ‘De Stier’, 1946. In elf litho’s kleedde Picasso in 1945 en 1946 stapsgewijs de beeltenis van een stier uit tot de meest essentiële lijnen. De beeltenis blijft geloofwaardig en intussen hebben de spaarzame lijnen een eigen verbeeldingskracht. Rijksmuseum Twenthe

Het verschil tussen een sierlijke en een aanstellerige lijn in de kunst is gevaarlijk dun, en kunstenaars weten dat. Neem een lijn met een golfje erin, wanneer is dat sensuele elegantie en wanneer wordt het aanstellerig? Of, om een heel andere lijn te noemen, de rechte streep, wanneer is deze betekenisloos en wanneer wordt het robuust of juist spiritueel? Het lijken futiliteiten maar in de moderne kunst, die van less is more, zijn dit sinds jaar en dag dilemma’s. Dat gold onder anderen voor Picasso en Matisse, de hoofdrolspelers in een groepstentoonstelling over lijnen nu in het Rijksmuseum Twenthe. Fysiek gesloten is de tentoonstelling nu online te bekijken: een aaneenschakeling van foto’s, teksten en filmpjes waarin je Matisse en Picasso van dichtbij aan het werk ziet. Ook de catalogus is deels op de website te lezen.

Geen gek idee, een tentoonstelling over lijnen. Net als vlakken, leegte of ruimte kon de lijn vorige eeuw een fundamentele artistieke kwestie worden dankzij de opkomst van de fotografie. Die bevrijdde de beeldende kunst van zijn hoofdtaak om de realiteit vast te leggen. Daardoor konden bijzaken – zoals discussiëren over lijnvoering – het zomaar tot hoofdtaak schoppen. Deze tentoonstelling laat zien hoe Picasso en Matisse beiden in slechts lijnen een lichaam of portret konden neerzetten, en tegelijk die lijnvoering een eigen zeggingskracht konden geven, een eigen beeldende kwaliteit, los van die verbeelde realiteit.

Henri Matisse, ‘Fee met glinsterende kap, aandenken aan Mallarmé’, 1933. Op zaal in het museum leek deze droge naald ets van veraf een leeg blad, zo dun zijn deze contourlijnen. Matisse bevrijdde deze van hun beschrijvende rol: de contouren van de lippen bijvoorbeeld eindigen niet in een hoek, maar wapperen vrijuit en verbeelden zo vooral een ragfijne elegantie.© Succession Henri Matisse, co Pictoright Amsterdam 2019Beelden Rijksmuseum Twenthe Rijksmuseum Twenthe

Schoksgewijs

Beter nog dan op zaal zie je in deze mooi gemaakte online rondleiding beide meesters en anderen naast elkaar op je scherm, en kun je de lijnvoering van heel dichtbij vergelijken. Matisse in heel dunne elegante lijnen, die van Picasso meer bruusk. Met zijn kubistische achtergrond ontleedde hij hoofden of plaatste hij lijnen boven op vlakken. Van zijn Balzac uit 1952 met rondwapperende lijnen zou hij zelf geschrokken kunnen zijn – de moderne kunst kwam schoksgewijs tot stand, soms ook voor de makers.

Linksom of rechtsom leverde dit geëxperimenteer vorige eeuw nieuwe beelden op, waar lijnen bijvoorbeeld pure sierlijkheid uitdragen of paden vormen naar gene zijde. Zie Thorn Prikker, Jan Toorop en vooral Jacoba van Heemskerck: lijnen die zo niet-fotografisch zijn, zo niet-naturalistisch, transcendentale verbindingen met een veel spiritueler realiteit die we niet kunnen zien maar waarvan deze kunst ons belooft: ze bestaat, kijk maar.

Pablo Picasso, ‘Vrouw met halsketting’, 1947. De neus is typisch Picasso, de rondingen in het kapsel zijn als die van Matisse. Wie de tekeningen van beide meesters vergelijkt, krijgt af en toe het gevoel dat een van de twee gespiekt heeft – maar wie, dat is de vraag. Waarschijnlijk beiden.Beeld Rijksmuseum Twenthe Rijksmuseum Twenthe

Bevrijde kunst

Misschien was dat wel de ultieme belofte van de door fotografie bevrijde kunst, zo’n link met andere realiteiten dan de zichtbare variant om ons heen. Toch is dat een andere benadering dan die van Picasso en Matisse, en dat maakt de tentoonstelling soms wat onduidelijk. Decoratie naast symbolisme naast kubisme naast, o ja, Constant met zijn plexiglas toekomstvisioenen – dat is erg appels met peren, vergelijkingen die niet altijd overtuigen.

Maar dát er zo veel appels en peren kwamen, ook dat komt deels door de fotografie: bevrijd kon de kunst ineens alle kanten op en dat is hier te zien – het expressionisme van Kirchner, grafische posterkunst en een recent kinetisch object van Zoro Feigl die een zaalvullende lijn non-stop laat dansen: in Twenthe een museumzaal, online in een filmpje van een industriële hal.

In de bevrijde kunst mag alles. Dan is het aan de kijker om de parels te ontdekken en behalve Picasso of Matisse is dat vooral Van Heemskerck, met meerdere doeken vertegenwoordigd. Kleurige bomen in elkaar overlappende lijnen worden op haar schilderijen poortwachters van een heel andere wereld. Alles zo zinderend geschilderd, zijn ze een ultieme consequentie van wat kunst kan doen. Zulke beelden, dan is de bevrijding compleet. Hier heeft de fotografie het nakijken.

Aanvulling: In verband met de sluiting van de musea is dit een geupdate versie, waarin meer aandacht is voor wat er on line is te zien

Correctie 8 april 2020: Dit artikel is aangepast vanwegde de sluiting van het museum.