Recensie

Recensie Muziek

Zangeres Adrianne Lenker van Big Thief is de nieuwe koningin van de rock-’n-roll

De Amerikaanse band Big Thief gaf een concert van de buitencategorie. Paradiso lag aan hun voeten bij hun songs over dromen en leugens in een wolk van feedback.

Adrianne Lenker van Big Thief
Adrianne Lenker van Big Thief Foto Lotte Schrander

Big Thief uit Brooklyn is niets minder dan intens, intens, intens. Superlatieven schieten tekort voor de band van zangeres en gitariste Adrianne Lenker. Ze zingt, onvast, over dromen, leugens, de kus die haar de afgrond in dreef. Ze klinkt als een meisje van twaalf, dan weer als de vrouw van 28 die ze is. Kwetsbaar, zoekend, volwassen.

Op het podium is ze een folkie, een rocker, een geweldenaar met een loeiende gitaar om haar schouders. Alsof ze het zelf niet kan helpen. Big Thief is live nog beter dan op de plaat. En dat wil wat zeggen, want vorig jaar scoorde het viertal groots met twee albums in de toptien van de internationale jaarlijsten.

Wat de indiefolkrockers nu op het podium in Amsterdam laten zien is van de buitencategorie. Op het eerste gezicht oogt Big Thief als een gewone rockband, met een gitarist, een drummer, een bassist en een zangeres die de pannen van het dak laat kletteren. „Please wake up,” zingt Lenker dwingend in ‘Shoulders’, „het bloed van de man die mijn moeder heeft vermoord stroomt door mijn aderen.”

Durf het maar eens te zingen, zo’n heftige tekst. Paradiso lag aan haar voeten, bij akoestische liedjes en een Neil Young-achtige uitbarsting van gitaargeweld in ‘Not’. Big Thief speelt virtuoos met de dynamiek tussen zacht en hard. Het schijnbaar lieve liedje ’Orange’ gaat over leugens, leugens, leugens.

Adrianne Lenker legt haar nek op de guillotine en haalt zelf de hendel over. Ze keert zich naar haar versterker, beukt een paar keer op haar snaren en hult zich in een verzengende wolk van feedback. Ze is de nieuwe koningin van de rock-’n-roll.